Zondag in Lynden (3)
2001-01-05
Een lichte verbazing maakt zich van mij meester als ik na die zondag in de plaatselijke krant lees, dat in de komende week het kerkenpalet van Lynden nog zal worden uitgebreid met twee nieuwe kerkgenootschappen.- Jaargang 45
- nummer 1
En ze maken deze start allebei in een nieuw gebouw.
De ene kerk heette, ik heb de naam niet meer exact voor me, iets van Christian Fellowship. De andere kwam me bekender voor. Het was de United Reformed Church. Een paar jaar geleden hadden we er wel eens een dienst meegemaakt in Grand Rapids. Het gaat om een groepering, die de CRC verliet omdat men de koers van deze kerken te ‘liberal’ had bevonden.
Ik heb de indruk, dat men zich wel wat erg gemakkelijk van die term bedient. Ben je het niet helemaal met iemand eens in de kerk, dan noem je hem ‘liberal’ en laat hem links liggen. Overigens nog ter aanvulling, in het N.D. van 15 oktober j.l. werd melding gemaakt van een lezing van Prof. Swierienga voor het Roosevelt Study Center in Middelburg. Hij maakt hier melding van een beleggingsdrama waarbij honderden christelijke beleggers, waaronder veel leden van de CRC. het schip in gingen. Het ging om een investering in onroerend goed in Californië. Toen de ‘Californische dromen’ ijdel bleken te zijn, verlieten ongeveer 50.000 teleurgestelde, overwegend behoudende, leden van de CRC, de kerk en richtten de United Reformed Church op. Een soort Baan Affaire zou je het kunnen noemen. Swierenga spreekt van een 'unholy mess', een onheilige bende dus. Hoe dan ook, de United Reformed Church, had in Lynden een flink stuk grond aangekocht, want een ruime parkeerplaats is, zonder meer voorwaarde om te mogen bouwen. En er is een zeer ruim en modern kerkgebouw neergezet, zodat je mag concluderen, dat er grote offers zijn gebracht om dit te realiseren. Als we er de volgende zondag langs rijden, is de parkeerplaats rond de kerk vrijwel geheel bezet!
Bidden tegen God in
Zelf kerken we op de morgen van onze derde zondag weer in Sonlight CRC. De voorganger in deze dienst is Ds Koeman; zijn tamelijk verre voorouders kwamen, zoals al eerder vermeld, uit het Groningerland. Hij was bezig aan een serie preken over het bidden. Thema voor deze dienst was ‘Bidden tegen God in’. Met verwijzingen naar Abraham, Mozes, Hanna en Hizkia. Als inleiding op zijn preek diende een gesprek met één van zijn gemeenteleden, waarin deze, in verband met het thema van de preek, wat persoonlijk getinte ervaringen aan de gemeente vertelde. Overigens werd er bij het begin een soort preekschema uitgedeeld, waarbij ik verschillende mensen tijdens de preek aantekeningen zag maken. Na de dienst kon je overigens direct al een cassette met de preek van die morgen meenemen.
Verder verscheen er op het podium een familie met kinderen. Het jongste kind, want daar ging het om, werd ‘opgedragen’ aan de Heer. Niet gedoopt dus. Een niet alledaagse gebeurtenis in de CRC, maar desgevraagd, zei iemand mij, dat het hierbij ging om gelovigen, die uit een andere traditie stamden en die men als kerk op dit punt niet van zich wilde vervreemden.
Aan het eind van de dienst zongen we weer ‘I lift my eyes up to the mountains’( Ps 121). Ook nu ging het gordijn open, maar helaas ditmaal was de Mount Baker in nevelen gehuld!
Dankdienst
‘s Avonds maken we opnieuw een dienst mee in ‘First’. Het is een dankdienst i. v. m. het 100 jarig bestaan van de gemeente. Een oud-predikant, ds Phil Kok gaat voor. Het thema van zijn preek is: ‘Een kostbare erfenis en een veelbelovende toekomst’. Het is een vrij lange dienst, maar dat constateren we pas achteraf, want er gebeurt veel. Eerst zingen we weer een kwartier lang lofprijzingsliederen o.l.v. één van de ouderlingen. Een ad hoc mannenkoor levert ook een bijdrage.
