Christelijk ouderschap: een leven met dilemma’s?

2000-06-23
  • Jaargang 44
  • nummer 13
Normen en waarden krijgen een andere betekenis, wanneer het je eigen kinderen betreft. Dat trof me bij een voorbereiding van een preek over 1 Samuël 8, het hoofdstuk dat de bijbelvertalers als opschrift hebben meegegeven: ‘Het volk begeert een koning’.

Wanneer het om je eigen vlees en bloed gaat, kun je weleens wat milder worden in je oordeel over zaken, waarin je als christen van huisuit een heel duidelijk standpunt hebt ingenomen. ‘Je moet er eerst zelf maar eens mee te maken krijgen, dan oordeel je wel anders’, hoor je ouders nog al eens tegenwerpen, wanneer ze in hun eigen gezin geconfronteerd worden met homosexualiteit, samenwonen of echtscheiding.
Ik vermoed, dat vrijwel alle ouders hierin een spanning ervaren, een dilemma waar ze niet goed mee uit de voeten kunnen. Ook zij die er voor kiezen om tegenover hun kinderen te gaan staan, omdat zij menen dat het Woord van God dat van hen vraagt.
Ik weet van ouders, die het contact verbraken met hun zoon omdat hij homosexueel was, en niet alleen wilde blijven. Er zijn ouders, die het samenwonen van hun kinderen niet accepteren. En ik weet, dat zij dat doen met pijn in hun hart, want het gaat hen om het behoud van hun kinderen.
Daarom kunnen zij geestelijk de beslissing van hun kinderen niet delen.
Toch plaats ik hier even een kanttekening, omdat ik er van overtuigd ben, dat we ons ook wel eens te snel een dilemma laten opdringen. En dat geldt voor elk van de bovengenoemde situaties. Niet elke homosexueel valt onder dat loodzware oordeel van de Schrift, en je kunt niet elke samenwoning vangen onder het ene hoedje: zonde tegen het zevende gebod! En de ene echtscheiding laat zich niet met de andere vergelijken. Ook de Schrift zelf gaat hierin zeer onderscheidend te werk.
Ondanks de soms heel krasse uitspraken.
Voor veel ouders heeft dat bevrijdend gewerkt.
En het heeft hen naar hun kinderen toe mild en barmhartig gemaakt in hun oordeel. Tot heil van hen beiden.

De duidelijkheid van de Schrift
Ja maar, het door u aangehaalde Schriftgedeelte spreekt toch een hele duidelijke taal. Je moet als ouders tegenover je kinderen durven te gaan staan. Anders faal je als opvoeder! En dat deed Samuël toch? Hij faalde als opvoeder. Ja zeker.
Samuël bleef als vader te dicht op z'n zonen zitten.
Hij kon ze niet loslaten, en maakte daarom een tragische vergissing.
Want, oud geworden, treedt hij niet terug, maar stelt z'n zonen aan als rechters over Israël. En triest genoeg overkomt hem dan precies hetzelfde als wat er met Eli gebeurd is. Zijn zonen blijken geestelijk niet uit hetzelfde hout te zijn gesneden als hijzelf.
Ze waren niet rechtvaardig in hun rechtspraak, ze bekommerden zich niet om de mensen, ze leefden niet zoals hun vader in de wegen van God. Nee, ze dachten alleen maar aan hun eigen belangen en verrijkten zich door privileges te verlenen aan mensen, die geen knip voor hun neus waard waren. Geld en macht, daar waren de zonen van Samuël op uit, en zo maakten zij zich gehaat bij het volk.

Er niet te dicht boven opzitten
Wanneer je te dicht op je kinderen blijft zitten, hen geen verantwoordelijkheid geeft, kun je blind raken voor hun fouten en zonden. Ik heb daardoor ouders ook dingen horen goed praten van hun kinderen, die absoluut niet door de beugel konden.
Die geen enkel kritisch woord wilden horen over de gevaren van de homosexualiteit, die het huwelijk gingen geringschatten omdat hun kinderen samenwoonden en zij dat moesten verdedigen. Of ouders, die de schuld van hun eigen kind in een echtscheiding niet onder ogen wilden zien.
Samuël zit zo dicht op zijn zonen, dat hij zich laat verblinden door hun zonden.
En wanneer eindelijk het volk tegen hen in verzet komt door hem om een koning te vragen, dan reageert hij gebeten.
De oudsten van Israël staan tegenover Samuël, zoals Samuël ooit tegenover de oude priester Eli heeft gestaan om hem, in naam van God, te vermanen over zijn zonen. En nu overkomt hem hetzelfde.
De reactie van Samuël is heel opmerkelijk. Wij kennen hem als een wijze, gelovige man, die oprecht wandelde in de wegen van de Here. Die goed en kwaad heel goed wist te onderscheiden. Die leefde naar de norm van Gods Woord. Maar in plaats het falen van zijn zonen ruiterlijk te erkennen, voelt hij zich op z'n tenen getrapt. Hij reageert alsof hij door een wesp is gestoken. Hij voelt zich aan de kant geschoven.
Miskend. Waarin heb ik gefaald?

Een heilzame correctie
Gelukkig gaat Samuël met z'n frustaties naar God toe. Hij zoekt bij de Here een uitlaatklep, wellicht in de hoop, dat die Hem gelijk zal geven.
Maar het wonderlijke is, de Here God bevestigt Samuël niet in zijn gekrenktheid. Hij neemt het niet voor Samuël op, maar Hij corrigeert hem op scherpe toon. ‘Samuël, ze hebben jou niet verworpen, maar ze hebben Mij verworpen’, zegt Hij.
En daarmee tilt de Here God deze kwestie op een geestelijker niveau. Het gaat niet om jou, maar het gaat om Mij. Om mijn koningschap over dit volk.
Dat komt door het optreden van jouw kinderen op de tocht te staan.
Het is deze heilzame correctie van Godswege, die ons kan helpen in de ethische dilemma's, waarvoor wij komen te staan. Dat het Woord van God in de verhouding tot onze kinderen niet verduisterd wordt, doordat wij te dicht op onze kinderen gaan zitten. Dan worden we er voor bewaard om goed te praten wat niet goed is. Want dat is absoluut niet tot heil van onze kinderen. Maar aan de andere kant, wees er ook zeker van dat datgene zonde is, wat door iedereen zonde genoemd wordt, opdat u uw kinderen niet onnodig van u verwijdere!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief