De blijvende betekenis van de ban

2006-12-08
  • Jaargang 50
  • nummer 24
Ds. H. de Jong schept afstand tussen de HERE en de ban en relativeert zo de betekenis daarvan. Eigenlijk is de ban voor christenen een gepasseerd station geworden. Dit wordt heel anders wanneer je de ban beschouwt als Gods rechtvaardige oordeel over mensen die hun bestaansrecht verspeeld hebben. Dan blijkt de ban in meerdere opzichten van blijvende betekenis te zijn.
Allereerst vanwege de enorme passie voor recht en gerechtigheid die aan de ban ten grondslag ligt.

De God van de bijbel is een gepassioneerde God. Hij kan in lichterlaaie staan van zowel hartstochtelijke liefde als brandende toorn. Recht en gerechtigheid zijn Hem zo lief, dat Hij elke vorm van onrecht en ongerechtigheid haat met een volkomen haat. Ja…, háát, meerdere malen gebruikt de bijbel dit heftige, beladen woord om Gods afschuw van het onrecht mee aan te duiden.
Iets kunnen wij ons daarbij wel voorstellen.
Ook wij gruwen van bijvoorbeeld een groepsverkrachting – en vervolgens bedenken we de gruwelijkste straffen voor de daders. Een beetje hypocriet eigenlijk dat er vervolgens zo weinig begrip voor God wordt opgebracht als Hij – pas na eeuwen geduld en allerlei herkansingen – de ban voltrekt.
Terwijl dit bij Hem onvergelijkbaar veel dieper gaat en zuiverder werkt dan bij ons.
De oudtestamentische ban is dus allerminst een aanpassing van God aan onze menselijke maat. Hij gaat terug op een eigenschap die de HERE kenmerkt tot in het diepst van zijn wezen.

Háát het kwaad!
Wíj kunnen hiervan leren om onszelf naar vermogen die passie voor recht en gerechtigheid eigen te maken. ‘U die de HEER bemint: háát het kwade’ houdt Psalm 97 ons voor. En tot Israëls nieuwe koning wordt in Psalm 45 gezegd: omdat u de gerechtigheid lief hebt en het kwaad haat, heeft God u als koning gezalfd!
Nu is het klimaat om in dit bestaan recht en gerechtigheid te oefenen niet zo gunstig. Eigenbelang en economische belangen wegen onverminderd zwaar, zo niet het zwaarst in de nationale en internationale politiek. De vermeerderde kennis omtrent de ellendige situatie waarin de schepping en talloze schepselen zich bevinden veran-
dert daar – opmerkelijk genoeg – niet zo heel veel aan. Daarbij worden we door de commercie op alle mogelijke manieren verleid om onszelf terug te trekken in een aards paradijsje vol verwennerijen.
Ja, en juist daarom hebben wij mensen het heel hard nodig om op de meest krachtige wijze bij Gods passie voor recht en gerechtigheid bepaald te worden. Waarvoor staan wij in lichterlaaie? Blijven we gaan voor het recht van al Gods schepselen op zowel klein- als grootschalig niveau? Tegen de achtergrond van de ban is er alles voor te zeggen om uiterst scherp te blijven op dit punt!
De ban is op nog een manier van blijvende betekenis.

Van de ban naar het kruis
De ban lijkt heel ver bij ons vandaan te staan. Maar wanneer we de ban zien als Gods rechtvaardige oordeel, dan komt-ie heel dichtbij. Dan liggen de ban en Christus’ kruisdood in elkaars verlengde!
In zijn brief aan de Romeinen schets Paulus een verschrikkelijk oordeel dat ons wacht: Gods toorn hoopt zich op tegen de wereld en niemand ontkomt daaraan. ‘Allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods.’ Wat rest lijkt een nieuwe zondvloed te zijn, een nieuwe voltrekking van de ban, een dies irae zonder weerga. En dan het verbijsterende, wonderbaarlijke alternatief hiervoor: Gods gerechtigheid die zich in Christus’ kruisdood openbaart.
Jezus Christus verlost ons door zijn bloed van de komende toorn! Zijn veroordeling leidt tot onze vrijspraak! De straf die ons de vrede aanbrengt, was op Hem.
Opnieuw blijkt de ban niet maar iets menselijks te zijn waarvan God eigenlijk verre wilde blijven. Er loopt een rechtstreekse lijn van de ban naar het kruis. Alleen met dit grote verschil, dat niet wìj maar Híj het oordeel ondergaat.
Maar, in essentie wordt de ban gehandhaafd tot in het hart van het Nieuwe Testament.

