Nuchtere Kerst gewenst
2002-12-13
Omgordt dus de lendenen van uw verstand, weest nuchter, en vestigt uw hoop volkomen op de genade, die u gebracht wordt door de openbaring van Jezus Christus, 1 Petrus 1 vers 13.- Jaargang 46
- nummer 24
Nee, dit wordt geen poging u te beroven van uw glas wijn tijdens de feestdagen.
Problemen met toeters en bellen, sterretjes en kaarsjes heb ik ook niet.
Wel met een vlucht in de romantiek.
Pas op voor de roes, want op elke roes volgt onherroepelijk de kater.
Eerst de tekst in wat moderne vorm.
Daarna een paar tips over wat er staat.
Tenslotte ga ik wat mediteren.
Petrus zegt: schort de taille van uw verstand op, weest nuchter en concentreert u volledig op de genade die naar u toegebracht wordt door de apokalyps van Jezus Christus.
De beeldspraak haakt aan bij de exodus: het paaslam moet gegeten worden, de lendenen omgord, de schoenen aan de voeten en de stok in de hand, Ex. 12,11. Zorg dat je paraat staat!
Het is ook een herinnering aan een woord van de Here Jezus: Hebt uw lendenen omgord en uw lampen brandende en lijk op mensen die op hun Heer wachten, Luk.12,35,36. Dus nogmaals: Hou je paraat!
Wat moet een mens daar concreet voor doen?
Twee dingen.
Ten eerste negatief: Je denken opschonen.
Of beter: de lange mantel van je denken opbinden. Anders stroffel je over je eigen gedachtenflodders.
Onvoorstelbaar wat er soms allemaal door mijn hoofd maalt! Om doodmoe van te worden! Dus: Knoop je denkmantel op!!
Ten tweede positief: Blijf je volledig concentreren op de charis die je toegebracht wordt door de apokalyps van de Heer. Charis is genade: we hebben alles verzondigd en we drijven alleen op de barmhartigheden van onze God.
Maar charis betekent ook vreugde..
Dus zorg ervoor dat je geconcentreerd blijft op de genade-vreugde die naar je toegedragen wordt in de apokalyps van Jezus Christus.
De Nieuwe Vertaling geeft: de genade die je gebracht wordt. De Statenvertaling: de genade die je toegebracht wordt. Beide dus tegenwoordige tijd.
Het gebeurt nu al. Maar in de Statenvertaling is het brengen gretiger.
Denk aan Jes.60,22: Ik de Here zal het te zijner tijd met haast volvoeren. En aan wat Jezus zegt in de gelijkenis van de onrechtvaardige rechter: Zal God geen recht doen aan zijn uitverkorenen die dag en nacht tot Hem roepen? Ik verzeker jullie dat Hij hen spoedig (haastig) recht zal doen, Luk.18,8. De Barmhartige laat er geen dag teveel over heen gaan.
De term apocalyps slaat niet op wereldondergang, maar op de onthulling van de erfenis die in de hemel al kant en klaar ligt te wachten. Petrus zegt dat die onvergankelijk, onbevlekt en onverwelkelijk is.
Stem daar al je denkstations op af!.
Dat alleen is nuchter!!.
Ik breng het principe van Petrus als volgt in formule: nuchterheid = exstase.
Petrus lijkt springt een sterfhuis binnen met de jubel: Praise the Lord! Wie doet nu zoiets? Maar het is de lijdende kerk, waarin Petrus binnenstapt met de jubel: Geloofd zij de God en Vader van onze Here Jezus Christus, die ons naar zijn grote barmhartigheid door de opstanding van Jezus Christus uit de doden heeft doen wedergeboren worden tot een levende hoop...enz.
Dat is het wat hij nuchter noemt.
Wat is het verschil met onze nuchterheid?
Een mens met een nuchter oordeel, is bij ons iemand die zijn hoofd niet op hol laat brengen. Zijn oordeel klopt op de ware werkelijkheid. Die werkelijkheid is dan meestal zakelijk.
Broodnuchter! zeggen wedan. Als het extreem is: Zo nuchter als een kalf!.
Maar Petrus’ nuchterheid =exstase.
Alleen dat klopt op de enig ware werkelijkheid.
Kijk maar naar het kerstevangelie.
Nauwelijks is de Immanuel verschenen, of de lucht davert van de lofzangen (ongeacht de beroerde positie van land, volk, en kerk). De lofzang van de engelen, die van Maria, die van Zacharias en die van Simeon. En niet te vergeten de lofzang van Anna de profetes, die ons niet bewaard gebleven is.
Op het machtigste heilsfeit van de hele wereldgeschiedenis, ons toegebracht door de ontfermingen Gods, was exstase de enig nuchtere reactie.
God gekomen in ons vlees!
Als zwak en weerloos mens neergedaald onder doodsvijanden!
Bereid om zich te laten slachten voor de zonden van de wereld!
Iedereen die op dit goddelijk erbarmen niet in extase kwam, verkeerde in een roes. De inwoners van Bethlehem in een roes van burgerlijk apegapen. De herbergier in een roes van serviceverlening en geldverdienen. De schriftgeleerden in een roes van concordantietheologie.
Koning Herodes in een roes van razernij, angst en blinde woede..
De enigen die de lendenen van hun verstand opgeschort hadden, waren (behalve de lofzang-zingers) de herders in de velden en de wijzen uit het oosten; de nuchterlingen!!.
Zo was het ook op Paaszondag. Het onmogelijke was gebeurd.
Dankzij Gods groot erbarmen was het offer voor de zonden van de wereld aanvaard!
De dood was overwonnen!
De nieuwe mens was verschenen, de Heer uit de hemel!.
De vreugde die over de discipelen kwam, kon alleen maar worden omschreven met het woord: wedergeboorte.
Ze waren er compleet nieuwe mensen van geworden! Ze stonden te springen en te dansen!
De rest verkeerde in een roes. Thomas in een roes van ongeloof. De wachters in een roes van angst. Het Sanhedrin in een roes van ongeloof. .Maar overal waar het heerlijke nieuws van de opstanding werd aanvaard, gingen alle floddergedachten op de loop en zette de enig ware werkelijkheid zich door, in een parelende vreugde.
Nu schrijft Petrus een brief aan een gemeente, die staat aan de vooravond van een bittere vervolging. Niemand hoefde nog om zijn geloof te sterven.
Maar hoe lang dat nog duren zou?.
De dreiging hing loodzwaar. De angst sloop binnen. Reeds werden ze door hun familieleden en zakenrelaties gemeden.
Hoe moest het als ze binnenkort geen klanten en dus brood meer hadden? En als de slavin, die zich bij de christenen had aangesloten daarom door haar harde meester werd geslagen en misschien verkracht? En als je nu eens voor het stadbestuur werd gedaagd, op beschuldiging van odium humani generis, haat tegen het menselijk geslacht??
Angst trekt de horizon samen.
Angst werkt verlammend.
Angst is een roes.
Tegelijk geeft Petrus van deze gemeente een fantastisch getuigenis: gij verheugt u met een onuitsprekelijke en verheerlijkte vreugde, daar gij verkrijgt het einddoel van uw geloof, dat is de zaligheid der zielen (1 vers 8 en 9).
Martyn Lloyd Jones schreef daarover een boek onder de titel Unspeakable joy, vreugde waar geen woorden voor zijn. Hij roept ons weg uit de burgerlijkheid van ons christendom,om te jubelen als die fantastische gemeente. Ik onderschrijf zijn oproep geheel. Maar maak twee kanttekeningen (geheel in de geest van DMLLJ):
a) er bestaat geen geloof dat niet aangevochten wordt De oproep van Petrus tot het opschorten van het verstand zou overbodig zijn, als ze al in de gloria waren.
b) Calvijn zegt (ik geef zijn commentaar weer in eigen woorden): Natuurlijk werden de harten van deze christenen gefolterd door pijn, angst en aanvechting. Het gaat om het tegelijkertijd voorkomen van onuitsprekelijke vreugde en dagelijks verdriet.
En als u vraagt of die twee er tegelijkertijd kunnen zijn, zegt Calvijn: alle christenen kennen dat.
Het overkwam me een paar zondagen geleden. Mijn (ons) eerste achterkleinkind werd gedoopt. Ik had juist een gedocumenteerd relaas gelezen over het moslim-extremisme. Ik dacht: Wat zal dit kleine meisje allemaal moeten doormaken? Toen vond ik het tijd om mezelf streng tot de orde te roepen: ‘Wees nuchter, kerel. De USA is immers nog steeds de enige wereldmacht!!’.
Die nuchterheid hield het maar een seconde.
Toen flitste me de dreiging door het hoofd, opgeroepen door het laatste nummer van de National Geographic in een apokalyptisch relaas over vernietigingswapens: Stel je voor,dacht ik - een handjevol moslim-fanaten penetreert de USA met kernwapens (of met anthrax) in een diplomatenkoffertje.
Toen had ik het niet meer. Daar heb je de roes. Weg was de aansluiting op de enig, ware werkelijkheid van Kerst en Pasen en de aanstaande apokalyps van onze Redder. Het totale verlies van de Bijbelse nuchterheid.
Maar gelukkig was er het dompelwater. En de gegarandeerde barmhartigheden van de Drie-enige. En de lofzang van de gemeente.
En de vraag van Inge Lievaart die ik nooit kwijtraak: Heb je al gelachen, door je tranen heen? Zelfs de extase kwam terug. Ik dacht aan een Ingezonden van een meisje uit de laatste Muurkrant voor Jongeren, opgedoken via mijn p.c.. Ze fantaseerde over de apokalyps van onze Redder: Een luid gejuich stijgt op. Iedereen jubelt nu. Sommigen zijn in tranen.
Anderen springen, dansen, vallen voor Zijn liefde. Iedereen aanbidt Hem in een taal. Alle ogen zijn gericht op Hem... zoveel liefde. Wat is Hij mooi!
Groot, maar toch zo nederig. Gezag straalt van Hem af. Het gaat nu alleen om Hem. Hij neemt ons allemaal, stuk voor stuk, in zijn armen en voert ons op een wolk naar zijn woning. Hij laat mijn naam in het boek zien. We zwemmen in de kristallen zee en Hij zwemt mee. We aanbidden Hem, samen met de engelen. Alles straalt als goud. De poort en de straat We dragen een wit stralend kleed. Hij danst met ons. Hij maakt een nieuwe aarde en een nieuwe hemel. En wij mogen met Hem regeren.
Lieve mensen, als dat het is wat we binnenkort mogen beleven, dankzij de ontfermingen Gods!!!
Allen een nuchter kerstfeest gewenst.