Is de kerk in Nederland aan het verdwijnen?
2000-01-07
Dat is het opschrift boven een artikel van ds J. Jonkman in De Wekker van 3 december.- Jaargang 44
- nummer 1
Hij schetst een somber beeld van de situatie van de kerk in deze tijd:
Dat de kerken in Nederland aan het verdwijnen lijken te zijn, heeft vooral te maken met het feit dat er ook een grote vijandschap leeft onder de mensen tegen het Evangelie als zodanig. Want het Evangelie is niet naar het denken, willen en voelen van de mens. () Het volk heeft brood en spelen nodig. De commerciële zenders spelen uitgekookt op die behoefte in. 'Big Brother' verslaat zijn tienduizenden.
Het valt me op hoe zelfs veel kerkelijke jongeren tot op zekere hoogte in de ban zijn van dat programma. De sport is een geweldige macht in het leven van honderdduizenden.
Het Europees kampioenschap voetbal van volgend jaar in ons land stelt de autoriteiten voor grote problemen. De trends in de 'muziek' van de dag zijn niet bij te houden. De geestelijke milieuvervuiling heeft ongekende vormen aangenomen en zit overal in de lucht. De boze geesten in de lucht beheersen het domein. De roddelcultuur en de sensatiedrift hebben grote hoogten bereikt of beter gezegd: zijn in duistere diepten gekomen, want roddelen en sensatie zoeken zijn werken van de duisternis.
Kort gezegd: het is inderdaad het probleem van normen en waarden. Het is het probleem dat de mens de wet van God vervangen heeft door eigen inzichten en gevoelens.
De mens is zichzelf tot een wet. Dat levert diepe duisternis in een samenleving op. De mens wordt aan zichzelf overgelaten.
Moet de kerk nu de aansluiting zoeken bij deze cultuur? Wie weet hoe dat moet, mag het zeggen.
Ik zie op dit moment niet in, hoe dat kan. Er is alle reden om juist ernstig en aanhoudend tegen deze zogenaamde cultuur, die niets anders is dan verwording van wat cultuur kan zijn - denk aan het brede terrein van de 'schone kunsten' - te waarschuwen en de wortels ervan bloot te leggen.
Omdat zo velen ook uit kerkelijke kringen zich bijna dagelijks laten bombarderen door de 'cultuur van de wereld' ontstaat er op de zondagen een grote kloof tussen waar men in de week mee bezig is geweest en wat men vanaf de kansels hoort als er tenminste vanaf de kansels het onvervalste Evangelie wordt gebracht. Het is wel nodig dat in de preken van tijd tot tijd wordt ingegaan op wat er allemaal gaande is in onze wereld. De gemeente moet gevoed en toegerust worden om vandaag als belijdende gemeente in de maatschappij te staan en te werken. Maar zolang Christus niet is teruggekomen, blijven we vreemdelingen en bijwoners in deze wereld. De spanning van het in de wereld zijn en tegelijk niet van de wereld zijn kan niet worden opgeheven. We zijn in de wereld met een taak: geroepen tot heilig leven. We zijn niet van de wereld. Want het schema van deze wereld gaat voorbij. De enige remedie tegen het verdwijnen van de kerk is een krachtige en actuele verkondiging van het onvervalste Evangelie van Jezus Christus.
Deze prediking krijgt een vervolg in het gemeentelijke leven in allerlei vormen en activiteiten door de week. Prediking, pastoraat en catechese: zij zijn de middelen waardoor het God behaagt Zijn gemeente te bouwen. En dat kerken verdwijnen, waar men het Evangelie heeft vervalst en op de maat van mensen heeft geschreven, daarover hoeft niemand te treuren.
Ze verdienen niet beter.
Ik vraag me af of Jonkman het zich in dit verhaal (bijna een klassieke 'tijdrede') niet te gemakkelijk maakt. Voor mijn besef houdt hij met name de kerk zelf te veel buiten schot. Zeker, dat heeft het voordeel van de duidelijkheid: de wereld is slecht, de kerk (althans de ware, de zuivere, dus de onze) is goed. Maar zo simpel is het niet; er komen werkelijk fundamentele vragen op ons af vanuit de wereld, vanuit de cultuur waarvan wij deel uitmaken en waarin we van de Here een plaats hebben gekregen; een cultuur die op zichzelf ook niet zoveel slechter of beter is dan enige cultuur uit vroeger tijd. Het doet me denken aan een aardig doordenkertje dat ik me herinner van toen ik jong was: Vraag aan dominee A: "Waarom zit uw kerk altijd zo vol?" Antwoord: "Omdat ik het zuivere Woord van God verkondig; dat blijft nooit zonder vrucht". Vraag aan dominee B: "Waarom komen er bij u zo weinig mensen in de kerk?" Antwoord: "Omdat ik het zuivere Woord van God verkondig; en dat willen de mensen vandaag niet meer horen". De overeenkomst is dat beide dominees er zeker van zijn dat zij het goed doen.
Nu, zolang je die overtuiging hebt, zul je de vragen van deze tijd ook niet werkelijk tot je toelaten.
Pas wanneer je zover bent dat je niet zeker meer weet of jij het wel echt op de goede manier doet, ontstaat er ruimte om werkelijk na te denken over de zaken die Jonkman noemt; ruimte ook om je serieus af te vragen of bepaalde dingen uit ons kerkelijk bedrijf vandaag niet anders zouden moeten.
En dan niet omdat de waarheid vandaag anders zou zijn dan vroeger, maar wel omdat de werkelijkheid waarin wij als kerk en als gelovigen geplaatst zijn een andere is. Nee, ik bedoel dat niet paniekerig: alsof wij de kerk moeten redden.
Gelukkig niet! Maar juist vanuit het diepe vertrouwen dat het God zelf is die Zijn gemeente vergadert, beschermt en onderhoudt, krijgen wij de bevrijdende ruimte om vormen te zoeken voor ons kerk-zijn, die maximaal aansluiten bij de leefwereld van mensen vandaag. Dat is geen modieus, maar een diepbijbels verhaal, zie met name 1 Korintiërs 9:19-22.
Ik neem de vrijheid daarbij ook te verwijzen naar het laatste boekje van de Gereformeerd Vrijgemaakte drs. C.J. Haak, Kerk in de 21e eeuw.
Voortreffelijk, juist als het om deze dingen gaat!