Deus caritas est
2006-04-14
Encyclieken verschijnen niet zo erg vaak. Het zijn officiële leerstukken die door de paus als leider van de (Rooms-) Katholieke Kerk worden uitgevaardigd. De eerste encycliek van de nieuwe paus verscheen in januari van dit jaar. Daarmee heeft Benedictus XVI, die op 19 april 2005 aantrad, een gelukkig onderwerp gekozen. ‘God is liefde’, dat is uiteindelijk de kern van het evangelie.- Jaargang 50
- nummer 8
Toen ik het stuk las, was ik eigenlijk wel verrast. De nieuwe paus doet een beetje afstandelijk aan. Hij staat bekend als een gedegen theoloog. Zijn image is dat van een rechtlijnige, conservatieve dogmaticus. Maar in ‘Deus caritas est’ hoor je een bewogen herder, die op een toegankelijke manier graag aan alle mensen wil duidelijk maken wie God is: dat Hij een God is van liefde.
Katechismus
Wel is de ‘theoloog van de hoogste rang’ duidelijk herkenbaar. Als kardinaal Joseph Ratzinger was deze paus jarenlang de rechterhand van Johannes Paulus II, die 14 encyclieken publiceerde. Hij werd al in 1992 genoemd in het voorwoord van de ‘Katechismus van de Katholieke Kerk’ als de voorzitter van een commissie van kardinalen. Zij schreven deze Katechismus, bestaande uit 2865 paragrafen (in 1995 verscheen de Nederlandse vertaling, die het onderwerp vormde voor mijn doctoraalscriptie in datzelfde jaar). De Katechismus legde de complete leer-erfenis vast van het Tweede Vaticaans Concilie uit de jaren ’60. We konden dus al weten dat de nieuwe paus in staat is grootscheepse en theologisch diepgravende werken te schrijven.
Het vingertje
Als het gaat over de liefde, dan komt de Katholieke Kerk nogal eens met het vingertje: nee tegen de pil, nee tegen homoseksualiteit. De kerkvorst wil laten zien, dat de kerk ook nog een diepere boodschap heeft. Dit is uiteindelijk waar het om gaat: de liefde van God. In deze tijd, waarin God en geloof vaak met haat en intolerantie worden geassocieerd, hecht hij eraan om het hart van het christelijke geloof naar voren te brengen.
De paus doet dat op zo’n manier, dat ook niet-katholieken het kunnen beamen. Het is mooi dat hij zijn pontificaat met een dergelijk stuk begint. Als dat de toon zet, dan belooft het nog wat goeds.
Menselijke liefde
‘Deus caritas est’ is verdeeld in 42 paragrafen, en zit theologisch goed in elkaar. De menselijke liefde is verankerd in de liefde van God in Christus. Vervolgens wordt zo dicht mogelijk aangesloten bij wat mensen onder liefde verstaan. De liefde tussen man en vrouw wordt daarbij genoemd als de hoogste vorm van menselijke liefde, waarbij andere vormen verbleken. De paus spreekt over man en vrouw, het huwelijk, seksualiteit, vanuit de twee worden ‘agape’ en ‘eros’.
‘Eros’ is de hartstocht, de liefde tussen man en vrouw, de aardse liefde. ‘Agape’ is de liefde die het lichamelijke en egoïstische overstijgt. Het zijn twee aspecten van de liefde, die je zo dicht mogelijk bij elkaar moet houden.
Hij distantieert zich van de opvatting dat ‘eros’ slecht zou zijn; de lichamelijke liefde heeft juist ook zijn legitieme plek. Benedictus spreekt in dit verband ook van de ‘gevende’ liefde (agape) en ‘ontvangende’ liefde (eros). Geïllustreerd in de Jakobsladder: liefde die God zoekt, en liefde die van God ontvangen wordt en doorgegeven.
