Het verhaal van Gilgamesj
2002-02-08
Gilgamesj, die een kleine vijfduizend jaar geleden, over de stad Oeroek (in het zuiden van Irak) regeerde, moet een ongemakkelijk heer zijn geweest, een tiran, en zijn onderdanen hadden maar naar zijn pijpen te dansen. Hoor hun klacht:- Jaargang 46
- nummer 3
Zijn metgezellen moeten steeds klaar staan om zijn oproep te volgen.
Hij valt de mannen van Oeroek te pas en te onpas lastig.
Dag en nacht gaat hij onstuimig te keer.
Na verloop van tijd hebben die onderdanen dan ook schoon genoeg van hem. De klassieke oplossing is natuurlijk: weg met die man,opruimen, vermoorden.
Maar dat gebeurt hier niet.
Ze beklagen zich bij hun goden en die grijpen in: om de overtollige energie van Gilgamesj te doen afvloeien scheppen zij Enkidoe.
Enkidoe
Hij is een ruige ongeciviliseerde man die met de dieren door de steppe zwerft. Hij beschermt ze tegen een jager en deze nimrod probeert dan hem uit te schakelen. Nu wel op een klassieke manier: via de vrouw. Hij haalt een tempelprostituee en die weet Enkidoe vakkundig te verleiden.
De dieren willen daarna niets meer van Enkidoe weten en dan brengt de vrouw hem in contact met de "beschaving".
Hij ontmoet andere mensen, leert zich te wassen, kleren te dragen, brood te eten en bier te drinken. Een hele vooruitgang.
Een vriend voor het leven
Met de vrouw gaat Enkidoe naar de stad Oeroek en daar horen ze dat er een bruiloft gevierd gaat worden en dat Gilgamesj het "jus primae noctis"
zal uitoefenen, d.w.z. dat hij de eerste nacht met de bruid zal doorbrengen.
Enkidoe wordt woedend als hij dit hoort.
Wat is dat voor een waanzinnig machtsmisbruik!
En zie, daar komt de bruiloftsstoet met in het midden Gilgamesj.
Enkidoe valt Gilgamesj aan; het wordt een hevig gevecht en Gilgamesj delft het onderspit. Maar dan, ineens en onverklaarbaar, voelt Enkidoe dat hij zijn tegenstander niet alleen bewondert, maar zelfs lief heeft. Het eindigt ermee dat die beiden vrienden voor het leven worden.
Samen op avontuur
Je moet natuurlijk als stevige kerels wel het een ander beleven . Nou leeft er ergens een angstaanjagend monster en Gilgamesj besluit het te doden om zo blijvende roem te behalen. Met behulp van de goden en Enkidoe lukt dat en onze beide helden keren veilig terug. Hulde, hulde! Maar… zoals het in goede verhalen hoort, er komen moeiten.
Tegenslag
De godin Isjtar wordt verliefd op de mooie Gilgamesj. Nou is het met haar vroegere minnaars vaak slecht afgelopen en Gilgamesj voelt dan ook niets voor dít avontuur. Isjtar kan dat natuurlijk niet op zich laten zitten: wraak! Zij krijgt het gedaan dat de Hemelstier de stad Oeroek zal verpletteren.
Maar Gilgamesj en Endikoe doden de stier. Opluchting alom.
Evenwel: nu hebben ze het verkorven bij de eigenaar van dat beest, de god Anoe. Eigenlijk zouden beide vrienden nu moeten sterven, maar Anoe is de beroerdste ook weer niet; hij neemt genoegen met de dood van Endikoe.
Gilgamesj op zoek naar onsterfelijkheid
Dan dringt het tot Gilgamesj door dat ook hij niet altijd zal blijven leven, Hij besluit zijn onsterfelijke voorvader Oetnapistim om raad te gaan vragen.
Heel, heel lang geleden is er een grote watervloed geweest, want de goden wilden de mensen uitroeien.
Oetnapisjtim en zijn vrouw hebben toen als enigen die grote vloed overleefd.
Ho, dat was tegen de bedoeling van de goden. Alle mensen moesten immers omkomen! Een afgang voor de goden? Nee, die zijn slim in het vinden van een oplossing: zij veranderden die laatste twee mensen in goden, en toen waren er dus inderdaad geen mensen meer. (Nou geen moeilijke vragen stellen over nakomelingen en zo. Verhalen hoeven niet voor alles een oplossing te geven.) Deze Oetnapisjtim en zijn vrouw hebben als goden het eeuwige leven en zij wonen op een paradijsachtig eiland, ergens ver weg in zee, voorbij het einde van de wereld.
Gilgamesj slaagt erin daar te komen en Oetnapisjtim vertelt hem over de grote vloed die de goden over de aarde hebben doen komen. Hijzelf en zijn familie hebben dat overleefd; hij was namelijk gewaarschuwd en had een heel grote boot gebouwd waarin ook plaats was voor allerlei dieren.
Gilgamesj krijgt te horen dat ook hij eens zal moeten sterven, maar … er bestaat een plant die hem zijn jeugd terug kan geven. Met veel moeite lukt het hem die plant in handen te krijgen. Helaas, niet lang daarna komt er een slang die de plant verorbert (en dan inderdaad weer jong wordt).
Het einde van de geschiedenis is dat Gilgamesj met lege handen terugkeert in de stad Oeroek.
Ter afsluiting: het is een nogal brokkelig verhaal, maar het bevat veel elementen die we in andere oude literatuur ook tegenkomen. Uit de inleiding bij de nieuwe uitgave neem ik over: Nadat Gilgamesj eerst van zijn volk het onmogelijke heeft geëist, eist hij vervolgens van de goden het onmogelijke.
Maar hij wordt met zijn neus op de feiten gedrukt en komt daardoor tot inzicht. Het epos kan dus heel goed hebben gefunctioneerd als een advies aan een vorst.