Inspirerende offers (1) - Vurige toewijding
2005-09-23
Ontmoeting- Jaargang 49
- nummer 18
Het gaat de komende weken over de offers (Leviticus 1-7). Wat roept dat bij je op? Heb je de neiging verder te lezen, of zou je liever willen overstappen naar iets anders? Vraag met elkaar Gods zegen voor goede gesprekken.
Bezinning vanuit de Bijbel
• Lees Leviticus 1. Deel je eerste indrukken. Wat spreekt je aan, wat roept vragen op, waar zou je meer over willen weten?
• Besef op welk moment van de geschiedenis de instructies van Leviticus gegeven worden. Na de verbondssluiting en de bouw van de tabernakel (zie Exodus). De HEER is getrouwd met zijn volk, en wil met haar wonen. Een haast onmogelijke relatie: de heilige God met een onheilig volk. Hoe kan dat goed gaan? (vgl. Jesaja 6:1-7, 1 Timoteüs 6:16) Gelukkig, God helpt met omgangsregels!
• Direct in het eerste vers kijk je altijd in het hart van de HEER. Insteek is niet: de tabernakel staat er, en nu móeten jullie offers brengen. Nee, Hij die zijn volk als geen ander kent (Deuteronomium 9:5,6) veronderstelt een positieve houding: als jullie offers wíllen brengen, doe het dan zus of zo. Milde handen, vriendelijke ogen, zijn bij God van eeuwigheid (Psalm 25). Kun je God begrijpen?
• Het is opvallend dat de offerthora van Leviticus 1-7 begint met de brandoffers. Je zou toch eerder de zond- of schuldoffers verwachten. Niet de verzoening zelf, maar de dank voor de verzoening gaat voorop. Anders gezegd: niet dat je verlost moet worden, maar dat je verlost bent! Niet schuld, maar dank mag de boventoon voeren in je leven. Wat wil het zeggen dat God zelf het initiatief voor het brengen van de brandoffers neemt? (Leviticus 9:24)
• Ga na welke eisen er aan de offerdieren (geen mensen!) gesteld werden. Ze werden totaal verbrand, weggegeven aan God. Symbool voor volledige en vurige toewijding aan God. Ik ben zo blij met U, daarom wil ik me geheel en al aan U toewijden. Wat betekent het dat dit vuur voortdurend moet blijven branden? (zie Leviticus 6:1-9) Hoe geef je dit vorm in je dagelijks leven?
Slot
De offers wezen vooruit naar het offer van Jezus Christus (Hebreeën 9:11-15). Voor ons is de offerdienst niet geheel voorbij (Romeinen 12:2). En we kunnen door onze priester Jezus Christus ononderbroken (!) lofoffers brengen aan God (Hebreeën 13:15). Bijvoorbeeld met Psalm 50:7 en 11, Gezang 259 of Opwekking 273.
| Offeren, is dat niet wat voor anderen? Ja, dat zou je haast denken. Je brengt het toch eerder in verband met andere godsdiensten. Ik moest denken aan de foto van dat echtpaar uit India. Hun dochtertje was verdwenen door de verschrikkelijke tsunami. Maar op een dag was er een meisje gevonden, waarvan de ouders onbekend waren. Veel mensen meldden zich. Oók dit echtpaar. DNA-onderzoek moest eraan te pas komen om vast te stellen wie de èchte ouders waren. En toen zij het kind toegewezen kregen, konden ze hun geluk niet op. Ze liepen alle Hindoe-tempels af om de goden te bedanken en te eren. Een stroom van offers. |