Is Calvijn te lezen voor Nederlands Gereformeerden?
2009-10-23
Voor mijn eerste herinneringen aan dat dikke boek in drie delen moet ik terug naar Zwolle, de plaats waar ik lang woonde. Begin jaren tachtig bogen we ons met een man of vier eens in de maand over een aantal pagina’s uit de Institutie van Calvijn. Het was bij ds. Herman Schaeffer (1915-1994) aan huis, de vader van onze Nunspeetse predikant. We kwamen graag bij hem, gastvrij als hij was. Verder beschikte hij over veel inzicht in het werk van de reformator en kon daar geanimeerd over vertellen.- Jaargang 53
- nummer 21
We deden het vanuit de vertaling van Sizoo en er zullen vast meer Opbouwlezers zijn, die zo geprobeerd hebben om zich het gedachtegoed van Calvijn eigen te maken. Het was wel ploeteren, want de stugge, ouderwetse taal vormde een eerste stevige drempel. Maar onze nestor kreeg ons - ondanks dat - toch mee in Calvijns gedachtegangen over het leren kennen van God, de diepte van de menselijke rottigheid, Gods heerlijkheid in de schepping, Schriftgezag, de vrije wil, de verlossing door Christus en ongetwijfeld nog veel meer. We dwaalden geregeld af, dat ook.
Wat ik er aan overhield is in ieder geval het positieve gevoel dat het in die dikke boeken wel ergens over ging. Terwijl het natuurlijk ook wel een beetje vreemd was, dat een boek dat zo onze gereformeerde traditie stempelde, zo weinig toegankelijk was. En dat daarom vele gereformeerden niet verder zijn gekomen dan de titel van dit hoofdwerk van de reformator uit Genève.
Gedompeld in Calvijn
Ik moet bekennen dat ik in de afgelopen kwart eeuw geen letter meer in dat basisboek van Calvijn heb gelezen. En dat zal met de meeste van u niet anders zijn. Misschien hebt u zich met mij wel verbaasd over het feit dat 2009 gedoopt werd als Calvijn-jaar en dat de publiciteit zo onontkoombaar was, dat de meeste Nederlanders er wel iets van meekregen. Waarbij het zelfs zou kunnen dat het beeld van Calvijn en het calvinisme er niet slechter van is geworden. Bovendien leverde het Calvijn-jaar tal van boeken op, sommige met goede en degelijke teksten, andere met prachtige afbeeldingen en bij eentje zat zelfs een cd met 16e-eeuwse muziek. Dat tenslotte begin deze maand het eerste boek met Psalmen, getoonzet door Jan Pieterszoon Sweelinck op cd verscheen, is ook nog eens mooi meegenomen. Want ze komen alle 150 op de zilveren schijfjes! Calvijn had het eens moeten weten!
Kroon?
De Apeldoornse emeritus-hoogleraar Van ’t Spijker zal als kerkhistoricus en Calvijn-kenner ongetwijfeld genoten hebben van al die aandacht voor de reformator. ‘Maar’, zo schreef hij, ‘het belangrijkste wat we tijdens het Calvijn-jaar 2009 kunnen verwachten, is de nieuwe vertaling van de Institutie door dr. C.A. de Niet’. Daarmee doelde hij op de uitgave, die op 31 oktober wordt gepresenteerd in de Grote Kerk van Dordrecht. Dat gaat een feestelijke avond worden, met een enkele toespraak, gezongen Geneefse psalmen en de Cantate ‘Ein feste Burg’ van de lutheraan Bach. U kunt er meer over lezen op www.institutiecalvijn.nl.
Breed
Levert dit hele project nu een leesbare vertaling op, is dan de volgende vraag. En zal dit standaardwerk nu ook werkelijk gelezen gaan worden – misschien ook wel door Nederlands Gereformeerden? Aan de omvang van het boek is natuurlijk niet veel te doen (zo’n 1500 pagina’s). Maar de leesbaarheid is wel sterk vergroot, moet ik zeggen. Ik had de afgelopen maand de pdf-files van de vertaling tot mijn beschikking en las na een kwart eeuw dus weer in de Institutie. U kunt dat trouwens ook (op de genoemde website), maar daar krijgt u alleen de eerste pagina’s van hoofdstuk 1 te zien (waarvan u een fragment vindt in het kader bij dit artikel). Wat opvalt is de breedte waarmee Calvijn de thema’s uitwerkt. Als het bijvoorbeeld gaat over de mogelijkheid om God te leren kennen uit de schepping komt de reformator met wel 15 punten, waaruit dat blijkt. Daarbij zitten natuurlijk ook steeds zijn overwegingen bij het feit dat deze signalen van God maar zo weinig aankomen bij de mensen. Ik vond het (doorgaans) de moeite waard om te lezen, maar voor die 15 punten heeft Calvijn wel zo’n 8000 woorden nodig. Dat is ruim een halve Opbouw!
Boeiend
Daar moet je tegen kunnen, maar lukt dat, dan geeft de Institutie wel stof tot denken. Ik stuitte bijvoorbeeld op (bijna modern aandoende) overwegingen bij de schepping, waarbij je je realiseert dat het behalve een Calvijn- ook een Darwin-jaar is. Verder reageert Calvijn op mensen voor wie godsdienst niet meer is dan projectie – het bedenksel van slimme mensen om het eenvoudige volk in een afhankelijke positie te houden (toch bijna Marx’ gedachte dat godsdienst opium van het volk is). Ook de confrontatie met de rooms-katholieke kerk is prikkelend, omdat we in onze tijd meer aandacht hebben voor wat ons bindt met Rome dan voor wat ons scheidt (denk aan het prachtige Jezus-boek van de paus). En dan zijn er nog de dopersen – zeg maar de radicale ‘evangelische’ tak onder de 16e-eeuwse protestanten. Het is aardig om te zien dat allerlei argumenten die nu over tafel gaan (wonderen, gaven van de Geest) al in de Institutie te vinden zijn.
Calvijn in een jaar?
Zou het wat zijn om met een aantal Opbouw-lezers de Institutie eens door te lezen en daarvan (tweewekelijks?) een inhoudelijke impressie te geven? Een beetje in de trant zoals dat in 2005 lukte met de NBV. Die gedachte kwam op bij ds. Daniel Timmerman en mij. We hebben het gevoel dat een open en aandachtige lezing van het hoofdwerk van Calvijn een aantal prikkelende artikelen zou kunnen opleveren. Waarbij we ook nog weer eens de bijbelse ‘leer’ in gereformeerd perspectief zouden doorkruisen. Niet gek, zo leek ons, in een tijd waarin deze benadering van de bijbelse boodschap een beetje wegvalt (weinig catechismuspreken en de zwanenzang van de middagdienst).
Wie mee wil doen kan zich aanmelden bij calvijnlezen@opbouwonline.nl.Op de uitgave van de Institutie is trouwens bij intekening (voor 31 oktober!) nog twee tientjes te verdienen. Dan is het nog een stevige prijs, maar als je het boek helemaal tot aan het eind uitleest, valt de prijs per uur erg mee, zo schat ik in. Zie verder: www.institutiecalvijn.nl/
Drs. Freddy Gerkema is predikant van de NGK Amersfoort-Noord en redactielid van Opbouw.
| De kennis van God de schepper Hoofdstuk 1 Het nauwe verband tussen de kennis van God en die van onszelf; de manier waarop zij onderling samenhangen 1. Zonder kennis van onszelf is er geen kennis van God De hele hoofdinhoud van onze wijsheid, voorzover die althans als ware en deugdelijke wijsheid aangemerkt mag worden, bestaat eigenlijk maar uit twee delen: kennis van God en kennis van onszelf. Omdat die met vele banden aan elkaar verbonden zijn, is het echter niet gemakkelijk uit te maken welke van deze twee het eerst komt en de andere uit zichzelf voortbrengt. Om te beginnen kan namelijk niemand zichzelf aanschouwen als hij niet ook meteen zijn aandacht richt op de aanschouwing van God in wie hij leeft en zich beweegt. Het is immers volkomen duidelijk dat de gaven waardoor wij tot iets in staat zijn, in het geheel niet van onszelf zijn, ja dat hetgeen wij zijn, niets anders is dan een zijn in de ene God. In de tweede plaats geldt dat wij door deze goede gaven, die druppelsgewijs uit de hemel op ons neerdalen, als het ware van de beekjes tot de bron geleid worden. Nu blijkt evenwel juist uit onze onvolkomenheid des te beter de onbegrensde goedheid die in God is… Zie verder www.institutiecalvijn.nl/ bij ‘voorpublicatie’. |