Een echtpaar, dat 40 jaar getrouwd is, krijgt de gelegenheid in de dienst uiting te geven aan zijn gevoelens van dankbaarheid. Ze sluiten af door samen een lied te zingen. ‘Coffee fellowship will follow’ staat er onderaan de liturgie. Op deze prachtige zomeravond kan dat op het gazon rond de kerk plaats vinden en het betekent voor ons natuurlijk weer ontmoetingen met allerlei mensen, die hun wortels in Nederland hebben liggen en zich daarmee verwant voelen. Ook de ontwikkelingen in de Nederlandse kerken houden hen bezig en vervult ze vaak met zorg zonder dat ze overigens blind zijn voor de problemen waar de CRC zelf mee worstelt.
Vrouw in het ambt
Op de ruim voorziene lektuurtafel, zoals je die in vele Amerikaans kerken ziet, vind ik die avond een tussentijds verslag van de synode van de CRC in Grand Rapids. Men streeft naar een synode, die niet langer dan een week duurt. Uit oogpunt van efficiency, maar ook om het ouderlingen mogelijk te maken hun aandeel in het synodegebeuren te vergroten. Immers zij kunnen zich moeilijk zo maar weken hiervoor vrij maken. Het ‘women in office’ (vrouw in het ambt) debat komt natuurlijk ook weer aan de orde. Weliswaar werd er vijf jaar geleden een compromis bereikt, maar rust bracht dat niet. Wel leidde het er toe, dat duizenden de CRC de rug toekeerden en overgingen tot het stichten van nieuwe kerken, soms ook als er bij wijze van spreken in de verre omtrek geen vrouwelijke ambtsdrager te bespeuren viel. De situatie is nu zo, dat wanneer een classis daartoe in meerderheid besluit, een gemeente vrouwelijke ambtsdragers mag bevestigen. En dat betreft dan zowel ouderlingen als predikanten. Voor wat de diakenen betreft is een gemeente dus niet afhankelijk van het oordeel van de classis.. Een gemeente die vrouwelijke ambtsdragers zou willen benoemen, maar die toevallig tot een in meerderheid behoudende classis behoort, komt natuurlijk prompt in de problemen. Er was dan ook een voorstel om maar geheel aan de plaatselijke kerk over te laten, welke gemeenteleden gekozen kunnen worden voor de ambten. En zo het woord ‘mannelijk’ uit de kerkenorde niet van toepassing te verklaren. Zo heet dat in het kerkelijk jargon.
Bijbelse wijsheid
Een hoogleraar uit Grand Rapids probeert duidelijk te maken, dat de kwestie van de vrouw in het ambt toch geen reden kan zijn elkaar kerkelijk vaarwel te zeggen. Het is geen zaak van onze belijdenis, dan zou onze verlossing ervan afhangen; het is ook geen morele kwestie, zoals stelen, liegen, afgoderij of doodslaan. Als dat zo zou zijn, zou de Heer nooit hebben toegestaan, dat vrouwen met gezag bekleed Hem dienden in de tijd van het Oude Testament, zelfs als we daarbij de kanttekening maken, dat dat geen regel was. Hoe we met deze zaak omgaan is een zaak van wijsheid, vooral van bijbelse wijsheid. Een verschil in opvatting over de betekenis van de rol van de vrouw in de vroegchristelijke kerk mag nooit leden van de CRC scheiden van Christus en Zijn kerk. Aldus prof. Zwaanstra uit Grand Rapids. Hoe is de situatie dan in Lynden? Voor zover ik weet zijn er in de Lyndense CRC géén vrouwelijke ambtsdragers. Al spraken we wel met in de kerk zeer actieve vrouwen, die zeiden met die situatie steeds meer moeite te hebben en die hun teleurstelling daarover niet onder stoelen en banken staken. Overigens heb ik begrepen, dat de synode van Grand Rapids het besluit van 1995 heeft gehandhaafd. Tijdens de gesprekken op die prachtige zomeravond werd natuurlijk ook gevraagd, hoe in òns kerkverband met deze zaak wordt omgegaan. Dat hebben we geprobeerd uit te leggen, erbij zeggend, dat een echt bevredigende oplossing ook bij ons niet voorhanden is en dat steeds meer plaatselijke gemeenten op dit punt hun eigen weg gaan. We blijven de indruk houden dat men in Amerika soms wel erg snel van elkaar afscheid neemt als het om verschillen van opvatting binnen de kerk gaat, ook al weet je als betrekkelijke buitenstaander, niet alle ‘in and outs’. De volgende zondag, onze laatste in Lynden, werden we ook daar heel duidelijk mee geconfronteerd.