Is dit wat je wilt?
2009-11-20
De Nederlandse wet is er wel uit. Mensen zijn allemaal gelijk(waardig) ongeacht hun godsdienst, huidskleur of seksuele geaardheid. We mogen onze medemens op dat punt dan ook niet discrimineren. Voor de homofiele man of vrouw betekent dit dat hij of zij in Nederland vrij is een relatie aan te gaan. Niemand zal het hen verbieden: sterker, er is zelfs de mogelijkheid om publiek met elkaar in het huwelijk te treden.- Jaargang 53
- nummer 23
In sommige landen en culturen en volgens de traditionele lezing ook in de Bijbelse setting behoort de homoseksuele relatie tot de verboden relaties die in het rijtje voorkomen van pedofilie en incest. Maar in de Nederlandse maatschappij van vandaag zeggen we: als het om volwassen mensen gaat, die kiezen voor de homoseksuele relatie, dan is dat hun eigen vrijheid en verantwoordelijkheid. Bij pedofilie en incest gaat het om ongelijkwaardigheid in de relatie. Ook worden deze relaties als onwenselijk en schadelijk gezien. Het recht komt op voor het kind en dat is een goede zaak. Maar de homofile relatie is in beginsel de vrije keus van twee volwassen mensen. Homofilie wordt in Nederland ook niet langer beschouwd als een afwijking of een psychiatrische problematiek. Het is ‘normaal’ en dus ook ieders persoonlijke keus. Je kunt in Nederland uit de kast komen. Niemand die je een strobreed in de weg legt. Je kunt kiezen voor de homoseksuele relatie. Dan komt de vraag nog sterker op iemand af: maar is dat ook echt wat je wilt?
Je bent homo en gelovig
De verantwoordelijkheid en de beslissing ligt bij de persoon zelf. Niemand kan die verantwoordelijkheid overnemen of de beslissing voor iemand anders maken. Voor de gelovige homofiele man of vrouw ligt deze beslissing iets ingewikkelder dan voor de niet-gelovige. In ieder geval heeft hij of zij ook te maken met kerkelijke tradities waarin homoseksualiteit wordt afgewezen. Tegelijkertijd zijn er ontwikkelingen binnen de kerken die vanwege de uiteenlopende meningen een grotere ruimte lijken te bieden. Er zijn gemeenten waarin homoseksualiteit is aanvaard en waar een homohuwelijk zelfs als een kerkelijke bevestiging gevierd kan worden.
Nu kan een homofiele man of vrouw ervoor kiezen om met de keus voor een homofiele relatie te breken met geloof en kerk, maar sommigen willen dat helemaal niet. Ze zijn gelovig en willen niets liever dan bij God en de kerk behoren; tegelijkertijd zijn ze homofiel en willen niets liever dan een fijne vriend of vriendin. Hun diepste verlangen is eigenlijk dat dit samen zou kunnen gaan. Ze kunnen kiezen voor kerken waar ruimte wordt gemaakt voor de homofiele relatie, maar doen dat soms niet of met grote moeite, omdat ze zich juist met de kerkelijke traditie die geen ruimte biedt voor de homoseksuele relatie, op alle andere punten meer verwant voelen. In dat geval zit er weinig anders op dan als homofiele man of vrouw de bedenkingen die binnen de eigen traditie tegen de homoseksuele relatie bestaan te overwegen voor Gods Aangezicht en zich uit te strekken om in het eigen hart overtuigd te raken van het juiste van de keus.
