Meewerken aan nieuw Liedboek
2003-12-05
Het project heet nog ‘Liedboek 2000’ maar kan, als alles goed gaat, op z’n vroegst in 2015 worden afgerond.- Jaargang 47
- nummer 24
Een groepje ‘verkenners’ adviseert de Landelijke Vergadering niettemin mee te werken aan de vernieuwing van het Liedboek voor de Kerken, waaruit onze gemeenten nu zo’n kwart eeuw zingen. Meewerken aan het project betekent volgens de commissie dat wij kunnen pleiten voor het opnemen van ‘bijbelse liederen’.
‘Medeverantwoordelijk worden voor de bundel als geheel betekent niet dat wij alle liederen moeten goedkeuren en gebruiken.’
Om aan het project mee te werken is een commissie van deskundigen nodig, die minstens moet bestaan uit een musicoloog, een neerlandicus en een theoloog. Die deskundigen zouden trouwens ook in eigen kring het nodige kunnen doen aan kwaliteitsbewaking van teksten en melodieën, want er circuleert nogal wat op het gebied van aanvullende bundels. Het lijkt de commissie ook een goed idee de CGK en GKV uit te nodigen mee te doen.
Lied als spiegel
Dat de naam van het project direct al een vooral symbolische betekenis had, blijkt uit het feit dat de stuurgroep eind 1997 werd geïnstalleerd en zich voornam eind 2006 gereed te zijn. Zij bestond uit leden van de SoWkerken, de Interkerkelijke Stichting voor het Kerklied (ISK) en een vertegenwoordiger van ‘overige kerken’.
Maar begin 1999 liep de stuurgroep vast en ontstond een ‘patstelling’ zoals zij het zelf noemt. In mei werd de zaak weer vlotgetrokken.
De stuurgroep vindt dat de kerken, vooral die van SoW, een steeds uiteenlopender beeld vertonen. ‘Als het kerklied een spiegel is van het geloof van mensen, dan zal duidelijk zijn dat pluriformiteit en kerklied alles met elkaar te maken hebben.’ In de SoW-kerken zijn twee hoofdstromingen te zien: oecumenisch-protestant en klassiek-gereformeerd.
Daarnaast zijn er twee ‘onderstromingen’ en wel de basisbeweging en de evangelische beweging. ‘De basisbeweging zingt uit de bundel Liturgische Gezangen, de oecumenisch-protestanten uit het Liedboek, de bundel Zingend Geloven en de Gezangen voor Liturgie, de klassiek-gereformeerden houden het bij het Liedboek, de bundel van A. Troost en de NH bundel uit 1938. De evangelischen zingen tenslotte vooral Opwekking, Youth for Christ en de Evangelische Liedbundel.’
Werken in groepen
De stuurgroep onderzoekt nu hoe de protestantse kerken denken over een nieuw Liedboek en wil ook contact met de Rooms-Katholieken naar het voorbeeld van Zwitserland, waar te gelijkertijd een protestantse en rooms-katholieke bundel in gebruik zijn genomen met veel gemeenschappelijke liederen. Na al deze en nog meer contacten moet er een advies komen aan de deelnemende kerken.
Voor het echte werk denkt de stuurgroep aan een kern redactie met werkgroepen.
Elke werkgroep krijgt een deelgebied en bestaat uit de diverse kerken en stromingen. Zij kunnen zich buigen over de revisie van het Liedboek, de psalmen (met speciale aandacht voor onberijmde psalmen), materiaal uit andere bundels en tradities, kinder-, jeugd- en tienerliederen en nog ander materiaal dat een bijdrage kan leveren aan de gemeentezang.
Daarbij denkt zij bijvoorbeeld aan canons en zangspreuken.
Al verouderd?
De ‘verkenners’ houden zich naast hun advies verder op de vlakte. Een eventuele nieuwe commissie moet alle voors en tegens van dit jarenlange project maar op de rij zetten.
Voor de hand liggende vraag is, of onze gemeenten het Liedboek na zo’n 25 jaar al als ‘verouderd’ beschouwen.
Tevens zal een nieuw Liedboek waarschijnlijk niet de behoefte aan aanvullende bundels wegnemen, omdat elke gemeente op dat gebied weer eigen wensen koestert.
Maar wellicht dat beamer en overheadprojector in die behoefte kunnen voorzien.