In memoriam ds. Johan Janse (1932-2005)
2005-11-04
Ik zal U loven met een oprecht hart als ik uw rechtvaardige voorschriften leer.- Jaargang 49
- nummer 21
Psalm 119:7 Op zaterdag 22 oktober 2005 heeft de HERE tot zich genomen Johan Diedrich Janse, dienaar van Gods Woord. Dat zijn gezondheid broos en kwetsbaar was, wisten we. Hij was niet zonder reden vervroegd met emeritaat gegaan. De laatste jaren moest hij door diepe dalen trekken, maar steeds kwam hij er weer bovenop.
Wonder boven wonder. Tot zijn nieren het begaven, en hij op het laatst verlangde heen te gaan. En God zich over hem ontfermde: een oude, uitgediende en ontbladerde boom zoals hij zichzelf op het laatst beleefde.
Maar wèl een boom die op zijn tijd veel vrucht heeft gedragen en nog zal dragen, zeg ik er dan achter aan.
Liefde voor het Woord
Johan Janse werd op 12 januari 1932 geboren te Biggekerke. Het Zeeuwse dorp dat in onze kringen onlosmakelijk geassocieerd wordt met zijn vader, de bekende onderwijzer A. Janse die er zijn woon- en werkplaats had. Die heeft met zijn boeken en geschriften veel voor anderen betekend, maar natuurlijk in de eerste plaats voor zijn eigen kinderen. Zo ook voor Johan: als vader thuis maar ook als meester in de klas. Aan zijn hand kreeg hij oog voor het wonder van het gewone leven, ontzag voor Gods grote schepping en liefde voor zijn Woord. Het kreeg bij Johan een eigen kleur in zijn leven en in zijn preken. Zo herinner ik me een preek over Psalm 19, vlak na een vakantie. Je kon gewoon aan alle kanten horen, dat hij genoten had van wat hij allemaal gezien en beleefd had. Wat hebben we een machtige Schepper, en wat heeft Hij het bijzonder gemaakt! Maar hij had ook zicht- en hoorbaar zin om een nieuw seizoen lang weer bezig te zijn met Gods Woord. Want dat Woord had zijn hart gestolen.
Daarom ook wilde hij predikant worden. Om dat Woord door te geven.
Kort na zijn vaders overlijden in1960 is Johan Janse zijn werk als predikant begonnen in Surhuisterveen-Opende.
De zestiger jaren waren ook in kerkelijk opzicht turbulente jaren. Als kleine jongen had hij na de oorlog meegemaakt hoe zijn vader onrecht was aangedaan, juist ook door kerkmensen.
Hoe hij niet begrepen en zelfs verguisd werd. Nu maakte hij als beginnend predikant mee hoe kerkmensen trouwe dienaars van het evangelie kapotmaakten. In de classis Kampen maakte hij als predikant van Marknesse (1964-1971) de heilloze strijd mee, waardoor broeders van elkaar vervreemdden. Hoe ook dat kerkverscheurende gebeurde dat mensen niet meer aan het evangelie, maar aan allerlei denkschema’s, theorieën en personen gebonden werden.
Hij heeft zich ingespannen om de kerkgemeenschap bijeen te houden, maar tot zijn verbijstering bleek het tij niet te keren. Er was misschien ook meer aan de hand. Zou de Here ons hierdoor iets willen zeggen? Zou Hij ons, gereformeerden, die het altijd zo goed denken te weten (voor anderen) klein willen maken? Ook de gemeente van Marknesse werd gescheurd.
Het heeft hem diep gewond, dat mensen hem de rug toekeerden omdat hij geen betrouwbare herder meer zou zijn. Maar ook heeft het hem blijvend afhankelijk gemaakt van Hem die rechtvaardig oordeelt. ‘Je kunt wel uitgewist worden uit het boek van de mensen. Dat je ook in de ogen van kerkmensen niet meer meetelt, en uitgeschreven bent. Als je naam maar staat in het boek des levens. Dáár gaat het om. En bij het oordeel zullen “levende” kerkleden verbaasd staan te kijken.’
Pastorale zorg
Zó kon hij aan het werk blijven.
Zachtmoedig en vertrouwenwekkend.
Na Marknesse ook in de gemeente van Haarlemmermeer Oostzijde (1971-1977), en tenslotte Den Haag (1977-1989). Daar heb ik hem in 1977 leren kennen als predikant. Wat kon hij de Schriften openen! Alleen al door de wijze waarop hij ze voorlas. Maar ook door de wijze waarop hij ze uitlegde.