Je kunt het zelf bepalen
Bijbels gezien mogen we er vanuit gaan dat ieder mens tot een eerlijke en goede keus kan komen voor Gods aangezicht. Dat is een groot goed. Het vraagt ook om vertrouwen, wanneer de keus bij de ander anders uitvalt dan de keus die je zelf verantwoord acht. Voor ons als kerken is dit de vertrouwensbasis geworden en gebleven: ieder moet in zijn hart ten volle overtuigd kunnen zijn. Op die manier hebben we leren leven met verschillende meningen en keuzes, terwijl we in het spanningsveld van de verschillen vasthielden aan de kostbare ruimte voor het hart van ieder mens, waar de beslissingen vallen voor God en de mensen. Vroeger - in de situatie van het Oude Testament - was de situatie misschien wel zo dat mensen aan de wetten gebonden werden door de mensen die boven hen geplaatst waren: Dit was goed en dat was fout. Dat bepaalde je niet zelf. Anderen maakten dit voor je uit. Je had je er maar naar te schikken. Toch kleefden daar veel nadelen aan. Het grootste nadeel is misschien wel dat geboden niet het beste in ons wakker roepen. We waren er toch al niet goed in om te doen wat God zegt en dat werd niet beter na de zondeval. Ook is er het nadeel dat iemand misschien wel de goede dingen doet, maar dan uit angst voor straf. Het mooiste zou zijn wanneer de mens een ander hart zou krijgen waarin hij en zij het goede innerlijk kunnen weten en doen. Dat redden we natuurlijk als in zonde gevallen mensen niet uit onszelf. Er was een Nieuw Verbond nodig. God heeft dat mogelijk gemaakt door de verzoening van onze zonden en de heilige Geest, die Hij ons in Jezus Christus schenken wil. God heeft met het Nieuwe Verbond toegezegd dat wij als mens persoonlijk tot goede keuzes kunnen komen, dankzij Gods Woord en dankzij de Heilige Geest die in ons woont en de genade waarin wij mogen leven. De mens van het Nieuwe Verbond heeft het eigenlijk niet nodig dat iemand anders hem vertelt wat goed is of kwaad. (Jeremia 31:31 ev) Natuurlijk hebben we onze mening en maken we die ook kenbaar aan elkaar. Op deze manier is niet elke vorm van liefde en leiding geven overbodig geworden. Maar ten diepste zijn we niet afhankelijk wat anderen ervan vinden. God stelt ons als mensen van het Nieuwe Verbond in staat om helemaal persoonlijk – zonder de inmenging van iemand anders – tot een goede gewetensvolle mening en keuze te komen. We kunnen deze beslissing dus met een gerust hart aan onze homofiele medemens overlaten. Hij en zij is van Godswege in staat om zelf tot een goede afweging en beslissing te komen. De vraag ligt dus op hun bordje: Is dit wat je werkelijk wilt?
Leiding geven?
Ik kan me voorstellen dat iemand vraagt naar de plaats van de kerk in dit verhaal. Is het nu helemaal irrelevant geworden, hoe de kerken er over denken en wat zij tolereren als levensvorm en levensstijlen? Nee, het is zeker niet onbelangrijk hoe de mensen die leiding geven (ouders, leraren, besturen, ambtsdragers) over homofilie denken en waar ze hun grenzen leggen. Wel moeten we eerlijk tegen elkaar zeggen dat leiding geven alleen goed lukt, als je samen ook één lijn trekt. Wanneer we als kerken ten aanzien van de homofiele broeder en zuster eenzelfde houding aannemen, eenzelfde mening op grond van de Bijbel communiceren, dezelfde consequenties in de praktijk van het kerkelijke leven vorm geven, dan zou er mogelijk een goed en gezond gezag en effect van uitgaan. Er is weinig mis met gezond gezag.
Maar als de meningen zo verdeeld raken als onder ons het geval is en de kerkelijke praktijk zo uiteenloopt, moet een mens zich afvragen of wij als kerken op dit punt nog iets met gezag kunnen brengen. Juist de verschillen in omgang met homofiele stellen maken dat men zich moet afvragen, of leiding geven vanuit de kerk op dit punt nog wel mogelijk en wenselijk is. Ook is de vraag gerechtvaardigd of, wanneer sommige gemeenten homofiele stellen in volle rechten ontvangen en aanvaarden als leden, dit opeens niet zou kunnen als het om ambtsdragers van diezelfde kerken gaat. Iets is goed of iets is kwaad; dat geldt net zo goed voor ambtsdragers als voor gewone gemeenteleden.
Dan is er nog iets: De opstelling van de kerk waarin men kiest voor de aanvaarding van de homoseksuele man of vrouw aan het Avondmaal, terwijl men homoseksualiteit op Bijbelse gronden afwijst, moeten we niet willen. Daar valt niet mee te leven. Ik vind jou goed, maar je manier van leven deugt van geen kant. Ik kan me goed voorstellen dat homoseksuele mensen met de opstelling ‘lieve poes stoute kat’ niet uit de voeten kunnen en dat ze vervolgens afhaken. Het is een van beide: of je aanvaardt de mens en zijn levenskeuze, of je wijst die af. Wanneer je de levenskeus als zondig ziet, is er geen toegang tot het Avondmaal. Dat laatste is mijn positie, die ik niet alleen Bijbels vind, maar ook wel zo eerlijk naar de homofiele broeder of zuster toe. Het mooiste zou zijn dat we als kerken in gebed en studie een gezamenlijke weg wijzen en gaan.
Toenemende verschillen
Er is wel iets voor te zeggen wanneer protestantse gemeenten onder leiding van hun kerkenraad eigen wegen gaan op het punt van geloof en levenswandel; tegelijkertijd wordt een kerk ongeloofwaardig, als alle meningen die zich voor kunnen doen in de kerken worden aangetroffen. Wanneer vader en moeder een verschillende weg wijzen, kan een van beide twee dingen doen: zijn of haar wil doordrukken; dat is een vorm van macht die zich moeilijk laat rijmen met het christelijk geloof. Of erkennen dat de verschillen van inzicht leiding op dit punt moeilijk, zo niet onmogelijk maken. Het enige wat vader of moeder kan doen, is zeggen: Als je wilt weten hoe ik erover denk, zal ik je dit eerlijk zeggen. Jij moet dan maar doen wat jou goeddunkt, want je vader en je moeder zijn verdeeld. Ik heb de neiging om tegen de Here God te zeggen: Hoe moet ik als predikant in de protestantse traditie in Nederland van vandaag, waar alles mogelijk is, goede leiding geven op dit punt? Op dit moment lukt het me nog, maar voor hoelang? Bij toenemende verschillen zie ik afnemende kansen voor goed en christelijk leidinggeven. Te midden van groeiende kerkelijke verschillen zie ik het niet als wenselijk een positie te kiezen en die door te zetten, omdat dit eerder met macht dan met gezag gepaard gaat. Het enige wat ik daarna nog wel kan en wil doen is naast de kansel mijn persoonlijke mening geven over wat volgens mij het beste is.
Maar er is iets wat mij bemoedigt: Het is niet onmogelijk voor de homofiele broeder of zuster om tot een eigen en goede afweging te komen en een keus die de instemming van de Heer heeft. Maar hij of zij moet het niet verwachten van de omgeving. De homofiele man of vrouw kan - door te verwijzen naar de verschillen van mening die blijkbaar allemaal hun recht hebben - zeggen dat het dan ook niet uitmaakt wat hij of zij kiest, omdat overal wel wat voor te zeggen valt. Dat laatste is niet juist. Iemand kan zich er wel van afmaken, maar voor een mens van het Nieuwe Verbond blijft de mogelijkheid en dus ook de verantwoordelijkheid gegeven om geheel eigen overwegingen te maken voor Gods Aangezicht. Het is niet nodig dat iemand jou vertelt wat goed is of wat niet. Je hebt zelf de Heilige Geest. Je kunt er bij wijze van spreken helemaal zelf achter komen. Daar heb je niemand bij nodig.
Door Gods goedheid
Wanneer iemand zou willen weten hoe ik er over denk, wil ik dat wel vertellen. Ik ben door Gods goedheid trouw. Ik wil hiermee zeggen dat ik echt te vertrouwen ben. Toch is dit natuurlijk omstreden. Anderen die een tegenovergestelde mening zijn toegedaan zullen hetzelfde zeggen. Hoe maak je dan uit wie er gelijk heeft? De grote vooronderstelling van het christelijke geloof is dat God dat door Jezus Christus aan de mensen van het Nieuwe Verbond geeft; dat ze feilloos in staat zijn om op grond van de Bijbel en geleid door de Geest van God te weten wat goed is en om dat goede dan ook tot uitvoer te brengen. Voor de buitenstaander blijft het verwarrend om al die ‘integere’ mensen te zien die toch het tegenovergestelde beweren. Maar voor Gods kinderen is het niet onmogelijk door de bomen het bos te blijven zien en de goede mening en levenswijze er uit te pikken en die in praktijk te brengen.
Drs. Gerard de Lange is predikant van de NGK Ede.