Genadetijd
Dit lijkt me van betekenis voor een van de kernpunten van De Jong zijn betoog.
Hij meent degenen die Christendom en Islam op één hoop gooien de wind uit de zeilen te kunnen nemen.
Dat gebeurt echter in veel sterker mate wanneer er een lijn van de ban naar het kruis getrokken wordt. Immers, omdat de ban aan Chrístus voltrokken werd, leven wij in genadetijd!
Heel treffend blijkt dit uit de manier waarop de Heiland Jesaja 62:2 aanhaalt in de synagoge van Kapernaüm.
In Jesaja 62:2 worden zowel een genadejaar als een dag van wraak (=gericht) aangekondigd. Maar als Jezus deze profetie in Lucas 4:18-19 op zichzelf betrekt, laat Hij het erbij dat er een genadejaar van de HERE is uitgeroepen. De dag van wraak is – nog – niet aan de orde. Daarmee predikt Hij, wat Paulus elders verkondigt: ‘Nú is het de tijd van het welbehagen, nú is het de dag van het heil.’!

Door Woord en Geest
Dankzij de voltrekking van de ban op Golgotha leven wij in genadetijd. God komt de hele wereld met vrede en genade tegemoet! Nu, dat kan alleen maar betekenen dat ook Christus’ kerk deze hele wereld met genade en vrede tegemoet heeft te treden. Elke vrees dat het Christendom vanwege de ban een soort jihad tegen deze wereld zou mogen voeren is daarom volstrekt ongegrond. Zeker, ook de christen poogt deze wereld voor God te winnen!
Maar de wijze waarop hij dat doet is geestelijk, door de prediking van het evangelie. En zeker, ook de christen voert als het goed is een oorlog hier op aarde, maar de wapens die hij inzet zijn de wapens van de Geest.
Door het zo te stellen neem je allicht de aanstoot van het kruis niet weg.
Maar wel wordt volstrekt duidelijk, dat er een wereld van verschil is tussen Christendom en Islam. En als altijd maakt Jezus Christus en die gekruisigd dat verschil.
Tenslotte een derde opmerking over de blijvende betekenis van de ban.

Uitstel, geen afstel
Het is – prijs de Heer! – genadetijd.
Maar al is Gods oordeel uitgesteld, afgesteld is het niet. Heel de bijbel bereidt ons erop voor dat de ban nog één keer voltrokken zal worden.
Wanneer Christus wederkomt, zal Hij doen wat al staat aangekondigd in Jesaja 63:1-6. ‘Hij zal de wijnpers van de hevige woede van de almachtige God treden.’ (Openbaringen 19:15b) Dit zal het overgangsmoment zijn naar een nieuw bestaan. Het heeft deze functie, dat de aarde geheel van onrecht bevrijd zal worden. Er zal geen spoor van onrecht en onreinheid meer gevonden worden. En wat na dit moment rest is ‘een nieuwe hemel en een nieuwe aarde waarop gerechtigheid woont.’ Voor minder gaat God niet!

Bekeert u!
Ook dit onderstreept de blijvende betekenis van de ban. Het spoort ons aan om met des te meer kracht en klem ieder mens te nodigen om uit genade en voor de gerechtigheid te gaan leven. Zo heeft ook Paulus het begrepen. Nadat hij in 2 Korintiërs 5:10 gesproken heeft over het eindgericht, vervolgt hij: ‘Vervuld van ontzag voor de Heer, proberen we iedereen te overtuigen.’ (2 Korintiërs 5:11) De vrees voor de ban functioneert hier als aanzet tot evangelisatie en als prikkel tot inkeer! Zo werkte dat bij Rachab overigens ook al … (Jozua 2:9-13) Het mag duidelijk zijn dat ik dit artikel meer mijn eigen gedachten uiteengezet heb, dan het gesprek met ds. De Jong gezocht. Ik sluit bepaald niet uit dat hij heel veel van wat ik hierboven schreef van harte onderschrijft. Mij was het slechts om één ding te doen: de ban (opgevat als daad van goddelijk gericht) heeft ons, nieuwtestamentische christenen, nog steeds heel veel te zeggen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief