Gereformeerd, maar ook evangelisch…
2003-03-14
interview met ds J.F. Ezinga - Jaargang 47
- nummer 6
De regiovergadering van het Zuiden heeft drs. J.F. Ezinga, gereformeerd (synodaal) predikant te Yerseke, gemachtigd om beroepen vanuit Nederlands Gereformeerde Kerken in overweging te nemen.
Dat is goed nieuws voor vacante gemeentes. Maar wie is deze dominee Ezinga eigenlijk? Een kennismakingsinterview.
Voor velen zal een belangrijke vraag zijn in wat voor kerk dominee Ezinga nu (nog) predikant is. We vallen daarom maar meteen met de deur in huis met deze vraag. Hoe is de Gereformeerde Kerk van Yerseke te typeren?
Anders dan men misschien zou verwachten spreekt Ezinga met liefde over zijn gemeente. Zijn eigen gemeente is duidelijk niet voor hem de reden om over te stappen naar de Nederlands Gereformeerden. Hij noemt haar behoudend waar je behoudend moet zijn, voorzichtig en met eerbied voor de Schrift. Tegelijkertijd ook wel enigszins traditioneel, maar met de intentie open te staan voor nieuwe vormen.
Wat moeten we in dit verband onder traditioneel verstaan?
‘Dat betekent bijvoorbeeld dat naast gezangen en psalmen in de nieuwe berijming in bijna elke dienst ook nog psalmen in de oude berijming gezongen worden. Pas sinds kort worden in plaats van de Tien Geboden ook wel een parafrase van de Geboden of Nieuwtestamentische leefregels gelezen.’
Veel Nederlands Gereformeerde Kerken houden regelmatig themadiensten of gastendiensten.
Hebt u in Yerseke ervaring met dergelijke diensten?
‘In Yerseke organiseren we ongeveer zeven keer per jaar ‘zingen op zondag’, diensten waarin de aanbidding van God een belangrijke plaats inneemt.
Er worden vooral opwekkingsliederen gezongen, en een enkel lied uit Johannes de Heer. Dat wordt door velen als een heel bijzondere ervaring beschouwd, getuige de reacties, maar vooral ook gezien de grote aantallen bezoekers die van buiten de eigen gemeente op deze diensten afkomen. Onder de bezoekers zijn relatief veel jongeren en kinderen. Voor de kinderen is er in die diensten een speciaal kinderkwartier. Ezinga houdt een korte preek of meditatie en fungeert als zangleider.
Twee keer per jaar worden deze diensten in de vorm van een jeugdspecial gehouden; dan is de begeleiding in handen van een gelegenheidsband waarin onder anderen zijn eigen kinderen meespelen.
Levert het grote verschil in karakter tussen de gewone diensten en ‘zingen op zondag’ geen spanningen op binnen de gemeente?
Ezinga legt uit dat hij er, toen hij het initiatief voor deze diensten nam, heel bewust voor gekozen heeft om ze als derde dienst te houden. De ervaring heeft geleerd dat je in sommige gemeenten de mensen niet te gauw moet ‘opzadelen’ - dat gevoel heeft men dan - met iets anders dan gewone diensten. Inmiddels is men zo enthousiast dat er stemmen opgaan om ‘zingen op zondag’ te integreren in de tweede dienst.
Vanwaar de keuze voor de overstap naar de Nederlands Gereformeerde Kerken?
Ezinga kiest voor een kerk die voluit gereformeerd is, en zo bezien voelt hij zich het dichtst bij de Nederlands Gereformeerde Kerk staan.
De NGK wordt wel getypeerd als niet alleen gereformeerd, maar ook als evangelisch.
Ook met dat deels evangelische karakter voelt hij zich nauw verwant. ‘Evangelisch is een sterker accent leggen op gebed en aanbidding.
Evangelisch is het belang zien van kleine kringen en groepen binnen de gemeente, zoals bijvoorbeeld de gebedsgroep in mijn eigen gemeente in Yerseke. We vergeten vaak dat alle werk in de gemeente staat of valt met het gebed.
Kleine groepen maken ook dat onderlinge warmte in de gemeente meer kansen krijgt.
Evangelisch betekent ook werken met inzet van de gaven van de Heilige Geest.
De juiste persoon op de juiste plek in de gemeente als lichaam van Christus. Al die nogal eens als evangelisch aangeduide elementen horen ook thuis in gereformeerde kerken’.
Ezinga benadrukt dat hij het beeld dat hij van de NG kerken heeft in de afgelopen tijd door meer intensieve contacten bevestigd ziet. ‘Het komt heel vertrouwd over’.
De liturgie en vooral ook het contact met mensen geeft veel herkenning in het geloof.
‘Het is alsof we geestelijk thuiskomen’. Dat maakt tevens dat hij in vertrouwen op God de toekomst tegemoet ziet.
Wat deed u, verbonden aan een plaatselijke kerk waar toch veel tot dankbaarheid stemt, desondanks besluiten op dit moment de Samen Op Weg kerken te verlaten?
‘Door het Samen Op Wegproces verliest de plaatselijke kerk een stuk van haar zelfstandigheid.
Landelijk worden besluiten genomen die niet bijbels zijn en ethische keuzes gemaakt, die je ver werpelijk vindt, maar waar je wel mee verantwoordelijk voor bent. Je schaamt je er soms voor om geassocieerd te worden met je eigen kerkgenootschap en vraagt je af of je de overstap niet al veel eerder had moeten maken.’
Wat mogen we horen over de persoon van ds. Ezinga?
In zijn curriculum vitae lezen we dat de in 1954 in Vlaardingen geboren predikant theologie studeerde in Kampen en daar afstudeerde met als hoofdvak missiologie. Is Ezinga een evangelist?
Ezinga reageert: ‘Wat lijkt mij dat heerlijk als mee door jouw prediking mensen tot geloof komen, maar ik kan mij helaas geen geboren evangelist noemen. Missiologie was wel een bewuste keus, want het heeft mijn hart.’ Hij verziet zichzelf meer als prediker en leraar, daar liggen zijn gaven. De ontdekking dat God een God van liefde en gerechtigheid is en het verlangen die boodschap uit te dragen maakten dat hij zich destijds geroepen wist om predikant te worden.
Uit Ezinga’s curriculum vitae blijkt ook dat hij een reis maakte naar Uganda en Tanzania om een aantal kleine projecten voor Stichting de Barmhartige Samaritaan te beoordelen.
Velen zullen deze organisatie kennen van de schoenendozen die speciaal door kinderen voor kinderen in ontwikkelingslanden worden samengesteld. Ezinga vertelt hoe zijn vrouw in Yerseke de schoenendoosactie heeft georganiseerd, wat bijzonder goed loopt. Veel affiniteit heeft hij ook met Operatie Mobilisatie waar hijzelf enkele vakanties mee op pad ging, en waar zijn kinderen met veel plezier aan de jeugdactiviteiten meededen. Een bijzondere band is er ook met de MAF, waar zijn broer als piloot voor werkt.
In het rijke, haast pronkerige, Yerseke valt de soberheid van de pastorie en de pastor op, heeft hij zo’n diaconaal hart?
Ezinga relativeert lachend: ‘Ik houd heel erg van mooie dingen, ik zou wel in een Jaguar willen rijden en in een landhuis willen wonen maar er is een wereld in nood, we leven als in oorlogstijd. Als ik geen dominee was geworden, dan was ik waarschijnlijk diaken, want ik vind rentmeesterschap bijzonder belangrijk.
De gemeente van Yerseke is overigens ook diaconaal actief, waarbij de meeste activiteit gericht is op Roemenië.
Heel concreet: gemeenteleden hebben o.a. een kindertehuis opgeknapt.
Een laatste vraag, maar niet de minste: waar staat Ezinga theologisch?
Hij was lid van het Gereformeerd Confessioneel Beraad, schreef daarvoor o.a. een brochure over evangelisatie en preken voor een prekenbundel.
Als eerste theoloog die belangrijk voor hem was noemt hij Overduin, de onverschrokken prediker in oorlogstijd, de verzetsheld, concentratiekampgevangene en schrijver van ‘Hel en hemel van Dachau’. Dietrich Bonhoeffer is de tweede die Ezinga noemt, met name omdat hij hem zo’n geweldig christocentrisch theoloog vindt, daar waar in Ezinga’s omgeving zo veel over God en zo weinig over Jezus Christus gesproken wordt. De laatste jaren heeft hij ook veel gehad aan Dr. Martyn Lloyd Jones en aan Billy Graham.
Jarenlang luisterde hij naar diens radioprogramma Hour of decision. ‘En ere wie ere toekomt: in dit rijtje mag niet ontbreken de naam van professor Runia uit Kampen’.
Dominee Ezinga is 48 jaar oud. Zijn vrouw werkt parttime als consultatiebureauarts, waardoor het hem mogelijk is ook eventuele parttime beroepen in overweging te nemen. Zij hebben drie kinderen.
Dominee Ezinga is sedert 1994 predikant van de Gereformeerde Kerk van Yerseke en diende voordien de Gereformeerde Kerken van Nieuw-Weerdinge en Zwartsluis.