Uitbesteding van de Schepper
2001-08-31
Genesis 1 is geen tekenfilm en God is geen tovenaar. Zo van: Hij knipt met zijn vingers en ploep! een uitspansel.- Jaargang 45
- nummer 17
Hij steekt zijn staf omhoog, en flits! daar heb je zee en land. Genesis 1 comprimeert en stileert wat de Here God heeft gedaan...
Gebeuren
'En er wàs licht' vertellen de nieuwe vertalingen. Maar de oude heeft: daar 'werd' licht. En de joodse Septuagint: er 'geschiedde' licht. Er gebeurde wat!
Vergelijk het refrein van dit hoofdstuk: toen was het avond geweest en het was morgen geweest. Maar de joden vertaalden: er 'geschiedde' een avond en er 'geschiedde' een ochtend.
Net als in het kerstverhaal: en het geschiedde dat er een bevel uitging van keizer Augustus. Weer werd het avond en weer werd het morgen… Je ziet het gebeuren: en voort wentelen de dagen. Het rad van de geschiedenis is gestart, het draait, het loopt. Het gaat niet over een statisch feit, maar over een dynamisch gebeuren.
Tijd
'En het was alzo' – zes keer. Op dag twee: het uitspansel. Dag drie: het droge en de zee, de planten en de bomen. Dag vier: zon, maan en sterren.
En dag zes: landdieren, mensen, dieren, voedsel.
Gideon zegt: als morgenvroeg alleen de wol nat is en het land droog... En het was alzo; en zo geschiedde het.
Jehu hoort: uw zonen zullen tot in de vierde generatie op de troon van Israël zitten. En het was alzo; en zo is het ook geschied.
Zo gebeurden er ook bij de schepping dingen, wel zes keer. Het uitspansel moet gemaakt en gespannen worden, en dat kost tijd. Het geschiedde… Zee en land moeten stromen en opdrogen.
Planten en bomen moeten ontkiemen, groeien, bloeien, vruchtzetten.
Lichtdragers, land-, zee- en luchtdieren hebben tijd nodig om zich te ontwikkelen. De voedselketens van mens en dier hebben tijd nodig om zich te vormen. En het geschiedde…
Ruimte
'Er zij licht' staat er. Dat lijkt een vrome wens. Maar het is een goddelijk bevel.
'Er moet licht worden' vertaalden de joden. En die konden het weten. De nieuwste vertaling volgt dit oude voorbeeld.
Net zo bevéélt God dat er een uitspansel en lichten moeten 'worden'. Het water moet naar één plaats samenvloeien en de aarde moet planten laten opkomen. Het water moet zeedieren naar buiten brengen en de aarde landdieren.
Water en land krijgen een actieve rol bij de schepping: ze moeten iets doen. Kom op water, op één plaats verzamelen! Kom op aarde, planten laten uitspruiten! Kom op wateren, zeedieren laten uitgaan! Kom op aarde, landdieren tevoorschijn brengen!
De bijbel is geen wetenschappelijk handboek, maar misschien kun je hier iets mee, ook als wetenschapper. God maakt, schept – dat staat als een paal boven de vloed. Maar water en land moeten zelf ook aan de slag. God doet het grote werk, de details besteedt Hij uit.
Dieren
Niet Franciscus maar God zelf was de eerste die tot de dieren sprak. Hij praat met de mensen, maar Hij spreekt ook de dieren toe. De dieren, God zegende ze en Hij sprak: Wees vruchtbaar en word talrijk; jullie moeten het water van de zee bevolken, en de vogels moeten talrijk worden op het land.
De mensen, God zegende hen, en Hij sprak tot hen: Wees vruchtbaar en word talrijk; bevolk de aarde en onderwerp haar; heers over de vissen van de zee, over de vogels van de lucht, en over al het gedierte dat over de grond kruipt.
Net als de mensen krijgen ook de dieren een rol, een taak in de scheppingsgeschiedenis van God. Daar is tijd voor nodig. Er moet veel, heel veel gebeuren. Het valt op hoe vaak dat woord 'gebeuren, geschieden' (en verwante woorden) hier opduikt.
Tussen de 30 en 40 keer! Daar gaat het dan ook over in dit boek: de genesis, het ontstaan en bestaan van alle dingen. Vanzelfsprekend gunt Genesis 1 ons een kijkje in Gòds agenda, zíjn werkweek, zíjn werkdagen. Want inderdaad: voor Hem is één dag als duizend jaar, en duizend jaar als één dag. Aan het eind van het begin zag God hoe goed het was. Alles was zó goed.
Mensen
Geen achterhaalde mythe, maar de indrukwekkende geschiedenis van de Schepper zelf. Hij, die enorme plannen uitdenkt, uitvoert en uitbesteedt.
Mens, ga aan het werk! Je kunt het: beheersen, benoemen, bewerken.
Houd alleen twee dingen helder, in je hoofd en in je hart. Eén: de grote Schepper zelf. Hij is de grens naar vóren. En twéé: de zware gordijnen die voor het begin hangen, zondvloed en zondeval. Die vormen de grens naar àchteren. Grens in de zin van: het terrein loopt door maar er zit wel een scheur in, een breuklijn. Nù kijken wij nog in een spiegel, in raadselen, nu ken ik onvolkomen, maar dàn...
Geloofd, gezegend zijt Gij Heer, wij brengen U de lof en eer. Wij willen nederig en klein de dienaars van uw grootheid zijn.