Feestelijke promotie Jaap Dekker

2004-02-06
  • Jaargang 48
  • nummer 3
Drie studiebegeleiders ter linkerzijde en rechts achter de microfoon nestor De Jong, leermeester van het trio Schaeffer, Dekker en Van der Dussen.
Het was een alleraardigst nederlands gereformeerd plaatje tijdens de promotie van de Amstelveense predikant ds. Jaap Dekker. De middag van de 23e januari kende trouwens meer mooie momenten, zoals de menselijke geleerdheid, die in de openingsbede buigt voor Gods wijsheid. Maar ook de folklore van een bus met Amstelveners, de laatste restjes Latijn en hooggeleerde heren, die in ganzenpas met toga en baret het podium betreden en verlaten.

Lof
Zo werd de middag een bekroning van een werkstuk, dat Jaap Dekker na tien jaar noeste studie had afgerond.
Een hele prestatie, want het onderzoek moest gebeuren tussen de bedrijven van predikantschap en (later) studiebegeleiding door. Scherpzinnig, belezen, degelijk en inspirerend, waren enkele van de typeringen van achter de tafel met professoren. Het werd tenslotte ook een titel ‘cum laude’, wat de kersverse doctor een stevig applaus opleverde vanuit een aula vol met familie, vrienden, gemeenteleden, collega’s en vakbroeders.

Hamvraag
Dekker had voor zijn studie het uitgangspunt gekozen in het 16e vers van Jesaja 28: ‘Zie, Ik leg in Sion een steen ten grondslag, een beproefde steen, een kostbare hoeksteen van een vaste grondslag; hij die gelooft haast niet’. Eeuwenlang was deze tekst gelezen als een toekomstgerichte heilsprofetie. Dat was al zichtbaar in de voor-christelijke Griekse vertaling van het Oude Testament (Septuaginta), waarin dit woord van Jesaja toekomstig was weergegeven. De apostelen Paulus en Petrus sloten daarbij aan door dit vers te lezen als een aanduiding van Gods werk in Christus (b.v. 1 Petrus 2:6). Dekker verdedigde in zijn proefschrift de opvatting dat dit heilswoord van Jesaja beter gelezen kon worden als een terugverwijzing naar Gods keuze om op de Sion onder zijn volk te gaan wonen. Tegen de achtergrond van dat heilzame initiatief van God zou de dreigende gerichtprofetie van Jesaja 28 ook beter tot zijn recht komen.
Niet iedereen was door Dekkers argumenten overtuigd zo bleek bij de eerste opponent, de oud-studiebegeleider Henk de Jong.

Vakwerk
In de verdere bespreking werd wel duidelijk dat Dekkers proefschrift, dat hij titel ‘De rotsvaste fundering van Sion’ heeft meegekregen, vakwerk was met een hoog exegetisch gehalte. Zo vroeg hoogleraar Talstra door over de indeling van de Hebreeuwse tekst en vond dat Dekker daar uiteindelijk weinig mee gedaan had. Ook al zal niet iedere aanwezige dit soort problemen tot in de finesse’s hebben doorzien, wel was voor iedereen waarneembaar dat de promovendus rustig en beargumenteerd reageerde op de aangesneden kwesties. Van belang voor de aard van de profetische geschiedschrijving was ook de vraag van hoogleraar Veenhof. Hij ging in op de belegering van Jeruzalem door Sanherib en het verband tussen het verhaalde en het gebeurde in 2 Koningen 18. Dekker gaf toe, dat hier geduchte vragen liggen en vond dat hij die knelpunten ook niet uit de weg was gegaan in zijn dissertatie.

De Dekkertjes
Na een uur van vraag en antwoord was het de pedel, die met zijn ‘hora est’ het debat afbrak. Even later was Jaap Dekker doctor in de godgeleerdheid, zoals dat voluit heet. Dekker was, zo bleek, niet alleen de eerste student die zijn doctoraal Oude Testament deed bij hoogleraar Peels, maar nu ook de eerste die bij hem promoveerde. In de hartelijke en vriendschappelijke toon van de toespraak van professor Peels was de jarenlange band tussen promotor en promovendus hoorbaar.
Als uitsmijter gaf de Apeldoornse hoogleraar de kinderen Dekker het advies om, na al dat gewerk van hun vader, nu maar zijn agenda te pakken en ‘ook maar eens wat in te vullen’.
Rector Den Hertog vroeg zich vervolgens of vader Peels zijn kinderen tien jaar eerder ook die kans had gegeven.
En toen was het tijd om het glas te heffen als een besluit van een feestelijke middag in Apeldoorn.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief