Samen kerk zijn in de wereld
2004-01-23
Tijdens de komende Landelijke Vergadering ligt er een voorstel op tafel van de Nederlands Gereformeerde kerk van Hattem om ons gezamenlijk te bezinnen op de manier waarop we omgaan met de zendingstaak. Daar zijn de afgelopen maanden al diverse reacties op gekomen, onder andere via dit blad. Bij ons in Hattem zijn ook verzoeken binnengekomen om een nadere invulling van het voorstel.- Jaargang 48
- nummer 2
Ik wil daar graag wat commentaar op geven.
Bezinning en identiteit
In de eerste plaats is het voorstel van Hattem vooral een oproep tot actuele bezinning op de positie van onze kerken binnen de groeiende wereldkerk.
We leven in een constant veranderende wereld, waar het zwaartepunt van de kerk zich verplaatst naar gebieden die we lange tijd als zendingsvelden bestempelden. Gemeenten in oude zendingsvelden willen op eigen benen staan. Tegelijk is ons eigen land en volk zelf zendingsgebied geworden.
Soms zingen we nog vroom over 'de heidenen in verre landen' terwijl de grootste heidenen in onze eigen straat wonen. We sturen zendingsarbeiders duizenden kilometers ver weg terwijl we eenzame asielzoekers op een steenworp afstand vaak negeren.
Dat zijn wellicht geen terechte vergelijkingen maar het gaat me erom te laten zien dat er dingen verschoven zijn. Hoe kunnen we in die nieuwe, actuele situatie op de beste manier gestalte geven aan de aloude zendingstaak?
Ons voorstel tot actuele bezinning komt voort uit de overtuiging dat deze taak te belangrijk is om het slechts over te laten aan plaatselijk initiatief, aan enthousiastelingen in zendingscommissies. Het is een taak die onze identiteit als kerkverband aangaat. Wat dat betreft sluiten we ons aan bij de conclusie uit de reactie van Wielinga: 'Ten diepste gaat het om de vraag wat het betekent samen
kerk te zijn van Jezus Christus in de wereld van vandaag.'
Effectiviteit en blikverbreding
In de tweede plaats bereikten ons verontruste geluiden. Hebben we te sterke bewoordingen gebruikt door de inzet van anderen te bestempelen als amateuristisch en weinig professioneel?
Misschien is dat inderdaad het geval en in dat geval past ons het boetekleed. Laat helder zijn dat we geenzins de bedoeling hebben om het werk dat gedaan is en gedaan wordt, slechts te bekritiseren. We willen juist samen zoeken naar hogere wegen om het effectiever te doen. De voorbeelden daarvan in aan ons verwante kerken in de kring van de kleine oecumene dagen ons ertoe uit.
Excuses dus voor de pijn van gevoelige tenen, die door ons voorstel geraakt zijn. Maar ook de vraag om begrip, want het gaat ons erom 'samen met alle heiligen' te zoeken naar Gods wil.
Soms zijn we zo druk met onze eigen projecten dat het ons blind maakt voor wat de Here elders doet. Zo kennen de meeste van onze kerkleden wellicht enkele zendingsarbeiders vrij goed, maar hebben ze vrijwel geen besef van wat elders vanuit onze kerken door anderen gedaan wordt. We zouden elkaars werk kunnen stimuleren met bredere acties zoals een jaarlijks project rond de Kerst dat vanuit al onze kerken kan worden ondersteund.
Zo krijgen we ook meer oog voor de breedte van Gods koninkrijk.
Blikverbreding wordt soms als bedreigend ervaren maar is juist verrijkend.
Het kan ons ook effectiever maken in Gods dienst. Ik hoorde dat de Unie van Baptistengemeenten in ons land vanuit een noodfonds een geldbedrag ter beschikking heeft gesteld voor noodhulp aan de slachtoffers van de aardbevingsramp in Iran. In onze kerken doen sommige gemeenten wel iets, anderen doen niets maar het wordt niet centraal gestimuleerd. Dat kan anders en beter.
Discussie en onderzoek
Ten derde een opmerking over de beknopte aard van ons voorstel.
Ons voorstel is bewust kort en algemeen gehouden omdat we een discussie op gang willen brengen zonder de uitkomst daarvan al bij voorbaat gedetailleerd in te vullen. Die beknoptheid kan misverstanden oproepen, en mensen kunnen ermee aan de haal gaan. Zo bepleiten wij beslist niet de decentralisatie en oprichting van een centraal zendingsorgaan ten koste van plaatselijke liefdevolle betrokkenheid, zoals dat door Reitsema werd uitgelegd. Wel proberen we een bezinning op de wenselijkheid van een bundeling van plaatselijke inzichten en krachten op gang te brengen. Dat de wens om te komen tot samenwerking breder leeft, blijkt wel uit de recente oprichting van de NG-Zendingsvereniging door de Commissie van overleg van de zendende kerken van Bunschoten, Leerdam en Den Haag. Het is geenszins onze opzet dit soort initiatieven te willen vervangen door een nog bredere, centrale structuur. Wel denken we dat vanuit het geheel van ons kerkverband er meer mogelijk is om elkaar te versterken en te stimuleren in het zendingswerk. Het onderzoek naar de wenselijkheid daarvan, en de exacte en bredere invulling ervan, is o.i. de taakstelling van een studiegroep waarvan we hopen dat ze door de komende LV wordt ingesteld.