Liefde van God
De liefde van God is concreet geworden in de persoon van Jezus Christus. Wanneer wij zijn liefde overdenken, vinden we de weg waarlangs we moeten leven en liefhebben. De kerkvorst spitst dit toe op de overdenking van de doorboorde zijde van de gekruisigde Christus. Liefde tot God en liefde tot de naaste horen helemaal bij elkaar: ‘Als ik in mijn leven helemaal geen contact met God heb, kan ik in de ander alleen de ander zien en kan ik het goddelijk beeld in hem niet herkennen. Als ik echter de aandacht voor de ander helemaal weglaat en alleen maar ‘vroom’ wil zijn, alleen maar ‘godsdienstige plichten’ vervullen, verdort ook mijn relatie met God.’ (paragraaf 18).
Opkomen voor de zwakken
Een groot deel van de encycliek is ook gewijd aan de sociale gerechtigheid. De taak van de kerk in deze wereld is: prediken en opkomen voor het recht. Hier blijkt duidelijk hoe de Katholieke Kerk een hele geschiedenis achter de rug heeft met het opkomen voor het recht van arbeiders. De paus verzet zich met name tegen het marxisme.
De marxisten verweten de kerk dat ze aalmoezen gaf, en zich daarmee neerlegde bij de verschillen tussen arm en rijk. Benedictus wijst erop, dat de marxisten de arbeiders een worst voorhouden door te wijzen op de toekomst: ‘ná de revolutie, dán wordt alles beter’. Terwijl elke marxistische revolutie veel bloed, maar weinig goeds heeft opgeleverd voor de arbeiders.
Wakker schudden
De kerk heeft haar eigen plek ten opzichte van de staat. Geen enkele staat kan zo’n samenleving creëren waarin liefde niet meer nodig zou zijn. De kerk moet de gewetens wakker schudden. Daarbij heeft de kerk ook metterdaad hulp en troost te bieden. Dat is de ‘dienst van de liefde’. Ook hier doortrekt het onderwerp van de encycliek diepgaand het hele betoog. De paus waarschuwt dat je niet liefdadigheid moet betrachten ‘om mensen de kerk binnen te krijgen’.
Dergelijk ‘proselitisme’ is in strijd met de liefde zelf, die belangeloos is en moet blijven.
Het knappe van deze encycliek vind ik, dat de paus zó schrijft, dat je er ook als niet-katholiek (protestants, evangelisch, orthodox, wat ook maar) tóch mee uit de voeten kunt. Wie iets zinnigs wil schrijven over een bijbels thema zou dat eigenlijk ook moeten doen (dus zodat katholieken daar ook iets mee kunnen).
Geen woorden, maar daden
Het is natuurlijk makkelijk om te zeggen, dat er al heel wat liefdeloze daden zijn gepleegd door en/of in naam van de Katholieke Kerk. Critici hebben de encycliek geprezen, en erop gewezen dat de paus er ook consequenties aan moet verbinden: opkomen voor de zwakken in de kerk. Het kan zeker bij een kerkleider niet bij woorden alleen blijven!
Toch komen wij daar als ‘afgescheidenen’ niet zo gemakkelijk mee weg.
Wie zichzelf kent en de geschiedenis van zijn eigen kerken een klein beetje, zal beschaamd moeten erkennen, dat het er met ons niet veel beter voor staat. Wat dat betreft kunnen we beter ter harte nemen wat Benedictus XVI zegt. We moeten namelijk niet vergeten dat er in de kerk van Rome in de tweede helft van de twintigste eeuw een sterke beweging is gekomen in de richting van de Schrift. Op belangrijke punten wordt er nog steeds gedwaald. Je merkt dat ook in deze encycliek, met name als de eucharistie en Maria genoemd worden. Maar er is veel meer oog voor de bijbel gekomen. Wie weet hoe God dat in de 21e eeuw gaat gebruiken.
De tekst van de encycliek is te bekijken op www.vatican.va onder ‘laatste updates’.