De jongen die in de hemel was
2014-07-12
Een paar maanden voordat hij 4 jaar wordt, belandt Colton Burpo in het ziekenhuis met een doorgebroken blindedarmontsteking. Tijdens de risicovolle operatie zweeft hij op het randje van de dood. Een film en een boek vertellen hoe hij op dat moment in de hemel was en Jezus ontmoette.- Jaargang 58
- nummer 14
Over het waargebeurde verhaal van Colton Burpo verscheen het boek Heaven is for real, in Nederland uitgebracht onder de titel De jongen die in de hemel was. Sinds april dit jaar is het verhaal als film te zien in Amerikaanse bioscopen en vanaf 30 september is de film ook in Nederland te zien.
Stiften
Na zijn operatie begint Colton tussen neus en lippen door van alles en nog wat over Jezus te vertellen.
Als zijn ouders zich ernstig zorgen maken over de gezinsfinanciën na de lange ziekenhuisopname van hun kind vindt Colton dat het ziekenhuis beslist betaald moet worden, want, zegt hij: ‘Jezus heeft de dokter gebruikt om mij beter te maken.’ Dat kan nog passen bij de manier waarop er thuis over Jezus en over het geloof gesproken wordt. Maar als hij ruzie heeft gemaakt met een vriendje en het weer goed moet maken van zijn vader, stemt Colton daarmee in, ‘want Jezus heeft tegen me gezegd dat ik lief moet zijn’.
Pas na vier maanden beseffen zijn ouders dat hem iets bijzonders is overkomen. Dan gaan ze hem subtiel uithoren en slaan ze steil achterover van alles wat hij vertelt. Allerlei grote en kleine details komen in de maanden die volgen naar boven.
Over Jezus die stiften heeft – stel je de handen van een vierjarig kind voor dat met rode stiften heeft gespeeld, en je snapt dat hij de wonden in Jezus’ handen en voeten bedoelt.
Over het zusje dat Colton ontmoet heeft – naar de hemel gegaan door een vroege miskraam, zo vroeg dat Coltons vader en moeder niet wisten dat het om een meisje ging.
Behalve zijn zusje heeft hij ook zijn opa ontmoet, die al gestorven was voordat hij was geboren. Eindeloos kan Colton vertellen over zijn tijd in de hemel. Terwijl hij er naar eigen zeggen maar drie minuten geweest is; tijd werkt blijkbaar anders in de hemel.
Genezing
De jongen die in de hemel was is bijzonder. Niet in literair opzicht, maar die pretentie heeft het ook niet. Ik las het in de week nadat ons eigen kleinkind, nog zo klein dat je niet kon weten of het een jongetje of een meisje was, naar de hemel ging.
Colton beschrijft de hemel heel realistisch als een fantastische plek waar alles draait om Jezus, waar alles en iedereen letterlijk en figuurlijk gaaf is. Dat is in lijn met de Bijbel en heel troostrijk.
Veel van wat Colton vertelt, klopt trouwens met wat er in de Bijbel staat. Coltons vader Todd, die predikant is en de auteur van het boek, weet veel van wat zijn zoon verteltaan Bijbelpassages te verbinden, pas sages die doorgaans niet voorkomen in kinderbijbels. Sonja, Coltons moeder, zegt bijvoorbeeld een keer tegen hem: ‘Dat is vast het enige aan de hemel wat je niet bevallen is: ze hebben er geen zwaarden.’ Colton reageert nogal fel: ‘Er zijn wél zwaarden in de hemel!’ En hij vertelt dat de engelen zwaarden dragen om Satan uit de hemel te houden. Grappig is wat er volgt: ‘Zeg Colton, je hebt zeker gevraagd of je ook zo’n zwaard mocht hebben?’ vraagt zijn vader hem, waarop hij antwoordt: ‘Ja, maar dat wilde Jezus niet. Hij zei dat ik te gevaarlijk zou zijn’.
Todd gaat op zoek naar wat hij in de Bijbel kan vinden over Satan, engelen en de hemel en komt dan op teksten als Lucas 10:18 en Daniël 10:13.
Achter in het boek staan ook de andere Bijbelteksten die Todd verbindt met wat Colton vertelt.
Bijna-doodervaring
Natuurlijk rijzen er bij dit boek allerlei vragen over de details waar we vanuit de Bijbel juist níet van op de hoogte zijn. De vraag ‘hoe zag Jezus eruit?’, iets waar de Bijbel over zwijgt, houdt de familie Burpo lange tijd bezig (zie kadertekst).
Coltons verhaal lees ik als authentiek, maar als een bron zonder autoriteit.
Het boek is daar zelf ook wel genuanceerd over. Een moeder van een doodgeboren kindje wil heel graag weten of haar dochtertje in de hemel is en komt dat op een gegeven moment aan Todd en Colton vragen. Todd trapt niet in de valkuil.
Hij vraagt niet aan Colton of hij dat kindje is tegengekomen, maar redeneert vanuit Gods liefde voor zijn kinderen naar het antwoord toe: u mag er zeker van zijn dat uw kindje in de hemel is. Zolang je het boek geen voorrang geeft boven de Schrift – zolang je niet op grond van dit boek zegt: nu weet ik hoe het er in de hemel aan toegaat – kun je de bemoediging en troost die het biedt wel dankbaar aanvaarden.
Moeilijker wordt het als je Coltons ervaring probeert te duiden. Zogenoemde bijna-doodervaringen komen wel meer voor. Iedereen die ze meemaakt, christen of niet, lijkt min of meer hetzelfde te zien: vaak een soort licht aan het einde van een tunnel en iemand die hen tegemoet komt. Neurologen beweren daarom dat er sprake is van niet meer dan elektrische en chemische reacties van het stervende brein. Christenen zijn dan ook lange tijd sceptisch geweest, en veelal terecht, want het kan niet zo zijn dat iedereen dezelfde positieve ervaring heeft.
Mark Galli, theoloog en redacteur van het Amerikaanse tijdschrift Christianity Today, wijdde anderhalf jaar geleden een uitgebreid artikel aan wat hij noemt ‘bezoeken aan de hemel’. Hij schrijft: christenen geloven toch dat er meer is dan deze aarde en hoeven de mogelijkheid dat iemand een hemelse ervaring heeft dus niet op voorhand af te wijzen.
Noem het een wonder – wonderen gebeuren ook vandaag.
Opvallend is wel dat er juist in deze tijd veel belangstelling is voor het verschijnsel. Galli verklaart dat als volgt: in de seculiere samenleving, die de materiële werkelijkheid als de enige beschouwt, zoekt het in alle mensen aanwezige verlangen naar het spirituele een uitweg. Maak van de belangstelling voor het spirituele, in wat voor vorm dan ook, gebruik door mensen in aanraking te brengen met het Evangelie.
Paradijs
Het is wel bijzonder dat Paulus ook zoiets als een hemels visioen of wellicht een bijna-doodervaring beschrijft in 2 Korintiërs 12:2-4: ‘Ik ken een volgeling van Christus die veertien jaar geleden tot in de derde hemel werd weggevoerd – in zijn lichaam of buiten zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen.
Maar ik weet dat deze man – in zijn lichaam of zonder zijn lichaam, dat weet ik niet, dat weet God alleen – werd weggevoerd tot in het paradijs en dat hij daar woorden hoorde die door geen mens mogen worden uitgesproken.’ Maar het slaat nergens op om op grond van bijna-doodervaringen of bezoeken aan de hemel te concluderen dat er dus inderdaad een hemel is. Uit reviews van de film op christelijke blogs lijkt het erop dat de filmmakers dat juist wel als rode draad hebben gekozen: twijfelende dominee Todd, die door wat zijn zoon vertelt overtuigd raakt van het bestaan van de hemel.
Om zeker te weten dat de hemel bestaat, hoeven we niet onze toevlucht te nemen tot boeken als De jongen die in de hemel was; het is dan ook een goede keus van de Nederlandse uitgever om de Amerikaanse titel overboord te zetten. Wel vreemd is dan weer de aanbeveling op de cover, ontleend aan The New York Times: ‘Dit boek stelt elke cynicus buiten gevecht.’ Jezus getuigde van de hemel en zijn opstanding uit de dood en zijn hemelvaart onderstrepen dat getuigenis: de dood heeft niet het laatste woord. Tegen één van de misdadigers die met Hem gekruisigd werden, zei Hij: ‘Ik verzeker je: nog vandaag zul je met mij in het paradijs zijn’ (Lucas 23:43). Dat geldt voor iedereen die zich vroeg of laat in zijn leven aan Hem vastklampt.
De hemel bestaat namelijk echt.
Todd Burpo en Lynn Vincent, De jongen die in de hemel was. Barneveld (Vuurbaak), 2013. Oorspronkelijke titel: Heaven is for real.
Heleen Sytsma-van Loo is neerlandicus en eindredacteur van De Reformatie.
Hoe ziet Jezus eruit?
Colton vertelt na zijn bezoek aan de hemel honderduit over Jezus; het is duidelijk dat alles daar om Hem draait. Zijn ouders maken er een soort spelletje van om bij alle afbeeldingen van Jezus die ze tegenkomen aan Colton te vragen: zag Hij er zo uit, wat klopt er, wat niet? In drie jaar tijd vinden ze geen enkele afbeelding die overeenkomt met hoe Colton zich Jezus herinnert. Tot iemand hen op het spoort zet van Akiane Kramarik, een Litouws-Amerikaans meisje uit Idaho, inmiddels 20 jaar oud. Akiane is een waar wonderkind, dat zichzelf onder andere heeft leren schilderen. Al sinds haar vierde heeft Akiane ‘visioenen uit de hemel’. Als Coltons vader een CNN-reportage over haar bekijkt, komen er door Ariane geschilderde portretten van Jezus op zijn beeldscherm. Hij roept Colton erbij, laat een afbeelding van Jezus zien en vraagt, zoals hij al drie jaar regelmatig doet: ‘Wat mankeert hieraan?’ Zijn zevenjarige zoon draait zich naar hem om en zegt: ‘Pap, dit is Hem!’ ‘We waren ervan overtuigd dat geen enkele afbeelding recht kan doen aan de majestueuze persoon van de herrezen Christus’, schrijft Todd Burpo. ‘Maar na drie jaar lang afbeeldingen van Jezus te hebben bekeken, zagen we nu een schilderij dat niet alleen afweek van de gebruikelijke prenten, maar ook Colton als aan de grond genageld had doen staan’ (p. 183).
Zie voor meer informatie over Akiane Kramaris haar eigen website www.akiane.com. Het doet allemaal nogal commercieel aan en de prijs voor de originele schilderijen begint zo’n beetje bij 10.000 dollar, maar als je doorzoekt onder de knop ‘About’ kun je ook wel wat nuchtere informatie over haar levensloop vinden.