Daar besteedde hij veel zorg aan. Hij hield niet van verhaaltjes, wèl van studeren.
Dat was het Woord van zijn Heer toch ook waard? En wat hij dan liet horen was ook het Woord van zijn Heer, gericht op de situatie van de gemeente waaraan hij verbonden was. Want de mensen gingen hem ter harte, en hij sprak ze gedreven en indringend toe. Dat raakte je, en het Woord van zijn Meester liet je niet meer los!
Dat is ook de reden dat meerderengegrepen door zijn prediking - óók predikant wilden worden, en zich voor de studie meldden bij het Nederlands Gereformeerd Seminarie. Daar heeft ds Janse meer dan 25 jaar lesgegeven in het Nieuwe Testament. Zijn colleges boeiden van begin tot eind. Je kon gewoon merken dat het zijn lust en zijn leven was om samen de Schrift te lezen. Bijbellezen met de klas, zo noemde hij het zelf ooit. Echt iets voor hem om dat zó te zeggen. Geen dure woorden, niet teveel pretenties, maar gewoon je Bijbel lezen en daarom zo bijzonder! Want daarin spreekt de Here tot je. Zijn eerbied en zijn liefde voor Hem spraken boekdelen.
Ds Janse was gezegend met een scherp verstand, veel talenkennis en hij was goed op de hoogte van oude èn actuele theologische literatuur.
Maar hij hield niet van polemiseren en vakkundig weerleggen, liever was hij positief aan het werk. Om dat Woord zèlf te laten spreken dat levend, krachtig en scherp is (Hebreeën 4:12). Janse betrad niet de gangbare wegen, zoals je die in de theologische handboeken en commentaren tegenkomt. Wie iets van zijn eigensoortige insteek wil weten raad ik aan zijn afscheidscollege bij de opening van het studiejaar 2002-2003 van het Nederlands Gereformeerd Seminarie te lezen en te bestuderen: Pastorale zorg – het karakter van de brieven van Paulus. Daar zie je hem ten voeten uit. Als docent, maar ook als pastor. Daarbij moet je ook nog bedenken, dat Janse beschikte over fijnzinnige humor en mensenkennis.
Dan begrijp je dat het gewoon heerlijk was om zo met elkaar bezig te zijn!
Nalatenschap
Meer dan eens heb ik gedacht: wat zou het goed zijn als hij de gelegenheid zou hebben een en ander eens verder uit te werken. In een apart boek of bijvoorbeeld in een deel in de reeks van De Voorzeide Leer. Of vroeger een brochure in de serie Hulp bij Bijbelstudie van het jongerenblad Verkenning. Bijna had ik hem een keer zover voor een bundel over de brief aan de Hebreeën. Maar het lukte niet, hij moest afzeggen. Hij had een secretaris moeten hebben.
Iemand die zijn verrassende aantekeningen en opmerkingen - vaak verpakt in bijzinnetjes - eens zou uitwerken.
Zoals dat met de colleges van zijn leermeester dr H.J. Jager door studenten wel gebeurd is. Misschien is dat nog mogelijk, als straks zijn nalatenschap uit de studeerkamer tevoorschijn komt.
Zelf zou hij het belang ervan – bescheiden als hij was - waarschijnlijk erg relativeren. Ach, het zijn zomaar wat aantekeningetjes. Dat is allemaal niet zo belangrijk, veel belangrijker is dat je de Bijbel zelf leest. Blijf dát maar doen! Zoals hij het bij zijn afsluiting van zijn werk als gemeentepredikant in deze geest verwoordde: Nu, begonnen met te wijzen op de rijkdom die wij als gemeente hier ook in Christus hebben, wil ik eindigen met u op te roepen, ieder van u, die Here ook van onze gemeente, lief te hebben. Ja, Hém! Dan mag u mij wel vergeten. Hem, ik ga, Hij komt!
Maranatha.
Een trouw èn begaafd èn bescheiden dienaar van het Woord ging heen.
Een inspirerend voorbeeld in woord, wandel, liefde, geloof en reinheid (1 Timoteüs 4:12). Maar zijn Heer komt! En allen die zijn verschijning hebben liefgehad zullen opstaan tot een nieuw en gaaf leven. Die troost wensen we zijn vrouw Ina en (klein)kinderen toe!