‘Der Untergang’
2004-12-24
Der Untergang. Die onheilspellende titel kwam als vanzelf te staan boven een preek in een serie over het boek Daniël. Die titel dekt de lading van hoofdstuk 11 waarin Daniël iets te zien krijgt van een uitzonderlijk schrikwekkende dictator die zal verschijnen in de toekomst. De titel kwam in het Duits boven de preek te staan: rechtstreeks ontleend aan de recente film over de laatste dagen van Adolf Hitler.- Jaargang 48
- nummer 25
Ik zag de film ‘Der Untergang’ in de week waarin ik bezig was met de slothoofdstukken van het boek Daniël.
Als er geen link tussen die film en dat hoofdstuk uit Daniël was, dan was dit artikel ongeschreven gebleven. Maar die link drong zich heel sterk aan me op. Sterker nog: de film over Hitler begon bij te dragen aan de preek over Daniël 11. De toch altijd wat schimmige figuur van de slechte Antiochus IV Epifanes die in dat hoofdstuk getekend wordt, kwam dichterbij door de beelden van de duitse Führer.
Spraakmakend
De spraakmakende film ‘Der Untergang’ trok in Duitsland volle bioscoopzalen.
De film is spraakmakend omdat de persoon van Hitler nogal menselijk wordt neergezet. Die visie op Hitler zou het rechts-extremisme in Duitsland in de hand werken. Inderdaad: bij de naam Hitler denk je aan iemand die brallende, hypnotiserende toespraken houdt en niet aan een man die goedmoedig zijn honden aait en eet met een aantal dierbare mensen om hem heen.
Maar het is juist dit menselijke dat je aan het denken kan zetten. Het roept de vraag op: hoe is het mogelijk dat deze weinig indrukwekkend ogende man zoveel vernietigende macht heeft kunnen ontplooien? Hoe is het mogelijk dat één man de wereld zo duister, zo gruwelijk en zo lelijk heeft kunnen maken?
Verbijstering
Want dat komt door deze film heel sterk op je af: de duisternis. Dat komt ook omdat de film vrijwel in zijn geheel is gewijd aan de laatste dagen van Hitler en de ondergang van het Derde Rijk. De periode van opgang wordt bijna volledig overgeslagen. Er is niets glorieus of verheffends meer te ontdekken: het is alleen maar ondergang en verwoesting. Daarmee wordt de essentie van het rijk van Hitler naar voren gehaald: vernietiging, alleen maar demonische vernietiging.
Dat is de verbijstering die je kunt voelen bij het kijken van ‘Der Untergang’.
Maar zo verbijsterend moet de uitstraling van die dictator uit de 2e eeuw voor Christus ook zijn geweest: de syrische vorst Antiochus IV Epifanes.
Daniël heeft in zijn visioenen iets gezien van het kwaad dat deze dictator zou gaan stichten en hoe zijn volk in latere tijden onder zijn regime zou lijden.
Antiochus heeft een waar schrikbewind gevoerd in het Jeruzalem van na de ballingschap. Hij ontwijdde de herbouwde tempel door de offerdienst van Mozes te vervangen door de dienst aan de griekse god Zeus. Hij richtte dit heidense beeld van Zeus in de tempel op en hij liet daar onreine varkens offeren. De regering van Antiochus was er in feite opgericht het joodse volk los te maken van God en gelijk te schakelen aan het hellenistische denken. We lezen in Daniël 11 dat Antiochus zich verhief tegen de God van Israël, net als één van zijn voorgangers, koning Nebukadnezar.
In deze brutale zelfverheffing komt het anti-goddelijke van deze dictator naar voren.
Versluierde typering
Nu wordt de naam Antiochus in de Bijbel niet genoemd. Dat hoeft in het boek Daniël geen verwondering te wekken. Want er worden in dit apocalyptische boek met zijn vreemde visioenen wel meer koningen en wereldleiders geprofeteerd zonder dat ze bij hun historische naam worden genoemd. Zoals Alexander de Grote die aan het begin van hoofdstuk 11 beschreven wordt. Bij de figuur van Antiochus heeft deze versluierde typering een duidelijke functie: het gaat in de visioenen van Daniël om meer dan die historische persoon. In de donkere tekening van zijn verschijning zien we de trekken van de anti-christ naar voren komen.
Antiochus zou je kunnen noemen: de oudtestamentische verschijning van wat in het Nieuwe Testament de antichrist heet. Het gaat bij deze mens om de opstand tegen God, de zonde van de zelfverheffing, het anti-goddelijke van zijn rijk.
Het boek Daniël tekent de scheiding uiterst scherp tussen het rijk van de Mensenzoon (Daniël 7) en het rijk van de duisternis. De boodschap is: de wereldrijken die zich niet onderwerpen aan de Koning der koningen zijn gedoemd ten onder te gaan. Ze breken stuk op de rechtvaardige regering van Jezus Christus. Hij is de enige koning in de wereldgeschiedenis die zijn rijk gesticht heeft door zichzelf te vernederen.
Hij is mens geworden en Hij ging aan het kruis.
Ook Antiochus is net zoals Hitler een gewoon mens geweest. Hij is in al zijn duivelse machtsontplooiing - net zoals de Führer van het Derde Rijk - opgekomen uit de gewone mensenwereld.
Deze beide stichters van ‘ondergangsrijken’ zijn geen gevallen engelen, demonen of bovennatuurlijke wezens geweest. Het zijn beide sterfelijke mensen geweest.
Demonische lading
Maar dat is niet het enige wat er van Antiochus gezegd kan worden. Het boek Daniël laat zien hoe de menselijke zonde van de zelfverheffing een demonische lading kan krijgen. Je ziet het in dit boek steeds meer openbaar worden: van de zelfverheffing van koning Nebukadnezar via de brutale ontheiliging van de heilige tempelvoorwerpen door Belsassar (van de bekende schrijvende hand op de muur, Daniël 5) tot de ‘gruwel van de verwoesting’ door Antiochus. We zijn dan inmiddels hoofdstuk 10 gepasseerd waarin Daniël een visonaire inkijk krijgt in een geestelijke strijd: de vorst (de engel) van het koninkrijk van de Perzen die de engel van God één-en-twintig dagen tegenhoudt.
Een strijd die pas door de komst van de engel Michaël beslist wordt.
Zonder iets te weten van die strijd in de onzichtbare wereld kun je de gebeurtenissen op aarde niet begrijpen.
In de eindtijd wordt het rijk van de duisternis steeds zichtbaarder en manifester in de gebeurtenissen op aarde. En het is Antiochus die zich bij uitstek leent voor het duivelse werk van de verwoesting van het heilige: de verzoeningsdienst in de tempel van Jeruzalem. In die opstand tegen het heilige koninkrijk van God komt het anti-goddelijke naar voren. Dat zal in de laatste eindtijd in de komst van de anti-christ ook meespelen: brutale opstand tegen Christus.
Zelfverheffing
Het gaat me nu niet om een uitgewerkte leer van de demonen of om Adolf Hitler de anti-christ te noemen.
Het gaat me om de menselijke trek van de zelfverheffing die zulke vreselijke dramatische gevolgen kan hebben.
Als een aardse regering daarop gebaseerd wordt i.p.v. op de helende macht van de Mensenzoon dan leidt dat onherroepelijk tot de ondergang.
Het boek Daniël maakt je gevoelig voor de onzichtbare wereld achter de zichtbare wereld. Vanuit die wereld wordt de zelfverheffing maar al te graag aangewakkerd, want de duivel is per slot van rekening zelf een opstandeling tegen God. Zijn vreselijke doel is de vernietiging van het heilige en de verwoesting van het menselijke leven. Doodgewone mensen kunnen door de boze en de demonen in onmensen veranderen.
De film ‘Der Untergang’ slaat je er van minuut tot minuut mee om de oren: ondergang. Tot het bittere einde is het alleen maar de duisternis van dood en verderf. De film doet je beseffen: daartoe leidt dus de menselijke zelfverheffing. Daartoe leidt dus de brute macht die in onze wereld op die zonde gebaseerd wordt. Het tekent de realiteit van het rijk van de duisternis, en daarin kan die obscure figuur van Antiochus dichterbij komen.
En dan komt de macht van de Mensenzoon die zich vernederde nog sterker op je af. Want op Hem lopen alle ondergangsrijken van deze wereld zich stuk.