Uitzicht op Gods aangezicht

1999-08-20
  • Jaargang 43
  • nummer 17
,,Het slotkoraal van de Johannes Passion van J.S. Bach: Ik heb het wel zestig keer gezongen, maar kom daarna nooit droog de kleedkamer in.
Het doet wat met me. De meeste zangers zijn emotionele mensen. Ik ook. Ik kan zingen niet loskoppelen van emotie. Mijn eerste taak is om zo goed mogelijk te vertolken wat de componist met een stuk bedoelt. Maar daarnaast kan ik er ook mijn eigen emotie aan toe voegen: Kijk en hoor. Zo voel ik het zelf. Zie wat je ermee kunt. En soms zie je reacties bij het publiek.
En dat is gaaf. Mijn zanglerares heeft eens gezegd: Ik heb liever dat je er een keer volledig naastdendert en dat er iets gebeurt, dan dat het perfect gaat en het iedereen onberoerd laat. Zo zie ik dat ook. En de Passiewerken van Bach zitten natuurlijk vol emotie. Die zing je anders dan bijvoorbeeld een vrolijk stuk van Schubert over het gras, de bloemen.'' ,,De Mattheus- en de Johannes Passion lijken wat betreft de verhaallijn veel op elkaar. Het gaat in beide werken over het lijden en sterven van de Here Jezus.
Met dit verschil dat de Johannes Passion anders eindigt. Nadat Jezus in het graf is gelegd, volgt het slotkoraal. Dat is de doorsteek naar Pasen. Het eerste gedeelte is wat zoetig, maar dan komt die wending: 'Als dann vom Tod er wecke mich, dass meine Augen sehen dich in aller Freud o Gottes Sohn, mein Heiland und Genadenthron!' Dat is de kern van het geloof: het uitzicht dat we na alle narigheid hier, straks voor Gods aangezicht mogen staan; vreugde en genade mogen ervaren. Dat het hier niet stopt. Als ik opsta uit de dood mag ik namelijk Jezus zien. Daar mogen we ons aan vasthouden.
En dat is reden genoeg om God te prijzen.'' ,,Ik heb dit stuk altijd heel erg mooi gevonden.
Iedere keer weer roert het me. En, afhankelijk van je leeftijd, maakt het steeds meer indruk op je. Je wordt ouder. En je realiseert je dat wanneer je ouders er niet meer zijn, jij op de eerste linie staat.
Er komt een eind aan. En je leert relativeren. In het licht van zo'n stuk, van het Evangelie, lijken dingen opeens niet meer zo belangrijk. Neem nou bijvoorbeeld de hele kerkelijke heisa: wat mag wel en wat mag niet. Al die zelfgemaakte wetten. Zijn die nog van belang als je eenmaal voor Gods aangezicht staat? Ik denk het niet. Hier ben ik, ik geloof, dank U wel dat U het voor mij gedaan hebt Here Jezus: ik denk dat dat genoeg is.'' ,,Dat was ook de troost toen mijn zanglerares Jo Bollekamp drie jaar geleden overleed. Ze is altijd als een moeder voor me geweest. Tijdens, maar ook na de opleiding. Ik had een hele speciale band met haar. Ze was al een tijdje ziek en overleed de dag na Pasen. We hebben toen met een aantal leerlingen de begrafenis geregeld. En op mijn voorstel aan het eind vierstemmig dit slotkoraal gezongen. Ze had veel leerlingen, dus we vormden een enorm koor. En het klonk geweldig. Dus daar moet ik bij het zingen ervan ook altijd weer even aan denken.''

Joke de Vin (46) is oratorium- en operazangeres.
Daarnaast is ze werkzaam als zangpedagoge. Ze woont in Langbroek en is lid van de Nederlands Geref. Kerk in Doorn.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief