Controle

2001-05-25
  • Jaargang 45
  • nummer 11
Onze spellingscontrole heeft een voor mij zeer onlogische wetmatigheid als het gaat om het herkennen van eigennamen.
Petrus krijgt geen rood golflijntje.
Maar Paulus is onbekend. Adam mag door, Eva ook. Abraham klinkt ook niet vreemd in de oren van mijn computer maar Izaäk en zelfs Jacob worden weer afgekeurd. Sara (met of zonder h), Rebecca en Lea behoren ook tot de onbekende personen, maar Rachel mag wel! De vier grote evangelisten zijn ook vreemden. Ik krijg wel suggesties voor een alternatief. Marcus zou bijvoorbeeld Narcis kunnen worden en Johannes douanes. Overigens mogen Jan, Piet en Klaas wel maar Johan, Cor en Bart weer niet.
Het geldt dus niet alleen voor Bijbelse namen. Ruben, Simeon en Levi gaan dezelfde weg als zoveel anderen. Niet gewenst. Maar Jozef en Benjamin zijn welkom. Voortrekkerij van de jongsten? Abel en Kaïn worden wel allebei geaccepteerd.
Zou het iets te maken hebben met hoe hedendaags een naam is? Maar waarom Jozef dan wel en Bart niet?
Of is er serieus geturfd welke namen vaker dan een x-aantal keer voorkomen in de Bijbel. Waarom Jacob dan niet? Heeft de maker van het correctieprogramma (zelfs dit woord is bekend!) gewoon alle namen van familieleden en favoriete sporters en politici ingevoerd?
En juist niet de naam van die jongen die hem altijd pestte of van die juf die hem een jeugdtrauma bezorgde?
Willekeur? Moet er een comité worden opgericht voor een Bijbels verantwoorde spellingscontrole?
Laatste en belangrijkste controle van mijn kant. Jezus is bekend. De Naam onder alle namen.
Laat de rest dan maar zitten, die voeg ik zelf wel bij.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief