Altijd vergeven?
1998-03-20
De vorige keer heb ik geschreven dat er samenhang is tussen Gods vergeving en onze onderlinge vergeving. Het mededogen van de koning uit Jezus’ verhaal kan niet zonder het mededogen van mensen onderling. Het is alsof Jezus hier zegt: “Waar je vergeving van God ontvangt, echt vervangt, daar kan je niet anders dan dat je je medemens ook vergeeft.” - Jaargang 42
- nummer 6
God baseert zijn vergeving van ons niet op onze vergeving naar een ander toe. Dat niet. Toch is er samenhang, zoals wel heel sterk blijkt uit deze gelijkenis. En die samenhang levert een soort spanning op. Een spanning die Jezus hier neerzet, zoals Hij dat trouwens ook doet in het zogeheten Onze Vader. Daarin onder andere het gebed: Vergeef ons onze schulden, gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren. Er is samenhang.
Betekent dat - en daarover gaat het dit keer - dat je altijd een ander moet vergeven, wanneer je zelf mag geloven dat de Heer jou vergeeft? Zoals ik vorige keer schreef dat de getallen die Jezus noemt, het zeventig maal zeven keren vergeven, dat het geen aftrekgetallen zijn, maar het gaat om je houding, je innerlijk. Ben je altijd bereid tot vergeving?
Vergeven is niet vanzelfsprekend
Het is meer dan een detail dat de ene slaaf bij de koning om geduld smeekt en dat aan hem om geduld gesmeekt .
wordt door de andere slaaf. Dat wil zeggen: in Jezus' verhaal wordt de schuld niet bij voorbaat kwijtgescholden.
Jezus zegt duidelijk dat de heer medelijden krijgt met de slaaf, wanneer die hem om geduld vraagt, terwijl hij als smekeling op de grond ligt. En Hij laat de koning zeggen: "Had ook jij geen medelijden moeten hebben met je medeslaaf, zoals ook ik medelijden had met jou." Ik denk dat je daaruit ook mag halen dat vergeven niet vanzelfsprekend is, dat je altijd zou moeten vergeven. Waar er niet om gevraagd wordt, is het maar zeer de vraag of het moet, of God het van je verwacht. Ik heb meer het gevoel dat het erom gaat of je bereid bent, wanneer de ander duidelijk berouw heeft, dat je dan wilt vergeven, wilt proberen om dat te doen. Een voorbeeld uit het verhaal dat je niet bij voorbaat alles met de mantel der liefde hoeft te bedekken. Wanneer de eerste slaaf zo hardvochtig is opgetreden ten opzichte van degene die bij hem een schuld had, gaan andere slaven naar de koning toe om te vertellen wat er gebeurd is. Dat is niet een kwestie van flauw doen, van klikken, maar van echt verdriet, verontwaardiging. Jezus zegt niet dat ze gewoon, simpelweg, de eerste siaaf dit harde gedrag hadden moeten vergeven.
Dat laat Hij ook de koning in z'n verhaal niet zeggen. Ik haal daar dit uit: waar geen berouw is, geen echt berouw, daar is het moeilijk en in feite denk ik onmogelijk om te vergeven.
En ik geloof ook niet dat God dat van ons vraagt. Wanneer er heel ernstige dingen gebeurd zijn, verwaarlozing, geen volkomen acceptatie door een ander, geestelijk of lichamelijk geweld; dat zijn geen dingen waar je zomaar overheen loopt, of zelfs mag lopen. Wie doet alsof er niets aan de hand is en is geweest en zegt dat je altijd moet vergeven, ik geloof het niet.
Bovendien: het helpt de ander niet, alsof hij of zij er anders van wordt, van gemakkelijke vergeving, en het helpt jezelf ook niet. Want wie zou dat ooit echt kunnen volhouden? Dan blijven er toch van binnen vervelende gevoelens zitten, die je niet hoeft te ontkennen. Ik denk dat er daarom een aantal keren dingen in de Schrift staan, die ons oproepen om onszelf niet te wreken bijvoorbeeld. En dan staat er niet: "maar vergeef de ander, wat hij ook gedaan heeft en of hij berouw heeft of niet", nee, dan staat er in Rom. 12: "laat plaats voor de toorn, want er staat geschreven: Mij - God - komt de wraak toe, Ik zal het vergelden". Waar dus kwaad gedaan is, waar werkelijk . ernstige zonde heeft plaatsgevonden, waar je niet zomaar, oppervlakkig, maar van binnen diep gekwetst bent, waar vergeving niet mogelijk is voor je, geef het over aan God, de Rechter. Geef het over aan Hem, met de verontwaardiging, zoals die medeslaven deden. Ik vermoed ook dat het deze houding is, die in nogal wat Psalmen naar voren komt, zeker ook de zogeheten wraakpsalmen. Er staan dingen in die ons moeite kunnen geven, maar ik denk dat dit er achter zit. Er is de dichter en het volk zoveel of zo groot onrecht aangedaan, dat ze het in Gods hand leggen. Hij moet maar oordelen. Vergeven, en in ieder geval vergeven zondermeer, dat past hier niet. Dat zou wellicht zonde zijn.
Conclusie
Wees maar intens blij met Gods vergeving, die Hij ons wil geven op ons gebed. Laat die goddelijke goedheid doorstralen in je leven. Waar je hebt te vergeven, doe het; doe het waar het kan. Maar wees niet krampachtig, alsof vergeven altijd moet. Soms, vaak?, kan het niet, hoeft het niet. Misschien ook wel: mag het niet.