Stille tocht tegen Kanaän - Over het gebed als strijdmiddel
2003-08-01
Bidden en ontmoeting- Jaargang 47
- nummer 15
Bespreek, voorafgaand aan het gebed, hoe het de deelnemers de afgelopen tijd vergaan is. Als dat van toepassing is, zou je dit keer eens zorg en zegen op het werk kunnen bespreken; vaak blijft dat wat buiten beeld in de kerk, terwijl het voor werkende mensen toch een belangrijk deel van het leven is.
Eerste stap
Dit keer gaat het over de val van Jericho, misschien het bekendst uit de negro-spiritual 'Joshua fit the battle of Jericho'. Waarom zou het verhaal de negers zo aangesproken hebben?
Bezinning vanuit de Bijbel
Lezen: Jozua 5:13 - 6:27 (te overwegen valt om het hele verhaal thuis te lezen en in de groep alleen 5:13 tot 6:5)
• Deze geschiedenis is als een verhaal met vele spelers, die elkaar afwisselen. Het zijn achtereenvolgens: Jozua, de Engel (en dus God), de Israëlieten, de Kanaänieten en Rachab. Probeer je in het verhaal in te leven en laat de eerste deelnemer nauwkeurig vertellen wat Jozua gevonden moet hebben van de Engel; de volgende wat de Engel dacht over de Israëlieten, tot en met wat Rachab van Jozua vond.
• Nu komen wij zelf in beeld. Het is een ruige geschiedenis. Beschrijf wat je er mooi in vindt en ook heel eerlijk wat je tegen staat. Wat doe je met die bedenkingen?
• Een doorsnee-Israëliet hoefde geen steden te veroveren of Kanaänieten te doden. Het is dus geen handleiding voor oorlogvoering.
Met welk doel zou God deze geschiedenis dan toch voor hen hebben laten opschrijven?
• Wij staan er nog verder af. Wat hebben wij te leren van het centrale gedeelte, de 'Stille tocht' tegen Kanaän?
• En wat voegt de val van Jericho plus het 'behouden huis' van Rachab daaraan toe?
Dank en voorbede
Breng alles wat je gevonden hebt, biddend bij God. Dank voor wat je geleerd hebt, bid voor wat God van je vraagt en zoek zijn wijsheid voor wat je niet begrijpt.
| Verdieping: De strijd tegen Kanaän heeft in de Bijbel een volstrekt uniek karakter, niet te vergelijken met andere oorlogen. In de belofte aan Abraham, Genesis 15: 12-21, komt Gods dreiging tegen deze volkeren al uit. Maar God maakt er wel een punt van, dat Hij niet zomaar even plaats maakt voor Israël. Nee, eerder moeten Abraham's nakomelingen nog eeuwen In Egypte blijven dan dat Hij de Amorieten te snel zou verdrijven. De essentie is, dat God besloten heeft om met Israël een schoon nieuw begin te maken op de smerigste plek op aarde. In Kanaän zijn het geloof en de menselijkheid ontaard: kinderoffers, religieuze prostitutie, alles wat God een gruwel is. Over deze wereld komt iets als een voorschot op het eindoordeel, en dat heet 'de ban'. Het besef dat het heel riskant is als mensen (Israëls leger) bij dit eindoordeel betrokken zijn, is in de verhalen duidelijk aanwezig. |