Den Helder - Terugpraatdienst over orgaandonatie
1999-02-19
In het afgelopen jaar is in de Nederlands Gereformeerde kerk van Den Helder een aantal malen een zogenaamde terugpraatdienst gehouden.- Jaargang 43
- nummer 4
De thema’s van deze diensten worden meestal ontleend aan vragen vanuit de gemeente. Zo is er twee maal een dienst gehouden over ’Hemel en Hel’.
In april kreeg het onderwerp orgaandonatie de aandacht. Naar aanleiding van gesprekspunten van gemeenteleden wordt een aantal vragen of thema’s met behulp van de overhead-projector op de muur geprojecteerd. De gemeenteleden kunnen voor de dienst, bij een kopje koffie of thee, alvast nadenken over deze vragen.
Het is niet zo dat de diensten een volkomen andere vorm hebben; slechts de preek maakt plaats voor het onderling gesprek bij een geopende Bijbel.
De leiding van de dienst berust bij de predikant, die ook meestal persoonlijk op de vragen ingaat en de gemeenteleden stimuleert om (mee) te denken vanuit Bijbelse gegevens. De liturgie van de dienst wordt toegespitst op het thema. Zo kwamen tijdens de kerkdienst over orgaandonatie een Schriftgedeelte als Romeinen 14 („Ieder zijn voor zijn eigen besef ten volle overtuigd, niemand sterft voor zichzelf”) aan de orde. Er werd gezongen uit Lied 21 („Die lijf en ziel geschapen heeft”), uit Lied 93 („en voor Gods aangezicht, worden ook wij herschapen”) en uit Lied 434 („Lof zij de Heer Die uw lichaam zo schoon heeft geweven”).
In de laatst gehouden dienst kwam naar voren dat we de antwoorden op vragen rond orgaandonatie niet rechtstreeks uit de Bijbel af kunnen leiden.
Wel mogen we weten dat God ons helemaal zal hèrscheppen. Daar past onze biologische kennis niet op. God heeft ons oude lichaam niet nodig om ons een nieuw lichaam te geven. Ook kwam het verschil tussen de Joodse traditie en het christelijk opstandingsgeloof aan bod. Uiteindelijk mondde het gesprek tussen de gemeenteleden uit op de zeer basale vraag hoe een christen komt tot het inzicht over goed en kwaad.
De predikant, Ds. J. Kiers, kan zich goed vinden in deze invulling van de kerkdienst. Dat geldt niet voor alle gemeenteleden. Sommigen wijzen de vorm van de kerkdienst af, anderen zeggen slechts zich meer thuis te voelen bij een ’gewone preek’. Er zijn ook gemeenteleden enthousiast over deze vorm van de kerkdienst. Zij ervaren op deze manier een grote mate van betrokkenheid bij het thema („ik onthoud de antwoorden veel beter, de tijd vliegt voorbij, zo worden de vragen vanuit de gemeente beantwoord”). Het aantal diensten dat deze vorm krijgt in Den Helder, wordt beperkt tot enkele malen per jaar.