Hoe zal ik U verklanken?

2002-12-13
  • Jaargang 46
  • nummer 24
Veel van de kerstmuziek in onze tijd wordt uitgevoerd door kinderen. En als het dan al volwassenen zijn die die muziek ten gehore brengen, richten ze zich vaak onbewust op kinderen of op ‘het kind’ in de volwassene: als iemand die over een wieg gebogen staat en koerende geluidjes maakt en vooral zachte ogen krijgt.
Zowel in tekst als in muziek laten we ons leiden door de sfeer van de babykamer.
Lang niet alle kerstmuziek is aan te merken als weekmaker, maar veel wel; samen met de onvermijdelijke kerstspelen in de kerk heeft dit geresulteerd in Kerst als een feest meer voor en door kinderen dan van het Kind.

Ik vraag me wel eens af of we ons niet te kort doen met die lieve muziek. Als ik kerstmuziek hoor gaan er meer bellen rinkelen dan alleen die van klingelingeling.
Er wordt zo veel niet gezegd en bezongen. Hoe vaak stappen we niet heen over de laars die dreunend stampt en de mantel in bloed gewenteld uit Jesaja 9 omdat die zo moeilijk te combineren zijn met de vreedzame sfeer waarin we ons hullen, rond de kortste dagen? En als we het over de maagdelijke geboorte hebben, past ons dan niet veeleer stomme verwondering dan vertedering?
We zijn eenzijdig in onze keuze geworden.
Vrede op aarde, verlossing en vreugde komen allemaal wel te sprake, maar Kerst betekent meer dan dat. Misschien hebben we te lang de viering van het kerstfeest overgelaten aan kinderen en moeten wij, volwassenen, de oude beelden opnieuw leren zien, op een volwassen wijze. Het helpt om eens bij anderen te buurten, hiernaast en vroeger. In dit stuk wil ik wat voorbeelden geven van kerstmuziek van buiten onze traditie, de Oosterse Orthodoxie.

Schroom
Veel van de oude christelijke muziek komt uit het Oosten, uit Byzantium of Syrië (ook de wijs komt dus uit het Oosten…). Nu is het een bekend gegeven dat in die kerken Pasen als een groter feest wordt gezien dan Kerst; er is dus ook meer muziek geschreven voor Pasen dan voor Kerst. Om een of andere reden heeft de kerk van het Oosten meer gehad met de verheerlijking van Christus dan met zijn vernedering.
Er is zelfs een apart feest voor de verheerlijking op de berg. Vanuit die oriëntatie spreekt uit de relatieve stilte rondom Kerst een zekere verlegenheid en verwarring. Kerst is een feest van de menswording en verschijning, maar tegelijk van de verhulling. Een paar liederen ter illustratie van een ons onbekende huiver:

Waarom ben je verbaasd, Maria, waarom ben je verwonderd?
Ze antwoordt: omdat ik in de tijd een zoon gedragen heb die zelf tijdloos is, en ik heb gebaard zonder de wijze van de ontvangenis te kennen.
Ik heb geen man gekend, hoe zou ik een zoon baren?
Want wie heeft er ooit een geboorte gezien zonder zaad?
Echter, als God het wil, wordt de ordening van de natuur terzijde geschoven, zoals is geschreven.
Christus is geboren uit de maagd Maria, in Bethlehem, in Juda.
(Byzantijns-Melkitisch)

Wat in dit lied opvalt is dat de dialoogvorm wordt gebruikt. Waar wij deze stijlfiguur als regel in de kinderliederen toepassen (Zeg eens herder,…), is de dialoog van dit lied meer een tweespraak in een persoon, Maria. In andere liederen wordt Jozef in die rol opgevoerd, of de dialoog vindt plaats tussen hen beiden.
Huiver en verwondering. Het accent valt op de eeuwige God die de hemel verlaat en intrek neemt in een grot (volgens de Oosterse overlevering).
Om met Kuitert te spreken: deze aarde, deze stal, en wonderlijker nog: deze vrouw, werd voor een tijd een plaats van God:

Deze dag baart de Maagd Hem die verhevener is dan wat ook, en de aarde offert de grot aan de Ontoegankelijke.
De engelen zingen samen met de herders de lof, en de wijzen reizen samen met de ster want om onzentwille werd geboren als klein kind Hij die de preëxistente God is.
(kontakion voor de kerstviering, 5e eeuw, Syrisch)

Ik aanschouw een verbazend mysterie, dat alle verstand te boven gaat: een grot is hemel geworden en de Maagd neemt de plaats in van de troon van de cherubijnen; de stal is de verblijfplaats waarin Christus rust, onze oneindige God die we bezingen en groot maken.
(uit de kerstdienstliturgie)

