Psalmen zingen met Jezus (1): Hij zit hoog, maar ziet laag

2006-03-17
  • Jaargang 50
  • nummer 6
Ontmoeting
Er verschijnen heel wat nieuwe liedbundels. Veel daarvan wordt ook ingevoerd binnen onze kerkdiensten. Dat roept ook discussie op over de plaats van de psalmen. Hoe kijken jullie daar tegenaan?

Bezinning vanuit de bijbel
• Lees Psalm 113. Eén van de redenen waarom ik de psalmen onvervangbaar vind is, dat Jezus ze ook al gezongen heeft. Natuurlijk met een andere melodie, maar wél met diezelfde woorden. Verdiep je rustig in Marcus 14:1-42, proef de beklemming van de nacht der nachten en zie in gedachten Jezus met zijn discipelen aan de Paasmaaltijd zitten. Zing dan met elkaar Psalm 113.
• De dienaars van de HEER worden opgeroepen de HERE te loven. Dat waren vanouds de priesters en de Levieten. Nu kijkt Jezus de kring rond, ook déze dienaars moeten nooit vergeten de HEER te loven, wat er ook gebeurt. Ja, laat de kring van Godlovers uitgebreid worden tot de hele wereld! (vs 3) Zó gaan ze zingend de verdrukking tegemoet. Petrus is het nooit meer vergeten, getuige het begin van zijn eerste brief (1: 1-12). Ken je die ervaring in tijden van moeite en ziekte?
• Je zou kunnen zeggen: het is natuurlijk een prachtige wens, maar wie garandeert dat de hele wereld God zal loven? God zélf! Hij is niet af te brengen van zijn plannen (Jes. 53:10), want Hij is verheven boven alle volken! (vs 4) Die verhevenheid roept in onze tijd vervelende associaties van ongenaakbaarheid op. Wij zien God liever uitsluitend als Vader en Vriend… Maar het bijzondere van deze God is, dat Hij zich niet boven alles en iedereen verheven vóelt maar het gewoon ís. Hij zit heel hoog, maar… Hij ziet heel laag. (vs 5 en 6) Wat maakt onze God zo bijzonder in vergelijking met Allah?
• God kijkt machtig diep naar mensen die aan de grond zitten. Hij is begaan met mensen in de modder, die geen toekomst hebben. Mensen die wonden en blutsen opgelopen hebben. En Hij verleent hen op koninklijke wijze hulp. De Verhevene verheft ze uit de narigheid, en geeft ze een plaats aan tafel bij edelen (vs 7-9). Zó gaat Jezus de donkerste nacht van de geschiedenis in. Om in het spoor van zijn Vader onze dood te sterven. Bijzonder om als een Prins bij Hem aan tafel te zitten, en zijn dood en opstanding te mogen vieren aan het Avondmaal!

Slot
Bedenk nog eens hoe Jezus zelf moed geput moet hebben uit deze psalm. En zing met elkaar Psalm 146.




Het Hallel

De Psalmen 113 – 118 worden door de Joden het Hallel (=lof) genoemd. Deze lofliederen werden onder meer gezongen aan de paasmaaltijd. Psalm 113 en 114 vormen samen het klein hallel, de Psalmen 115 – 118 het groot Hallel. Ook Jezus heeft het Hallel gezongen aan de paasmaaltijd, voorafgaand aan de nacht waarin Hij verraden werd (zie Matteüs 26:30, Marcus 14:26). Prachtige liederen om te zingen in de zogenaamde lijdenstijd of aan de maaltijd van de Heer. ‘Lofzangen bij de bevrijding uit “het Angstland”.’ (Willem Barnard)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief