Catechisanten steken gelijkenis verloren zoon in modern jasje
2003-09-12
De cd begint te draaien en de huiskamer vult zich met stemmige pianomuziek.- Jaargang 47
- nummer 18
Op de klanken van Elton Johns Sorry seems to be the hardest word wordt de luisteraar meegenomen naar de wereld van de 18-jarige Thomas.
Het is het verhaal van een jongen die de wereld intrekt en zijn ouders en zus vertwijfeld achterlaat. Thomas die denkt het wel alleen te kunnen rooien.
En één persoon zeker niet nodig heeft: zijn vader.
Waarom kon pa hem nou nooit eens zelfstandig zijn beslissingen laten nemen? Er ontpopt zich een drama in een notendop in de vorm van een documentaire waarin de 16+ catechesegroep van de Nederlands Gereformeerde Kerk in Doorn verslag doet van Thomas’ belevenissen in het verre Bangkok.
Uiteindelijk is er in het vliegtuig een hereniging met zijn zoekende vader die Thomas onvoorwaardelijk in de armen sluit.
De moderne vertaling van de gelijkenis van de verloren zoon anno 2003 werd in mei dit jaar gebruikt in een kerkdienst van de NGK in Doorn.
Als sluitstuk van een intensief catechese-seizoen, zo vertelt Jan den Bok. Samen met predikant Gijs Bronsveld geeft hij catechese aan jongeren vanaf 16 jaar. ‘Het was een heel goed jaar waarin in alle oprechtheid over geloof en vragen daaromheen werd gesproken’, vertelt Den Bok.
Het idee voor het maken van een hoorspel ontstond mede nadat de groep een film met een preek van Henri Nouwen had bekeken rond het thema ‘Geliefd kind’. Ook een preek van Bronsveld over ‘Thuiskomen’ naar aanleiding van een getrouwd stel dat belijdenis deed en hun kind liet dopen, zette de groep aan het denken.
‘Die gegevens samen leidden tot een goed gesprek over de gelijkenis van de verloren zoon. Vooral het punt van ‘tot inkeer komen’ daagde de deelnemers uit. In de gelijkenis ontdek je dat het echte leven pas een leven met de Vader is. Dat bij Hem de enige plek is waar je een geliefd kind kunt zijn.’ Waarom sprak dit thema de jongeren zo aan? ‘Ze leven in een wereld waarin vaak één begrip centraal staat: hoe kom ik over? In het kader daarvan hebben we het ook uitgebreid over het tv-programma Idols gehad. Zet dat eens tegenover de vraag ‘mag ik er zijn?’. Wie je ook bent, bij God bèn je al een geliefd kind. Dat besef kan soms een hele opluchting zijn.’ Zijn dochter Petra (17) was één van de makers van het hoorspel. ‘Ik denk dat het onderwerp vooral aanspreekt omdat veel relaties tussen ouders en kinderen tegenwoordig moeilijk zijn. De relatie met je ouders kun je ook weer vergelijken met een relatie met God.’ Over het eindresultaat is Petra zeer tevreden. ‘Het is heel goed geworden. Nu konden ze in de kerk ook eens zien wat we doen op catechisatie. Leuk om zo bezig te kunnen zijn met het geloof. Misschien gaan we er nu ook een film van maken. Er is een enorme vraag naar, hebben we gemerkt.’ Tim Versteeg (18) speelde hoofdpersoon Thomas in het hoorspel. ‘Het was erg leuk om te doen, vooral omdat we het verhaal van de verloren zoon in het heden konden plaatsen. Je herkent daardoor dingen waar Thomas tegen aanloopt in het verhaal’, vertelt hij.
‘Bijbelverhalen zijn soms erg leuk en aardig, maar worden niet altijd begrepen door de jeugd. Dit hoorspel kun je bij uitstek gebruiken in een jeugddienst bijvoorbeeld. Het is laagdrempelig en daardoor te begrijpen door niet-christenen.
Echt super!’ Het idee om een hoorspel te maken kwam voort uit een overleg tussen Bronsveld en Den Bok. ‘Een hoorspel klinkt misschien ouderwets, maar het is spannender dan je zou denken. Het is minder gecompliceerd om te produceren, terwijl het resultaat veel aan de verbeelding overlaat. Alles moest in een paar weken worden gemaakt. We wilden in elk geval iets met drama, en het maken van een film leek toch wel een hele productie.’ Zijn zoon Jan Willem den Bok schreef het scenario en de catechisanten maakten daar zelf binnen een week de dialogen bij. ‘Daar is vervolgens een script uitgerold.’ In het hoorspel zijn uiteindelijk zes scènes verwerkt die gaan over de onmacht van Thomas in de slechte relatie met zijn vader, de breuk die volgde door te vluchten, het wilde leven dat hij vervolgens geniet, de inkeer, wanhoop en de daarop volgende vergeving. De catechisanten hebben elk een rol toebedeeld gekregen en spelen deze met verve, waardoor het geheel – gelardeerd met toepasselijke muziek – een vrij realistisch karakter krijgt.
Bronsveld kwam op de gedachte dat het hoorspel een bruikbaar element kon zijn in de eredienst, vervolgt Den Bok. Nadat het hoorspel in de dienst was gedraaid, preekte hij over de vraag hoe je nu tot volledige overgave aan Jezus Christus kon komen. ‘Ik heb dit seizoen gemerkt dat op het moment dat je met onze jongeren van 16 jaar en ouder echt in gesprek raakt, ze heel goed begrijpen waar het hier om gaat’, sprak Bronsveld destijds in de dienst, doelend op de totale eenzaamheid die Thomas overviel in Bangkok. ‘Als je aan hen vraagt: kun je je iets voorstellen bij de leegte van binnen? Kun je iets aanvoelen van de innerlijke eenzaamheid, innerlijke pijn? Het gevoel dat je niet bent zoals je echt zou willen zijn? Dat blijken ze zelf te ervaren.’ De conclusie van Bronsveld: identiteit vind je niet in jezelf, maar in het feit dat je een zoon of dochter van God bent. Dat is het echte leven.
Dàt aanvaarden in combinatie met vergeving vragen zorgt ervoor dat je de stap naar Hem toe kan zetten.
De gemeente reageerde volgens Den Bok uitermate positief op het werkstuk van de jongeren. ‘Het is echt goed opgepikt. Het onderwerp ráákt, dat is duidelijk, want er zijn veel ouders met kinderen die zoeken en twijfelen.’ Den Bok onderstreept hoe belangrijk echte aandacht voor jongeren in de gemeente is. Juist omdat ze vaak zo op zoek zijn naar hun identiteit.
‘Jongeren ontmoeten elkaar graag in de kerk, vinden het gezellig. Maar als je aan het eind van een goede avond zegt: ‘Fijn dat God dit mogelijk heeft gemaakt’, kijken ze soms alsof ze het in Keulen horen donderen. Dat bedoel ik niet neerbuigend, maar om aan te geven dat ze de sprong nog niet gemaakt hebben die zeg maar ‘gearriveerde christenen’ wel hebben gemaakt: het feit dat God een wezenlijk onderdeel van je leven is. Soms word je daar zelf ook weer even stil van.’ In de gemeente in Doorn neemt het jeugdwerk een belangrijke plaats in. ‘We gebruiken alle mogelijke middelen om af te komen van het consumptiepatroon’, glimlacht Den Bok. Dit betekent dat in de kennisoverdracht gezocht wordt naar interactie. ‘We hebben weleens video’s van de EO gekeken over dilemma’s. Daar praten we dan over door.
Bijvoorbeeld: wat doe je als je weet dat iemand ergens niet eerlijk aan is gekomen en hij biedt het je voor een paar stuivers aan? Of: je hebt een trouwe vriend, maar anderen accepteren hem niet. Ze vinden hem maar een vreemde verschijning. Ben je dan trouw aan hem of doe je alsof je hem niet kent op een feestje?’ Maar ook onderwerpen Den Bok uitermate positief op het werkstuk van de jongeren. ‘Het is echt goed opgepikt. Het onderwerp ráákt, dat is duidelijk, want er zijn veel ouders met kinderen die zoeken en twijfelen.’ Den Bok onderstreept hoe belangrijk echte aandacht voor jongeren in de gemeente is. Juist omdat ze vaak zo op zoek zijn naar hun identiteit.
‘Jongeren ontmoeten elkaar graag in de kerk, vinden het gezellig. Maar als je aan het eind van een goede avond zegt: ‘Fijn dat God dit mogelijk heeft gemaakt’, kijken ze soms alsof ze het in Keulen horen donderen. Dat bedoel ik niet neerbuigend, maar om aan te geven dat ze de sprong nog niet gemaakt hebben die zeg maar ‘gearriveerde christenen’ wel hebben gemaakt: het feit dat God een wezenlijk onderdeel van je leven is. Soms word je daar zelf ook weer even stil van.’ In de gemeente in Doorn neemt het jeugdwerk een belangrijke plaats in. ‘We gebruiken alle mogelijke middelen om af te komen van het consumptiepatroon’, glimlacht Den Bok. Dit betekent dat in de kennisoverdracht gezocht wordt naar interactie. ‘We hebben weleens video’s van de EO gekeken over dilemma’s. Daar praten we dan over door.
Bijvoorbeeld: wat doe je als je weet dat iemand ergens niet eerlijk aan is gekomen en hij biedt het je voor een paar stuivers aan? Of: je hebt een trouwe vriend, maar anderen accepteren hem niet. Ze vinden hem maar een vreemde verschijning. Ben je dan trouw aan hem of doe je alsof je hem niet kent op een feestje?’ Maar ook onderwerpen.