Godheid
Al met al geen kindertaal, die hier gebezigd wordt, en meer een geladen dan een zoete stilte. De grote jubel wordt voor Pasen bewaard, bij de menswording houdt men meer de adem in. Logisch voor een kerk die vanouds meer het accent legt op de godheid van Christus dan op zijn menszijn.
Wij in het Westen kijken meer naar het menszijn van Christus: God die mens werd. Als wij dan het Kind zien, zien we een menselijk kind en zeggen: kijk eens hoe mens Hij is geworden!
10 vingertjes etc., zaken die niet zo naar voren komen als je kijkt naar Wie het is die zich verhult en verschijnt tegelijkertijd. Zelfs in zijn menszijn, is de redenering in het Oosten, is Hij de preëxistente Logos, het Woord van God van voor alle eeuwen. De zin ‘God is mens geworden’ wordt in het Oosten met de klemtoon op ‘God’ gelezen, in het Westen met de klemtoon op ‘mens’. De verlegenheid in het Oosten is zo groot dat een kerk (de Armeense) helemaal heeft afgezien van de viering van Kerst.
Deze schroom klink ook door in de soberheid van de zetting van het Magnificat (de lofzang van Maria), van de orthodoxe Est Arvo Pärt uit 1989. De extraverte tekst is in dit stuk verpakt in een strenge harmonisering, opgebouwd uit simpele drieklanken en kleine stijgende en dalende lijnen; de tekst wordt daardoor een soort innerlijke dialoog, meer gesproken vanuit verwondering dan vreugde.

Metafoor en paradox
Een ander punt dat opvalt is het spaarzamelijke gebruik van metaforen. De beelden die we in Westerse teksten komen, hebben het schema licht-donker als metafoor, of beelden ontleend aan een plant: knop, wortel, bloem, etc. Vooral de Middeleeuwse poëzie is daar sterk in:

De tronk van Isaï heeft een knop voortgebracht en in de bloem van de Geest rust de Parakleet.
De tak brengt de vrucht voort door wie de wereld leeft, vrucht van een mystieke tak uit de tronk van David, die, verdroogd, toch bloeide en een bloem voortbracht.
Die tak is de maagd, moeder Gods, de bloem, haar Zoon, is haar Vader.
Aan die wonderbaarlijk voortgekomen bloem zingen de engelkoren als betaamt: Lof en eer en macht en kracht zij de oneindige hemelse Heer.
(lofprijzing uit de Kerstmetten, 12e eeuw, Aquitanië)

Ook hierin is de Oosterse lyriek veel zuiniger. De beelden zijn er wel, maar minder prominent. Het donker van de winterse dagen is een Westerse couleur locale, die toch ongemakkelijk veel doet denken aan het heidense midwinterfeest.
Overigens: een beetje couleur locale moet wel kunnen, maar met mate.
Veel meer maken de Oosterse dichters gebruik van de paradox, waardoor de tegenstellingen zo enigmatisch (raadselachtig) mogelijk tegenover elkaar worden gezet, om nogmaals de verwarring en verwondering te onderstrepen.

Kosmos
Toch is de muziek en liturgie van het Oosten een beetje een theologenzaak geworden. Zowel het schrijven van de teksten als de uitvoering ligt bij de clerus, en dat alles zonder instrumenten.
Het Westen heeft ervoor gekozen ruimte te laten aan gemeentezang (al in de tijd van Ambrosius!) en, gaandeweg, begeleiding van instrumenten.
Je hoeft ook geen theoloog te zijn om liederen te schrijven. Dit alles resulteerde in een popularisering van de (kerst) muziek, een ontwikkeling die overigens wel eeuwen in beslag heeft genomen.
Winst van die ontwikkeling is de participatie van alle gelovigen, verlies dat soms de beelden met de theologie aan de haal zijn gegaan. Heel scherp zou je kunnen zeggen dat het Oosten tenminste eerlijk was over het feit dat het geen woorden had voor het geheimenis van de menswording, en dat wij dit probleem oplosten met lege teksten, maar dat zou tekort doen aan het geheel van de Westerse muziek. Blijft staan of ons dan niets anders rest dan de ingetogenheid. In kerstmuziek past blijdschap, maar ook iets van het kosmische drama. De implicaties van de geboorte van Christus raken de gehele kosmos en niet alleen mijn persoon.
Prachtig wordt dat uitgebeeld in het Westerse stuk Veni veni Immanuel van de Schot James MacMillan (*1959), gebaseerd op de oud-franse melodie van gezang 125. De heilige God komt de onheilige wereld binnen en dat betekent crisis: het oordeel, maar ook: vergelding. En daar zit meer troost in dan je zou denken. Hoe kunnen we Hem ontvangen?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief