Jakob - Bidden voor elkaar
2006-10-13
Ontmoeting- Jaargang 50
- nummer 20
Deel met elkaar een situatie waarin je het fijn vond van anderen meeleven te ervaren. Vertel ook waarom de wijze waarop er werd meegeleefd jou raakte. Bid of zing samen het Ónze Vader.
Bezinning vanuit de bijbel
• Jakob is een kind van de belofte; een kind van gebed. Lees samen Genesis 25:19-23. In de S.V. luidt vers 21 aldus: ‘En Izak bad de HEERE zeer in de tegenwoordigheid van zijn huisvrouw; want zij was onvruchtbaar; en de HEERE liet Zich verbidden, zodat Rebekka, zijn huisvrouw, zwanger werd’. Vind je het belangrijk dat man en vrouw in hun huwelijk ook samen bidden? Wat zijn daarin je zegeningen en blokkades?
• Izak en Rebekka bidden twintig jaar lang om een kind. Zij doen dat op grond van de belofte die de HERE aan Abraham deed. Lukt het jou te volharden in gebed? Zo ja, hoe komt het dat je vol kunt houden? Zo nee, waarom stokken de gebeden dan op een bepaald moment?
• Welke andere voorbeelden uit de bijbel ken je als het om voorbede doen gaat? Wanneer heb jij voor het laatst aan iemand voorbede gevraagd? Wanneer vroeg iemand jou voor het laatst: ‘Wil je voor mij bidden?’ In welke frequentie functioneren deze vragen in jouw leven?
• Wat is de meerwaarde van sámen bidden? Op die vraag klinken verschillende antwoorden. Welke van de volgende antwoorden spreekt jou het meest aan?
a) Zie Matteüs 18:19-20
b) Het fijn wanneer je zelf geen woorden hebt dat een ander weet te verwoorden wat jij denkt en voelt
c) Je kunt je optrekken aan het geloof van de ander
d) Je leert elkaar ook bidden
e) Je ervaart: ik sta er niet alleen voor!
Slot
Maakt tweetallen en deel samen iets uit je eigen leven waar je graag gebed voor of over zou willen hebben. Bid hardop voor elkaar. Als dat te ongewoon voor je is kan je ook in stilte voor elkaar bidden. Wie wil zingen kan denken aan Psalm 133; Opwekking 378 en Gezang 314 vs 1 en 3.
| Voorbede Volgens Dietrich Bonhoeffer horen we in de voorbede het hart van de christelijke gemeente kloppen. Naar zijn inzicht zijn er maar twee mogelijkheden: Een christelijke gemeente leeft uit de voorbede van de leden voor elkaar of zij gaat te gronde. Hij schrijft: ‘Een broeder voor wie ik bid, kan ik bij alle moeite die hij mij bezorgt, niet meer veroordelen of haten. Zijn gezicht, dat mij misschien onsympathiek of onuitstaanbaar was, verandert in de voorbede in het gezicht van een broeder, voor wie Christus stierf; in het gezicht van de zondaar aan wie genade is bewezen. Het is een gelukkig makende ontdekking voor de christen, die begint voor anderen te bidden. Er is geen antipathie, geen persoonlijks spanning of verwijdering, die, wat ons betreft, in de voorbede niet zou kunnen worden overwonnen. De voorbede is een zuiverend bad, dat voor de enkeling en voor de gemeenschap iedere dag nodig is. Men kan in de voorbede intens moeten worstelen om de juiste houding tegenover de broeder te vinden, maar er is de belofte aan verbonden, dat het doel bereikt wordt.’ (Dietrich Bonheuffer; Leven met elkander, 61) |