De Evangelisch-Gereformeerde kerk in Polen
2002-06-14
Het is velen onbekend, en dat geldt zowel voor Nederlanders als voor Polen, maar in Polen is een gereformeerde kerk die, hoewel heel klein, toch een lange traditie heeft en nog steeds levend is.- Jaargang 46
- nummer 12
De Evangelisch-Gereformeerde Kerk in Polen is een rechtstreekse vrucht van de reformatie. Al in de jaren 20 van de 16e eeuw kwamen de geschriften en leer van Luther naar Polen en vanaf de jaren 40 van die eeuw ook de leer van Zwingli en Calvijn.
Dit gebeurde vooral door handelscontacten met Duitsland (Lutheranisme) en de adellijke jeugd die aan buitenlandse universiteiten studeerde (Calvinisme). Deze jonge edelen fungeerden eigenlijk als een soort koerier voor de reformatie. Later had Calvijn ook persoonlijke contacten met Polen.
De eerste gereformeerde kerkdienst vond in 1550 plaats in Pinczow, bij Krakau, een stad die later ook een centrum van het gereformeerde leven wordt.
Er was echter vanaf het begin veel verdeeldheid onder de protestanten in Polen. Er waren verschillende groepen.
Al eerder waren er de Tsjechische Broeders, volgelingen van Johannes Hus die vanwege godsdienstvervolgingen uit Tsjechie moesten vluchten.
Verder waren er de Luthersen en dan nog de Arianen, een sektarische groep die o.a. de Drieeenheid ontkent.
Reformator
Belangrijk is de Poolse reformator Jan Laski (Johannes a Lasco), die veel in de vluchtelingengemeente van Emden en Londen heeft gewerkt en daardoor ook belangrijk is voor de Nederlandse kerkgeschiedenis. Door zijn grote interesse in de reformatie moest hij in 1539 Polen ontvluchten. Hij reist rond door Europa en verblijft eerst in Leuven, en later in Emden en Londen waar hij de vluchtelingengemeenten organiseert.
Na 17 jaar ballingschap mag Jan Laski in 1557 weer in Polen terugkeren. Hij probeert de kerk te organiseren, maar door zijn zwakke gezondheid sterft hij al in 1560. In de tijd dat Jan Laski in Polen actief was is het aantal gereformeerde gemeenten verdubbeld en de kerk heeft dankzij hem een stevige structuur gekregen.
In 1570 wordt het verdrag van Sandomierz gesloten, waarin de drie protestantse kerken elkaar erkennen en de kansel en sacramenten voor elkaar openstellen. (De Arianen zijn dan al uit Polen verdwenen.) Deze unie is nog steeds van kracht en werd in 1970 hernieuwd.
Er werd ook een belijdenis opgesteld: de Confessie van Sandomierz, in feite een Poolse bewerking van de Tweede Helvetische Confessie van Bullinger.
Later, in 1634, komt het tot een samengaan van de Tsjechische Broeders en Gereformeerden.
In de 16e eeuw (de Poolse Gouden Eeuw) had de gereformeerde kerk grote invloed op de Poolse samenleving.
Met name op de ontwikkeling van de literatuur, mede door een goede Bijbelvertaling, de Brzeszka-Bijbel. Maar dit geldt ook voor het schoolwezen. De gereformeerde kerk richtte allerlei middelbare scholen op en mede hierdoor kwam het algemeen niveau in heel Polen op een hoger peil.
Kortstondige bloei
De gereformeerde kerk was groot, maar die periode van bloei duurde maar kort.
Mede door gebrek aan goede interne organisatie en krachtige persoonlijkheden nam de invloed van de Reformatie snel af. Belangrijk hierin is de felle contrareformatie, door de Jezuïeten geleid, die Polen terug won voor de rooms-katholieke kerk. Vanaf die tijd tot aan de Tweede Wereldoorlog heeft de rooms-katholieke kerk zich zeer intolerant gedragen tegenover alle minderheden, en gevolg daarvan was dat het voor de kerk vaak een kwestie was van proberen te overleven in een vijandige samenleving en kon er niet te veel tijd besteed worden aan zending, evangelisatie, kerkelijke opbouw.
De tijd tussen de wereldoorlogen was een kleine bloeitijd, de kerk groeide zelfs en was maatschappelijk actief op het gebied van scholen en ziekenhuizen.
