Passie voor preken
2003-06-06
In het kerkelijk leven binnen en buiten ons nederlands gereformeerd kerkverband valt een diepgaande onzekerheid te bespeuren over de prediking van het evangelie en de relevantie van Gods Woord voor kerk en wereld vandaag. Denk maar aan de Jaspersediscussie.- Jaargang 47
- nummer 12
Een predikant van de GKV die onder het pseudoniem Jasperse zijn nood klaagt en zich onder de prediking binnen zijn kerk eenzaam en onbegrepen voelt. Vraagt onze postmoderne tijd niet om een nieuwe benadering?
Deze vraag stelt ook ds Ton Vos in zijn jaaroverzicht 2002 zoals dat te vinden is in het informatieboekje voor de Ned. Geref. Kerken 2003. De vraag stellen lijkt hem beantwoorden. Ons postmoderne klimaat vraagt inderdaad om een andere benadering op de kansel. Maar hoe doe je dat concreet?
En wat moet er dan worden veranderd? Op deze vragen probeert het platform 'Passie voor preken' (zie www.passievoorpreken.nl) een antwoord te bieden. Samen met collega’s uit wel zes verschillende kerkverbanden volgde ik met veel plezier de cursus 'Preken met passie' (om te leren preken van hart tot hart).
Wat is preken?
Zo’n cursus bepaalt je opnieuw bij de vraag wat preken eigenlijk is.
Cursusleider ds. Ron van der Spoel definieert als volgt: 'Preken is de hoorder overtuigen van de relevantie van de bijbelse boodschap.' In de uitgereikte syllabus legt hij uit: 'Bij preken gaat het erom dat de bijbelse boodschap landt in het concrete leven van de hoorder, dat hij de boodschap hoort, gelooft en doet. De grote opdracht van de predikant is daarom de hoorder te overtuigen van de relevantie van de boodschap, dat het dus echt over hem gaat en dat er gereageerd moet worden op wat God je zegt. (-) Het is als het verschil tussen een recept uitleggen of daadwerkelijk gaan koken. Waar de predikant tevreden is met een helder recept, heeft hij maar de helft van zijn opdracht uitgevoerd.
Het gaat erom dat de mensen daadwerkelijk aan het koken slaan. (-) Tot voor kort lag het accent in de prediking op het overtuigen van de waarheid van de bijbelse boodschap.
De predikant legde het bijbelgedeelte zo nauwkeurig mogelijk uit en droeg vanuit het geheel van de Schrift teksten aan om de waarheid van de boodschap te bewijzen. In onze tijd is die waarheidsvraag echter overschaduwd door de vraag: wat heb ik eraan, wat kan ik ermee? Of zoals een Engelse student na het lezen van christelijke boeken verzuchtte: it may be true, but is doesn’t seem to be real.
Dat het waar is, gelooft men wel, maar of het echt over hen gaat, of men er iets mee kan, daar ligt de grote vraag.
Het is de opdracht van de hedendaagse predikant om de hoorders te overtuigen dat deze boodschap ook hun leven kan veranderen.' Prachtige, ware woorden, maar hoe breng je dit nu in praktijk? Als output van de cursus werkt de praktijk bij mij nu ongeveer als volgt.
Spanningsboog in vijf stappen
Tot voor kort bestonden mijn preken uit een korte inleiding, een lang middenstuk waarin ik op basis van schriftuitleg wat toepassingen vervlocht en een kort slot waarin ik e.e.a. nog eens samenvatte. Sinds ik de cursus heb gevolgd probeer ik meer naar een climax toe te werken.
Die climax wordt bepaald door de prangende vraag: wat heb ik nu aan alles wat ik heb gehoord, waarmee kan ik concreet de komende (werk)week in?
Stap 1: intro De preek begint met de vraag waar het in de preek om gaat en benoemt gedachten en gevoelens die daar bij los komen. Zo’n intro schept verwachtingen, zet aan tot luisteren.
Stap 2: tekst Aansluitend komt het gekozen bijbelgedeelte in beeld. Omdat de mens van vandaag vooral 'luistert met zijn ogen en denkt met zijn hart', is de manier waarop ik de tekst behandel anders geworden. Ds. Ron van der Spoel vat dit kort samen als 'van foto naar film'. De 'traditionele preekmethode' heeft de neiging de hoorder stil te zetten bij een theologische waarheid. Samen kijk je van alle kanten en onder verschillende belichtingen naar het bijbelse plaatje. Bij een film is er veel meer sprake van beweging.
Van der Spoel: 'Waar de preek meer heeft van een film dan van een foto, wordt de hoorder meegenomen op een reis door het schriftgedeelte.
Niet het bespreken van enkele bijbelse waarheden, maar het meegenomen worden in wat er in dit bijbelgedeelte gebeurt tussen God en mensen.' Zelf merk ik dat, wanneer je de gevoelens in de interactie tussen God en mensen. en mensen onderling concreet benoemt, het Woord voor de mensen dichterbij komt, de film als een spiegel werkt. Op die manier komt de bijbel ook voor mezelf weer meer en meer tot leven, word ik opnieuw gegrepen door de rijkdom van Gods Woord.
Stap 3: boodschap Van belang is om vervolgens de boodschap die uit 'de film' spreekt helder te verwoorden en, omdat een schriftgedeelte nooit los verkrijgbaar is, deze aan te vullen door en te spiegelen in de bredere verbanden van Schrift en theologie.
Stap 4: kriebel En dan wordt het echt spannend!
Want een heldere boodschap, kriebelt en jeukt, roept vragen op als: Wat kan ik hier mee? Wil ik dit wel?
Waarom zegt God dit? Waarom is dit in mijn leven niet of nauwelijks aanwezig?
'Het is de lading van de tekst die ook zo zal zijn overgekomen op de eerste hoorders of lezers. Dit kan de spanning van de verbijstering, van het ongeloof, van de onwil of van het intense verlangen zijn. Het is het gevoel van het onvervulde, het je niet zomaar aan de boodschap gewonnen geven.' Het gaat hier om de zogenaamde 'ja-maars' van de hoorder en die je als predikant ook in je eigen hart hebt beluisterd.
Stap 5: krabbel Nu moet duidelijk worden wat de boodschap concreet waard is, moet de belofte van het begin worden ingelost, moet de climax volgen, de 'verlichtende krabbel van de steeds erger wordende jeuk'. Van der Spoel: 'Het slot van de preek is als een richtingwijzer: men kan er mee verder, verder met God, verder met het leven als christen in deze wereld, verder met zichzelf. Er is werk aan de winkel, maar je weet wat je moet doen. Het slot van de preek is de deur naar het dagelijks leven die openzwaait en waar je anders doorheen gaat dan je door de ingang van de preek bent binnengekomen.'
Mindmapping
Om zo goed mogelijk te kunnen communiceren werd ons sterk aangeraden de preken voortaan niet meer uit te schrijven, maar van een zgn. mindmap te preken. D.w.z. een horizontaal neergelegd A-viertje waarop in verschillende kleuren steekwoorden zijn genoteerd. 'Je geheugen werkt zo en is tot veel meer in staat dan je zelf denkt,' werd ons voorgehouden. Het blijkt inderdaad te werken. Ik heb onder de preek veel meer oogcontact met mensen en doordat ik ter plekke mijn woorden moet kiezen preek ik spreektaal. Onderzoek wees uit dat, hoewel predikanten in doorsnee van het tegendeel overtuigd zijn, schrijven in spreektaal onmogelijk is!
Sinds ik met een velletje de preekstoel op ga weet ik mij, meer dan voorheen, afhankelijk van de Heilige Geest en ben ik als vanzelf tijdens het votum mijn handen gaan openen: Heilige Geest wilt U het uit Christus nemen en mijn lege handen vullen?!
Mag ik de boodschap tot aan het hart brengen, wilt U het in de harten doen landen?!
Natuurlijk klinkt die roep om Gods leiding op de kansel niet voor het eerst, maar stel je die tijdens het preekproces ook voortdurend. Je kunt alleen maar preken van hart tot hart als de boodschap eerst je eigen hart heeft geraakt! Daarom is preken, ook in onze postmoderne tijd, zulk mooi en heerlijk werk! Werk dat niet zonder uw gebed kan!