Als veertig jaren vol zijn

2006-10-27
  • Jaargang 50
  • nummer 21
Op 31 oktober 2006 zal het veertig jaar geleden zijn dat de zogenaamde Open Brief verscheen. De één hoorde er een bevrijdend geluid in, de ander de klanken van revolutie in de kerk.
Verschijning van en reactie op die brief leidde tot het uiteengaan van wegen in ‘binnen en buiten verband’.
Tot het ontstaan van wat nu de Nederlands Gereformeerde Kerken heten - in een ander verband georganiseerd dan de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). Dit gezamenlijke nummer van De Reformatie en Opbouw is gewijd aan de vraag: waar staan we ten opzichte van elkaar na veertig jaar?
Op 31 oktober 2006 zal het veertig jaar geleden zijn dat de zogenaamde Open Brief verscheen. De één hoorde er een bevrijdend geluid in, de ander de klanken van revolutie in de kerk.
Verschijning van en reactie op die brief leidde tot het uiteengaan van wegen in ‘binnen en buiten verband’.
Tot het ontstaan van wat nu de Nederlands Gereformeerde Kerken heten - in een ander verband georganiseerd dan de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt). Dit gezamenlijke nummer van De Reformatie en Opbouw is gewijd aan de vraag: waar staan we ten opzichte van elkaar na veertig jaar?

Met de publicatie van de Open Brief kwam de eenheid van de Gereformeerde Kerken (onderhoudende artikel 31 KO), die al onder spanning stond, nog meer onder druk te staan.
De drukpunten waren talrijk. Hoe spreken we over de Vrijmaking? Hoe ver mag je gaan in samenspreking met de ‘synodale kerken’? Welke ruimte heeft een predikant om zijn eigen mening op punten van de belijdenis te ventileren? Hoe je ook over de inhoud van de Open Brief oordeelt, feit is: de verschijning markeert het moment dat gekozen ging worden pro of contra.
Na de veroordeling door de Generale Synode van Amersfoort West 1967 begon plaatselijk en classicaal de scheuring zich af te tekenen.
In die tijd was De Reformatie het weekblad dat de leiding nam in de kritiek op de Open Brief. Het blad Opbouw daarentegen, in de vijftiger jaren opgericht om een ander geluid in de kerken te laten horen, werd de spreekbuis van wie met de ondertekenaars sympathiseerden. Nu, veertig jaar na dato, is in de redacties het plan geboren om terug te kijken, maar vooral de blik op het heden te richten.
Doel is dus niet om de geschiedenis die tot 1966 leidde te analyseren.
Evenmin om de inhoud van de brief opnieuw te onderzoeken. Beide kerkverbanden, de GK(v) en NGK, zijn immers weer met elkaar in contact gekomen. Op plaatselijk vlak én in het contact van landelijke deputaten.
Dat de gedachte aan een gezamenlijk nummer opkwam, illustreert dat we anders naar elkaar kijken en met elkaar omgaan dan veertig jaar terug.

Doelstelling
Daarom is voor de volgende doelstelling gekozen:
• Voor welke gezamenlijke opdrachten en/of vragen staan de twee kerkformaties, beiden uit de Vrijmaking voortgekomen?
• Wat kunnen we geestelijk en inhoudelijk van elkaar leren in de aanpak van de zaken die op de kerkelijke agenda staan?
Daarbij komen als vanzelf ook verschillen in inzicht en aanpak op tafel.
Die hoeven en mogen we niet uit de weg gaan.
Dit combinummer opent met een aantal impressies: van de contacten tussen beide kerkformaties, van plaatselijke kerken die elkaar ontmoeten, van twee broers die elkaar schrijven, van twee in 1966 geboren predikanten die met ogen-van-nu de brief-vantoen teruglezen. Daarop volgt het thematische deel waarin gemeenschappelijke thema’s uit het kerkelijk leven aan de orde gesteld worden.
Daarin is per artikel gekozen voor een schrijver uit de ene kerkengroep die op de voorgegeven vraagstelling ingaat en iemand uit de andere kerken die daarop reageert.

Telling
We tellen veertig jaren van 1966 tot 2006. In de heilige Schrift, het licht op ons pad, is dat een hoopvol getal. Na veertig dagen en nachten hielden de slagregens van de zondvloed op.
Mozes was veertig etmalen bij de HEER op de heilige berg en daalde af naar het volk. Met de Tien geboden en de blauwdruk van Gods tent. Na veertig jaren was de reis door de woestijn voor het volk van de HEER ten einde. Een tijd als straf opgelegd.
De volwassen generaties zouden het beloofde land niet zien, de kinderen echter wel.
Het zou overmoedig zijn aan die schriftgedeelten een rechtstreekse toepassing te verbinden. Dat het oordeel ook in onze tijd bij het huis Gods begint, is zeker. Daarom past het altijd meer het hoofd te buigen dan met de vinger te wijzen. Maar ook de afgelopen veertig jaren mogen we zo tellen ‘dat wijsheid ons hart vervult’zoals het gebed van de man Gods luidt in het lied dat hij tegen de achtergrond van die eerdere veertig jaren bidt (Ps. 90:12). Een wijs hart: dat is waarom we bovenal zullen bidden om nader tot elkaar te komen en elkaar in de eenheid van Christus te vinden.

Verrassing
De twee personen die namens beide redacties voor dit redactioneel artikel tekenen, hebben op negenjarige leeftijd één enkel jaar bij elkaar op school gezeten. Het was in de derde klas van de gereformeerde lagere school aan de Duyststraat te Rotterdam Delfshaven.
Het schooljaar 1965-66, oftewel veertig jaar geleden. Tot de zomer voor de Open Brief. Het is voor ons een blijde verrassing na al die jaren onze beider namen, twee schoolvriendjes, in dit nummer bij elkaar te zien staan. Een klein punt van ontmoeting dat doet uitzien naar kerkelijke eenheid als geschenk van de Heer.

Dr. Erik de Boer is predikant van de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) van Zeist en eindredacteur van De Reformatie.

Sander Klos is lid van de Nederlands Gereformeerde Kerk van Deventer en hoofdredacteur van Opbouw.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief