Bram van Dijk, hoe nu verder?

2001-11-23
  • Jaargang 45
  • nummer 23
In ‘Opbouw’ van 9 november 2001 plaatste Opbouw een bijdrage over een gefingeerde situatie met betrekking tot een conflict over de vorm van de kerstdienst tussen de kerkenraad en gemeentelid Bram van Dijk. Lezers konden op dit artikel reageren. De eerste reactie die we plaatsen komt van Henk van Veen uit Geldrop. Hij schrijft het volgende:

Bestuurlijk én pastoraal?
Naar mijn mening zijn er door de raad van de kerk waar Bram lid van is twee fundamentele fouten gemaakt. De eerste fout is dat een kerkenraad zowel bestuurlijke als pastorale zaken te behandelen krijgt. Deze verliest daardoor de grens die tussen beide loopt uit het oog. Daardoor worden pastorale zaken op bestuurlijk niveau behandeld en bestuurlijke zaken op pastoraal niveau.
Dit zal altijd tot verkeerde beslissingen leiden.
De beslissing om toneelstukjes in de eredienst uit te voeren is een beleidsbeslissing van de kerkenraad. Het heeft niets te maken met het pastoraat als zodanig. Door dit toch op pastoraal of bijbels niveau te behandelen is de weg open om dit soort meningsverschillen op pastoraal, ethisch of bijbels niveau uit te vechten, met alle gevolgen van dien!

Geen contact
De tweede fout is dat er tussen raad en klager geen direct contact is geweest.
De raad heeft in deze zaak gehandeld op gegevens die schriftelijk en via een afvaardiging aangedragen zijn.
De praktijk leert dat het zeer moeilijk tot onmogelijk is om iets naar de geest over te brengen. Daarom zal er in de Nederlandse rechtspraak nooit een beslissing genomen worden buiten een klager of aangeklaagde om. In de raden van de Nederlands Gereformeerde Kerken wordt er altijd buiten de betreffende persoon om over die persoon gesproken, waardoor het praktisch niet mogelijk is om tot overeenstemming te komen. De zaak zal daardoor eerder op scherp gezet worden en het onderlinge vertrouwen zal verdwijnen!

De richting van een oplossing
Zoals u uit het bovenstaande duidelijk zal zijn is het ‘probleem Bram van Dijk’ binnen de huidige structuren niet op te lossen. We kunnen er wel voor de toekomst een les uit leren.
Deze les luidt dan:
1. Breng een scherpe scheiding aan tussen de groep mensen die in een kerkgemeenschap bestuurlijke zaken behartigen en hen die pastoraal arbeiden!
Ter vergelijking: een bedrijf waar de chef productie en de personeelschef in één persoon verenigd zijn zal in onze hedendaagse samenleving onherroepelijk ten onder gaan.
2. Bezie op voorhand of een verandering in (ere)diensten (of andere zaken) een pastorale of een bestuurlijke begeleiding nodig heeft!
3. Behandel klachten of voorstellen nooit zonder aanwezigheid van de klager of voorsteller!
Een praktische oplossing zou kunnen zijn: benoem na een klacht of een voorstel een groepje mensen b.v. één bestuurlijk, één pastoraal en twee gemeenteleden waarvan minstens één de goedkeuring van de klager of voorsteller heeft en laat dit groepje samen met de klager of voorsteller tot een gemeenschappelijk standpunt komen.
De praktijk leert dat die kans dan 99% is. Uit diezelfde praktijk blijkt dan ook dat er zo goed als zeker geen probleem ontstaat.

Tenslotte
Ik ben mij ervan bewust dat de onder 1. genoemde basisoplossing niet één twee drie ingevoerd kan worden. Tot die tijd kan punt 3 echter al veel ellende voorkomen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief