Mijn lief is van mij, en ik ben van Hem…! Dromen over de Toekomst (5-slot)
2004-03-05
Ontmoeting en gebed- Jaargang 48
- nummer 5
De HERE houdt van variatie. Dat zie je in zijn schepping, maar ook in ons bezig zijn daarin. Vertel elkaar over je dagelijks leven, en welke rol je geloof daarin speelt. Dank Hem daarvoor!
Bezinning vanuit de bijbel
De finale van de wereldgeschiedenis is geen catastrofe, maar een bruiloft.
De bruiloft van het Lam! En de Here doet er alles aan om ons verlangen naar Hem levend te houden.
Lezen: 1) Openbaring 22:20; 2) Lukas 18: 1-8; 3) Openbaring 2: 8-11; 4) Openbaring 3: 7-13
• Er zijn mensen die Christus niet als koning willen (vs 14). Op wie doelde Jezus toen, en voor wie geldt dat vandaag? Wat zegt Jezus verder over hen in de gelijkenis?
• De Here Jezus weet dat het verlangen naar zijn komst weg kan zakken en zelfs verdwijnen. Daarom vertelt Hij een gelijkenis, waarin Hij zijn Vader vergelijkt met een gewetenloze schurk, een asociale rechter. En de mensen vergelijkt Hij met een weduwe, die eindeloos vecht voor haar recht. Waarom zou Hij deze vergelijkingen maken?
Heb je jezelf wel eens herkend in die weduwe?
• Wat is Jezus’ boodschap met deze gelijkenis? Hoe geef je daar concreet handen en voeten aan? Hoe kun je elkaar hierin helpen?
• De gemeente in Smyrna had het vanwege verdrukking vreselijk moeilijk. Maar gelukkig ziet de Here het, en schrijft Hij een brief.
Wat zou je verwachten dat Hij zou schrijven? En wat schrijft Hij feitelijk?
Wat kun je daarmee in jouw situatie?
• Er zal straks niet één van Gods kinderen zijn over wie God niet iets goeds heeft op te merken (1 Cor. 4:5). Zijn komst is geen dreiging, maar een uitdaging voor vandaag met het oog op straks.
Dank en voorbede
Dank God dat niet het dat maar het hoe van ons werk bij Hem telt.
En bidt voor elkaar om trouw. Vertel elkaar èn Hem waar je die trouw het meest nodig hebt.
| Samenvatting In de vorige studies hebben we gezien: 1. Als onze Heer terugkomt, gaan we Hem samen tegemoet. Samen met degenen die in het geloof gestorven zijn. (1 Thess. 4: 13-18) 2. We blijven mensen met een eigen naam, maar net als de engelen bepaald door onze relatie tot God. Niet meer met een zielig, maar met een Geestig lichaam. Topfit, zonder zonde en ziekte. (Luk. 20: 27-40) 3. De geschiedenis is niet voor niets geweest: alle volken zullen vol verwondering hun inbreng hebben in het nieuwe Jeruzalem. (Openb. 21: 24-27) 4. Je zult op de nieuwe aarde passend werk vinden, waarin je trouw in en inzet voor het Koninkrijk van God op deze aarde gehonoreerd zullen worden. (Luk.19: 11-27) |