Ds J.O. Mulder: Herder tussen de schapen
2002-01-11
Op Nieuwjaarsdag is Jan Oebele Mulder in de gezegende leeftijd van 98 jaar in Christus ontslapen. Dienaar van het Woord. En dat was hij ten voeten uit.- Jaargang 46
- nummer 1
Maar als dienaar des Woords is Jan Mulder een hele gewone jongen gebleven. Een man zonder kapsones.
Eenvoudig en wars van alle mensenverheerlijking.
Een biddende moeder
Hij was 25 jaar oud toen hij dominee werd en samen met zijn vrouw Hilly van der Meulen de pastorie betrok in Boven-Hardinxveld.
Dat Jan Mulder predikant is geworden, is voor een belangrijk deel de vrucht van het gebed van zijn gelovige moeder.
Zij wilde dat graag en heeft daar ook veel voor gebeden. In het interview dat ik in 1994, ter gelegenheid van 50 jaar Vrijmaking, met ds. Mulder had (Opbouw nr. 16, 38e jrg) gaf hij dat ook heel duidelijk aan; "Ik denk dat dát van wezenlijke betekenis geweest is voor mijn roeping tot het ambt van dienaar des Woords. Moeder las elke dag de Bijbel met de kinderen en liet hen om de beurt een gedeelte lezen".
Dat hij theologie ging studeren aan de Vrije Universiteit te Amsterdam was vooral te danken aan zijn vader, hoofdonderwijzer in IJsselmonde, die een VU man was.
Hij stond aanvankelijk onder invloed van Kuyper, de hoogleraar dogmatiek aan de faculteit was toen Hepp, later groeide hij bij Kuyper vandaan en kwam onder invloed van de mensen als Schilder, Veenhof en Holwerda.
In zijn Hattemer periode (’40-’51) liep hij samen met z’n Wezeper collega Goris colleges bij hen in Kampen.
Boven-Hardinxveld, Langerak en Hattem
Het was voor de jonge ds. Mulder hard aanpakken in z’n eerste gemeente. Hij kon er overigens smakelijk over vertellen. Over de moeite die hij had om in de periode van Kerst en Oud- en Nieuw zoveel preken te moeten maken. En soms lukte het helemaal niet. En dan ging hij ten einde raad op zaterdagavond naar het belangrijkste lid van de kerkenraad, de hoofdonderwijzer van het dorp, en zei: ik krijg het niet voor mekaar.
De hoofdonderwijzer, die altijd zijn vriend is gebleven, antwoordde hem: deze keer zal ik een preek lezen, een volgende keer neem je maar een eenvoudiger tekst.
Na Boven-Hardinxveld volgden Langerak en Hattem, waar hij zich vrijmaakte.
Het gezin was inmiddels behoorlijk gegroeid, in Hattem was het twaalfde kind Jos geboren, en van een karig traktement moesten dus een heleboel kinderen gevoed en gekleed worden.
Maar zijn Hilly bestierde met strakke en wijze hand haar huishouding. En ds. Mulder liet dat ook graag aan haar over.
Kampen
Ds. Mulder heeft de gemeente van Kampen 22 jaar gediend. Met liefde en trouw, met de inzet van al z’n krachten.
Samen met zijn collega’s Bouwsma, Lindeboom en Visee, met wie hij na 1951 lang heeft mogen samenwerken.
Klavertje vier werden ze in Kampen genoemd, Mulder kwam er als laatste bij.
Het is een hele mooie, maar tegelijk ook een hele zware tijd geweest.
Aanvankelijk stonden ook de Kamper predikanten voor de gedachte van de doorgaande reformatie. "Je was er trots op dat je vrijgemaakt was. Preken tegen de valse kerk, de hervormde en synodale kerk, het warm lopen voor de gereformeerde organisaties. En dat gebeurde ook in Kampen met grote felheid", zegt ds. Mulder in het bovengenoemde interview.
Jan Mulder was niet iemand die zich zelf erg profileerde. Van de Kamper predikanten trad vooral Visee naar buiten via de Kamper Kerkbode en Opbouw. Mulder was van nature een wat verlegen mens, meer op zichzelf.
Geen man van organisaties. Op z’n plaats in de gemeente. Een herder tussen de schapen.
En hij was in Kampen geliefd. Door z’n eenvoud en z’n verstrooidheid. Door dicht bij de mensen te staan.
Hij kende hun levensomstandigheden.
Had ook zelf armoede gekend in de pastorie.
Maar ook een man van het Woord.
"Ik heb nooit iets anders iets anders willen preken dan juist het evangelie van het kruis en de opstanding.
Daarvoor waren mijn ogen geopend in de jaren dertig. Een manier van bijbellezen, die je leerde je vertrouwen te stellen op Gods beloften".
Open Brief
Het was daarom voor velen ook een verrassing dat juist zijn naam onder de Open Brief stond. En hij heeft het geweten. De aanvallen op zijn persoon waren hard en fel. "Wolf in schaapskleren", "valse herder". Het heeft hem diep geraakt. Hij heeft er onder geleden, maar is er niet aan kapot gegaan.
Hij zocht zijn steun en troost bij Christus, wist door zijn humor de scherpte ook te relativeren en zocht de strijd niet op. Het heeft hem ook niet verbitterd gemaakt.
Dat bleek ook wel na z’n emeritering, toen hij de brs en zrs, die hem in het heetst van de strijd diep hadden gekwetst, zelf weer is gaan opzoeken.
Het geloof in de Here Jezus gaf hem de kracht om dat te doen. De herder in hem is nooit verdwenen. En soms heeft dat tot heel ontroerende situaties geleid.
Van zorg en liefde
Jan Mulder is heel erg oud geworden.
Vele jaren daarvan hebben in het teken gestaan van de zorg voor zijn vrouw Hilly, die geestelijk steeds meer achteruit ging. Ze kon tot het einde van haar leven, nu ruim drie jaar geleden, thuis verzorgd en verpleegd worden.
En dat was vooral mogelijk dankzij de geweldige inzet van dochter Iet, die de zorg voor vader en moeder op zich had genomen.
Ds. Mulder week niet van haar zijde.
Af en toe pakte hij zijn fiets om z’n vaste ritje door Kampen te maken, of om hier en daar een bezoekje te brengen.
Met ontroering denk ik terug aan de tedere manier, waarop hij met haar omging. Zorgzaam en liefdevol.
In gesprekken vertelde hij regelmatig, waarom hij zo dankbaar was dat hij zo oud mocht worden. Dat is omdat ik haar nu iets kan teruggeven, waarin ik al die jaren tijdens mijn predikantschap tekort ben geschoten. Nu kan ik voor haar zorgen. En hij deed het met heel veel liefde en toewijding.
Acht en negentig jaar oud. Bijna een eeuw. Jan Oebele Mulder is thuisgekomen bij zijn hemelse Vader, na een welbesteed leven in dienst van zijn Heer. Wij gedenken hem met dankbaarheid en respect.
Laat ons de Heer lofzingen,
juicht, al wie bij Hem hoort!
Hij zal met trouw omringen
wie steunen op zijn woord.