Verwoest
Tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft de gereformeerde kerk heel veel te lijden gehad. De nazi’s hebben de kerkelijke organisatie volledig verwoest:.
Er was een algeheel verbod op kerkelijke activiteiten en publiek gebruik van de Poolse taal.
Na de oorlog bleken nog slechts enkele predikanten in leven en waren er maar een paar duizend gereformeerden overgebleven. De meeste predikanten en vele gelovigen waren omgekomen in de concentratiekampen. Er was resteerde slechts een tiende deel van het oorspronkelijke aantal gemeenten.
Doordat na de oorlog Polen naar het westen opschoof kwam een belangrijk deel in Rusland en in Litouwen te liggen. De gereformeerde kerk is daar geheel verdwenen. Heel wat inwoners van dat vroegere Poolse gebied werden gedwongen te verhuizen en kwamen hierdoor in de diaspora terecht.
Na de oorlog emigreerden velen (vooral degenen van Tsjechische afkomst) waardoor het ledental nog meer afnam.
Sinds 1990 probeert de rooms-katholieke kerk haar vroegere machtspositie terug te krijgen. Maar hoewel deze kerk erg dominant en af en toe erg intolerant is, zal dat toch niet lukken.
Want hoewel officieel 95 % van de Polen rooms-katholiek is, keren toch steeds meer Polen de kerk de rug toe vanwege dit intolerante machtsvertoon en pogingen om op allerlei manieren sterke invloed uit te oefenen. En zelfs vanwege allerlei schandalen die steeds meer aan het licht komen.
Gedomineerd
Polen wordt niet alleen kerkelijk, maar ook sociaal in zeer grote mate door de rooms-katholieke kerk gedomineerd.
Dat geeft veel problemen en levert voor protestanten moeilijke situaties en soms zelfs discriminatie op. Er komen bijvoorbeeld veel kerkelijk gemengde huwelijken voor (er is immers niet veel keus in de kleine protestantse kring) en door de harde intolerante houding van de rooms-katholieke kerk levert dit doorgaans grote problemen op en verdwijnen deze mensen op den duur vaak uit de gereformeerde kerk. De rooms-katholieke kerk eist dat kinderen uit zulke huwelijken rooms-katholiek opgevoed worden daarbij geen enkele rekening houdend met de geloofsopvatting van protestanten. Dit heeft groot ledenverlies tot gevolg.
De Evangelisch-Gereformeerde kerk heeft een synodaal-presbyteriale structuur.
De plaatselijke gemeente is autonoom en wordt geregeerd door de kerkenraad. Eenmaal per jaar komt de synode samen die de algemeen kerkelijke zaken regelt. Hier zijn alle predikanten aanwezig, maar ook een afvaardiging van gemeenteleden uit alle gemeenten en uit de diaspora. De synode kiest een Consistorium voor een periode van vier jaar, dit is het uitvoerend orgaan van de synode, een soort dagelijks bestuur. Daarnaast is er de functie van superintendent (gewoonlijk bisschop genoemd). Dit is echter geen bisschop in de rooms-katholieke betekenis.
Hij bepaalt vaak het gezicht naar buiten toe en geniet een groot moreel gezag. Hij wordt voor 10 jaar door de synode gekozen.
Als belijdenisgeschriften kent de kerk de Heidelbergse Catechismus en de Tweede Helvetische Confessie en de Confessie van Sandomierz. De predikanten worden opgeleid aan de Christelijke Theologische Academie in Warschau.
Dit is een theologische universiteit van alle niet-rooms-katholieke kerken samen, maar wordt sterk gedomineerd door de Luthersen en Russisch Orthodoxen.
De Evangelisch-Gereformeerde kerk is ook lid van de World Alliance of Reformed Churches en is ook in Polen actief op het gebied van de oecumene, zonder daarbij haar gereformeerde identiteit op te willen geven. Er is vooral een hele nauwe samenwerking met de Lutherse en Methodistenkerk.
Acht gemeenten
Op dit moment zijn er acht plaatselijke gemeenten in Polen. Drie daarvan zijn middelgroot (meer dan 100 leden), hoewel hierbij gezegd moet worden dat er wel een verschil is tussen het ledenaantal op papier en het aantal dat daadwerkelijk kerkelijk meeleeft en in de diensten komt. De rest van de gemeenten bevindt zich in kleine plaatsen, en deze gemeenten worden ook steeds kleiner en bestaan veelal uit niet meer dan een tiental of enkele tientallen leden.
Een groot deel van de gereformeerden leeft in de ‘diaspora’. Dat wil zeggen in plaatsen waar geen plaatselijke gereformeerde kerk is. Zij staan vaak onder de zorg van een Lutherse kerk en vormen daarnaast samen gereformeerde groepen die eens in de zoveel tijd samenkomen en ook bezocht worden door gereformeerde predikanten.
Noemenswaard is de invloed van de Tsjechische en Moravische Broeders.
Dit zijn nakomelingen van de Hussieten die in verschillende emigratiegolven naar Polen kwamen. De eerste was in de 16e eeuw en in de 18e en 19e eeuw kwamen er ook veel uit het huidige Tsjechië vanwege geloofsvervolging in het Habsburgse rijk naar Polen, waar ze in het Pruisische deel vrijheid hadden.
Dit gaf een nieuwe impuls aan het gereformeerde kerkelijk leven. Tot op vandaag is de invloed ervan te zien. Er zijn nog gemeenten die hoofdzakelijk Tsjechisch zijn, waar soms nog diensten in het Tsjechisch plaatsvinden.
Kleine minderheid
Het valt niet altijd mee in Polen lid van zo’n kleine minderheid te zijn. De meeste Polen hebben nog nooit een protestant ontmoet en weten eigenlijk niet eens wat het protestantisme is. Men komt dan ook veel onbegrip tegen in het dagelijks leven. Ook soms zelfs vijandigheid, hoewel dat gelukkig toch zeldzaam is. Voor kinderen is het bijvoorbeeld niet gemakkelijk op school omdat ze niet deelnemen aan de rooms-katholieke godsdienstlessen.
waardoor ze door andere kinderen wel gediscrimineerd worden.
In Polen heerst nog steeds het idee dat een goede Pool een rooms-katholieke Pool is, als je hier niet aan voldoet, ontmoet je veel onbegrip.
Aan de andere kant is er wel interesse voor de gereformeerde kerk, m.n. onder de intelligentsia en jongeren.
Steeds meer Polen zijn steeds ontevredener met de rooms-katholieke kerk en zoeken iets anders. (Er zijn ook alle mogelijke sekten actief in Polen).
In de media staat de Evangelisch-Gereformeerde Kerk goed bekend, dit door een duidelijk standpunt in ethische kwesties als abortus en euthanasie.
De diaspora brengt veel moeilijkheden met zich mee. Mensen leven vaak erg eenzaam, ver weg van geloofsgenoten.
Door de enorme afstanden en slechte wegen in combinatie met hoge reiskosten is het moeilijk regelmatig contact te onderhouden. Maar toch gebeurt er veel goeds, in sommige plaatsen, zoals in Legnica, is een groepje actief en probeert iets op te zetten.
Een concreet probleem is ook de financiële situatie. De economische situatie in Polen mag over het geheel genomen dan goed zijn, de gewone man merkt er weinig van. Er is landelijk bijna 20 % werkloosheid, wat op kan lopen tot wel 80 % in kleine plaatsen, en er is nauwelijks een ww-uitekering.
Er heerst dus veel stille armoede.
Mensen kunnen hun kerkelijke bijdrage niet betalen, alles wordt doorlopend duurder, en het onderhouden van kerkgebouwen, predikanten, e.d. kost heel veel. Maar nog steeds lukt het de kerk financieel het hoofd boven water te houden.
Contact
Ik woon sinds 6 jaar in Polen en ben met een Poolse getrouwd. We wonen in Legnica, een stad van ongeveer 100.000 inwoners in zuidwest Polen, niet ver van Wroclaw. Ik ben in de laatste fase van mijn theologische studie en zet me in voor de Evangelisch-Gereformeerde Kerk in Polen terwijl ik om in het levensonderhoud te voorzien Nederlandse en Engelse les geef.
We hebben nu een huisgemeente van 6 personen. Heel erg klein, maar we komen regelmatig bij elkaar, we hopen dat we groeien, en misschien in de toekomst ons mogen ontwikkelen tot een nieuwe gemeente. In Nederland hebben we contact met de Nederlands Gereformeerde Kerk in ’s-Gravenhage en we hopen dit contact uit te bouwen.
U kunt ons via de volgende adressen bereiken: Ul.Mlynarska 1 / 27, 59-220 Legnica, Polen. Ons e-mailadres is: psnoeijer@wp.pl