Het Oude Testament in zijn voorlopigheid

2006-11-10
  • Jaargang 50
  • nummer 22
Het valt mij op dat mijn geachte tegenspreekster in haar stuk geen enkele verwijzing naar het Nieuwe Testament geeft. Terwijl het nu juist mijn bedoeling was om te laten zien dat er in het Oude Testament een drijfkracht zit in de richting van het Nieuwe.
Daarom zocht en zoek ik naar sporen van het Nieuwe Testament in het Oude.

En ik meen er één in Jozua 5 te vinden.
Het raadselachtige NEEN dat daar tegen Jozua gezegd wordt brengt mij op die gedachte. Want hoe is het ook al weer in de grammatica? Op een samengestelde vraag kan niet met ja of nee geantwoord worden. Doe je dat wél, bijvoorbeeld met nee, dan wijs je de vraagstelling af.
‘Behoor je bij ons of bij onze tegenstanders?’, vraagt Jozua. ‘Nee’, is het antwoord.
Dat kan maar één ding betekenen, dat de Here God zich aan deze vraagstelling en de daaruit voortvloeiende indeling onttrekt En daaruit maak ik dan op dat de Here God hier te kennen geeft met een verder strekkend plan bezig te zijn. Om namelijk de gehele wereld te redden door de overgave van zijn Zoon aan de kruisdood. Dat heilsplan wordt ons in het Nieuwe Testament op z’n duidelijkst geopenbaard.

Eenheid van Oud en Nieuw
Waarom zit het mij zo hoog dat ik iets van het Nieuwe Testament al in het Oude wil aantreffen? Dat is omdat de eenheid van de Schrift mij ter harte gaat. In de oude kerkgeschiedenis is het gebeurd dat men onder de kersverse indruk van het Nieuwe Testament het Oude Testament liet vallen. Die neiging bestaat nog altijd. En ik zie die sterk naar voren komen nu we met islam en koran geconfronteerd worden. ‘O, het Oude Testament? Dat boek van de Israëlitische djihad?’ Met een klap slaan de mensen het dicht, ze willen daar niets mee te maken hebben.
En dan wil ik zo graag laten zien dat de verovering van Kanaän een fase, een eerste fase is geweest op de weg die God met zijn volk gegaan is. Dat dit verhaal niet het laatste woord is geweest.
Maar dat we (de andere kant) deze geweldsgeschiedenis wel in de heilige Schrift moeten laten staan omdat ze ons de mogelijkheid biedt om met een godsdienst die in deze beginfase is blijven steken in gesprek te gaan.

Iets beters
Ik geef helemaal toe dat er in het Oude Testament genoeg teksten te vinden zijn waarin de Here God zich achter het oudtijdse geweld heeft gesteld. Hij heeft zich bij betrekkelijk veel gelegenheden verregaand aangepast. En nu ben ik zo blij dat ik bij één zo’n gelegenheid – één nog wel die ons de meeste aanstoot geeft! – een kritisch vraagteken heb kunnen plaatsen: is het werkelijk zo dat wij de Here God bij de vernietiging van de Kanaänese volken recht in het hart kijken? Of hebben we daarin met iets voorlopigs te doen?
Met iets dat erop wachtte door iets beters vervangen te worden?
Met dank aan de inzendster en christelijk met haar verbonden.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief