Orthodoxe lessen

2003-07-11
  • Jaargang 47
  • nummer 14
Soms kom je onverwacht op plaatsen waar je even onverwachte ontdekkingen doet. Zo verging het ons (mijn vrouw en mij) toen we begin mei een dag of zes bivakkeerden in Volos, een stad aan een baai aan de oostkust van Griekenland, precies tussen Athene en Thessaloniki in. Orthodoxe diepgang en inzicht gingen hand in hand.

Wij – m’n echtgenote, onze jongste dochter en ik - waren met zo’n zestig andere Europeanen te gast bij de 4e jaarvergadering van het European Christian Environmental Network (ECEN).
Een sympathieke club. De belangstelling voor elkaar en de betrokkenheid op de schepping gingen hand in hand.
Maar wat minstens zoveel indruk op ons maakte was wat we meekregen uit de Grieks-orthodoxe kerk. Onze zintuigen werden meer aangeroerd dan we gewend zijn in Nederland.

Orthodoxe diepgang
Laat ik het maar meteen zeggen: de oosters-orthodoxe kerk kwam veel minder statisch en wereldvreemd over dan ik had verwacht. Al staat een weelderig-beschilderd en met ikonen volgezet kerkgebouw nog wel wat ver van me af. Maar wat me meteen op de eerste dag al al trof was de plechtigheid waarmee de conferentie begon: de ‘zegening van het water'. Deze plechtigheid werd geleid door metropoliet Ignatios van Volos en behelsde zingen, schriftlezing (waarbij de bijbel – een prachtig verguld exemplaarwerd gekust), het dopen van een kruis in water en het besprenkelen van de zaal.
Hier was niets magisch bij, beklemtoonde dagvoorzitter Dimitri Oikonomou (over wie straks meer). Het doel was geen mysterieuze verandering van dat water, maar een verandering van geest bij ons, die deze zegening gadesloegen en ondergingen. Een afstemming van onze geest op de diepe betekenis van water.
Mij als protestant trof dit ritueel bijzonder.
In een flits realiseerde ik me dat hier alles bij elkaar kwam: water als onderdeel van Gods prachtige en fascinerende schepping, het water van de Rode Zee, het water van de doop als teken van vernieuwing, het levende water in het Nieuwe Jeruzalem. Hier werd de brug geslagen van water als gewoon dagelijks gebruiksvoorwerp naar water als teken van reiniging, verlossing en vernieuwing. Ineens besefte ik dat ik dit dus thuis missen zou. Want wij protestanten kennen nauwelijks rituelen. Doop, avondmaal, heel af en toe handoplegging en ziekenzalving – en dan hebben we het wel gehad. Zou dat de oorzaak zijn dat wij het 'verwijzingskarakter van de dingen' – dat alle dingen die we om ons heen zien en wat we gebruiken naar God als Schepper en Onderhouder van de wereld verwijzen - daarom maar moeilijk beleven? En dat we daarom zovaak wat langs Hem heen leven in onze doordeweekse welvaart?
Ja, zou het niet heel goed en nodig zijn om daar als kerk wat aan te doen?

Orthodoxe betrokkenheid
Er sneuvelden trouwens nog wel een paar meer misverstanden tijdens ons verblijf in Griekenland. Zo blijkt de Grieks-Orthodoxe Kerk een actief sociaal beleid te voeren: mensen die het niet breed hebben kunnen er terecht voor een warme maaltijd. En de mythe dat evangelisch, katholiek en oostersorthodox niet met elkaar kunnen opschieten bleek al evenzeer onjuist. In Volos waren ze gezamenlijk onze gastheren.
En zo liepen we na een dagopening – verzorgd door de evangelische predikant Meletiades - allemaal met een petje op van de Evangelische Kerk. Een petje dat ‘s zomers gedragen wordt door het team van deze kerk dat toeristen een afvalzakje aanreikt zodat ze hun troep niet uit het raampje gooien.
Een zakje met verwijzing naar de Schepper.
Een actie die nodig is in een land waar afval overal wordt neergegooid en waar je soms niet kunt zien of een huis nu in aanbouw is of bezig is in te storten. Maar een actie die ook door en door christelijk is: want als hemel en aarde Gods heerlijkheid laten zien (Psalm 19), is vervuiling aantasting van Zijn eer, zoals Meletiades het zei. De man en zijn uitspraak zijn voortaan in mijn geheugen gegrift.

Orthodox inzicht
Oosters-orthodoxe wijsheid deden we opnieuw op tijdens de laatste conferentiedag.
Voorzitter Dimitri Oikonomou, een orthodoxe Australiër van Griekse afkomst, in het dagelijks leven hoogleraar Oost-Europese kerkgeschiedenis in Oxford, bleek niet alleen een buitengewoon aardige man te zijn, maar ook een wijs voorzitter en begenadigd met een diep inzicht in de Bijbel.
Hij verzorgde de dagopening en deed dat over ‘vrijheid’.
Oikonomou noemde keuzevrijheid de meest karakteristieke eigenschap van de mens als beeld van God. God forceert niet. Voorin de Bijbel stelde Hij via Mozes het volk Israël voor de keuze: ‘kies dan heden wie u dienen zult’….
En in het laatste Bijbelboek is het precies zo, wanneer Jezus zegt: ‘zie, Ik sta aan de deur en Ik klop’. Hoe bescheiden.
En in het midden van de geschiedenis liet Maria liet zich onderwijzen door de engel en zegt dan – als een bewuste keuze – ‘mij geschiede naar uw woord’. Zij koos voor aanvaarding, voor onderwerping aan Gods wil. En zo zien we in Maria in geconcentreerde vorm het mooiste wat de mensheid God te bieden heeft: Zijn boodschap aanvaarden met alle consequenties van dien. (Voorwaar een verrassend licht op Maria!) Deze vrijheid heeft wel drie consequenties: delen, luisteren en lijden.
Vrijheid betekent delen, omdat je nooit in je eentje vrij kunt zijn. Je hebt de ander nodig anders kun je nooit jezelf zijn. Vrijheid betekent relatie. En daar horen solidariteit en mededogen bij. God zelf is ook niet alleen: Hij bestaat uit drie Personen en Hij schiep ons naar Zijn beeld, relationeel.
Vrijheid betekent ook: ervoor kiezen te luisteren. Maria ‘hoorde deze woorden en bewaarde ze in haar hart’, zo staat meermalen in Lucas 2 opgetekend.
Maria’s laatst opgetekende woorden zijn: ‘wat Hij ook tegen jullie zegt, doe het’ – gezegd tegen de knechten bij de bruiloft in Kana. Oftewel: een aansporing tot luisteren was haar erfenis aan de kerk.
Vrijheid, aldus Oikonomou, betekent tenslotte ook: lijden aanvaarden. Elke weigering om te lijden verkleint onze vrijheid! En dat terwijl wij westerse mensen, misschien wel meer dan ooit in de geschiedenis, gehecht zijn aan ons comfort.
En daarmee sloot deze dagopening helemaal aan bij de hoofdthema’s van de conferentie: duurzame ontwikkeling en water (vandaar de zegening van het water). Onze oud-minister Pronk sprak over duurzaamheid. Hij schetste hoezeer globalisering – een woord dat tien jaar geleden nauwelijks nog bestond – voor een wereldwijde middenklasse grenzen in tijd en afstand heeft doen wegvallen. Maar inmiddels neemt de armoede in de wereld niet af, maar toe, zei Pronk. Hij hekelde de verbureaucratisering van de kerken en riep hen op, de gangbare waarden competitie, comfort en consumptie aan te vullen met de c’s van coöperatie, cultuur (normen en waarden) en care (zorg). Hij waarschuwde de kerken om niet de zoveelste deskundige te willen zijn – 'dat zult u verliezen' - maar om de slachtoffers op te zoeken, ook in de rijke landen, en vanuit die ervaringen de machthebbers te confronteren met wat scheef zit.
Zo kwamen we terug naar Nederland in het besef dat er ook in onze eigen Nederlands Gereformeerde Kerken kansen onbenut en opdrachten onvervuld blijven. Kansen en en opdrachten om het over de Vader te hebben Die ons geschapen heeft – en Die ons oproept om goed voor Zijn schepping te zorgen.
Kansen om in preken, in gebeden, maar ook in liederen en rituelen in een door wetenschap, techniek en geld 'onttoverde' en vermaterialiseerde wereld Gods naam groot te maken.
Volgens mij wordt het tijd om een ‘'Dag van de schepping’' (Dankdag bijvoorbeeld) in te voeren, zoals die er in de oosterse kerken al is. Wat houdt ons eigenlijk tegen?

Drs. P.H. Siebe is lid van de NGK Amersfoort-Noord en woonde als gast namens het Christelijk Ecologisch Netwerk (CEN) de vergadering in Volos bij. Meer weten? Ga naar www.ecen.org of mail: petersiebe@wanadoo.nl.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief