Op reis met Paulus
2002-09-06
Wie een bezoek aan grote wereldstad heeft gepland gaat meestal niet onvoorbereid op pad. Nee, van tevoren steek je je licht op bij mensen die er al eens eerder zijn geweest en snuffel je in reis- en stadgidsen. Met deze voorinformatie in je bagage ga je anders op reis. Want eenmaal in de stad zelf aangekomen herken je al een heleboel en weet je waar je op moet letten. Met dit voorbeeld begon ds. C. Vonk in 1960 de reeks ‘De Voorzeide Leer’. De boeken zijn niet bedoeld als commentaar, maar meer als gids om van tevoren vast wat informatie te vergaren over het te lezen Bijbelgedeelte.- Jaargang 46
- nummer 17
Enige tijd geleden kwamen de twee delen over het boek Handelingen gereed.
Hiervoor tekende ds. F. van Deursen.
Beeldend
‘The proof of the pudding is in the eating’, zeggen de Engelsen. Een maand lang gebruikte ik daarom tijdens mijn stille tijd het tweede deel over Hand.15-28. En met vrucht! De grote kracht van collega Van Deursen is dat zijn manier van schrijven op de verbeelding werkt. Een voorbeeld uit het boek over de manier van reizen destijds. ‘Elke reiziger droeg als reismantel een lange, mouwloze en geheel gesloten cape, een soort duffel (=overjas) van dikke, wollen stof. Ook had men op reis steeds een vilten hoed met brede randen bij zich, die zowel tegen de felle zonnestralen als tegen de regen bescherming bood. Had men hem daarvoor niet nodig, dan hing men hem aan een band op de rug. (-) Paulus zal bij zijn reizen over land dikwijls gebruik gemaakt hebben van de Romeinse heerwegen, die tussen de drie en zes meter breed waren en waarvan het plaveisel bestond uit op maat gehouwen harde kalksteenbrokken.
Voetreizigers waren daarop even gewoon als fietsers op onze wegen. Op geregelde afstanden boden herbergen de reiziger een weinig comfortabel onderdak. Al zal de tentenmaker Paulus onderweg ook vaak zijn draagbare tent als nachtverblijf opgeslagen hebben.
Met gastvrijheid was men uiteraard beter af. Geen wonder dat die in het Nieuwe Testament meermalen wordt aangeboden’. (deel 2, pg.32) Wanneer Paulus al reizend in Korinthe aankomt laat Van Deursen deze metropool je als het ware door de ogen van Paulus zien. Het is net alsof je zèlf door het Korinthe van toen loopt!
Informatief
Een ander sterk punt betreft de manier waarop de brieven van Paulus in het geheel van het boek Handelingen worden betrokken. Je krijgt inzicht in de momenten waarop en de omstandigheden waarin Paulus zijn brieven aan de diverse gemeenten heeft geschreven.
En omgekeerd weet Van Deursen allerlei opmerkingen die Paulus in zijn brieven maakt in het boek Handelingen te plaatsen. Van Schrift met Schrift vergelijken word je als Bijbellezer rijker!
Handig zijn ook de korte uiteenzettingen van allerlei begrippen, geestesstromingen en gebruiken waar je als lezer van het boek Handelingen mee wordt geconfronteerd. Kort en bondig wordt bv. uitgelegd wat stoïcijnen en epicureeërs zijn, met wat voor materialen men in die tijd schreef en wie de godin Artemis was.
Nuchter
Een ander handelsmerk van ‘De Voorzeide Leer’ is haar nuchterheid. Van Deursen probeert te vermijden ideeën zoals die vandaag hebben postgevat met Bijbelteksten te staven. Hij keert het om en leest zo weinig mogelijk door de rasters van bv. de dogmatiek en het kerkrecht. Deze aanpak komt heel sterk naar voren in de behandeling van Hand.15:6-12. Hij schrijft daarover: ‘Men heeft dit wel ‘de eerste synode’ genoemd, maar alleen reeds door de aanwezigheid van apostelen waren deze vergaderingen uniek. (-) Bovendien zijn in synodes véle kerken vertegenwoordigd, terwijl er hier slechts twee in vergadering bijeen waren: de jonge kerk van Antiochië pleegde inzake een leergeschil overleg met de oudere gemeente van Jeruzalem.
Zonder zich daarbij op voorhand aan de uitspraak van de moedergemeente te binden’. (deel 2, pg.16)
Voorzichtig
Wat me tenslotte herhaaldelijk opviel was dat mijn collega soms wel heel erg voorzichtig is en de lijnen naar vandaag niet altijd door durft (of weet?) te trekken. Opnieuw een voorbeeld.
In Antiochië brengt Paulus enkele dagen door bij de evangelist Filuppus.
(Hand.21: 7-14) De man heeft vier ongetrouwde dochters. Alle vier zijn ze vol van de Heilige Geest. De Geest die hen alle vier de gave van profetie had geschonken. Dit betekent, aldus Van Deursen (deel 2, pg.165), dat deze vrouwen de gelovigen konden stichten, vermanen en bemoedigen (vgl.1Kor.14:3).
Als lezer vraag je je dan af: welke consequenties hebben deze gegevens voor de positie van vrouwen die zich vandaag in de kerk geroepen weten de gelovigen te stichten, te vermanen en te bemoedigen? Maar dergelijke vragen laat Van Deursen echter liggen.
Het is me hier en daar te veel hervertelling waarin, dat moge duidelijk zijn, heel veel waardevols is te vinden!
In zijn inleiding zegt de schrijver: ‘Het boek Handelingen bepaalt ons bij de grote daden waardoor God ook de Nederlandse christenheid geroepen heeft uit de duisternis van het Germaanse heidendom tot het wonderbaar licht van zijn Koninkrijk. Moge onze verklaring van dit bijbelboek nog velen aansporen deze daden roemend te vermelden, 1Petr.2:9’. (deel 1, pg.7)
Ds F. van Deursen, Handelingen I 1-14 (De Voorzeide Leer, deel 1 R); 336 pagina’s, E 27,- en: Handelingen II; (De Voorzeide Leer, deel 1 S) 301 pagina’s, E 27,-, beide uitgegeven door Buijten & Schipperheijn – Amsterdam