Terminale zorg kan beter
1998-01-23
In 1995 bracht Minister Borst, van Volksgezondheid en Welzijn en Sport (VWS) twee werkbezoeken in het kader van de oriëntatie op de terminale zorg. De bezoeken zijn mede door Stichting Schuilplaats voorbereid en georganiseerd.- Jaargang 42
- nummer 2
De Minister onderschreef de stelling dat de palliatieve zorg voor terminale patiënten zich niet alleen dient te richten op pijn- en symptoombestrijding. Er zal ook aandacht moeten zijn voor de totale mens en diens naaste omgeving.
Goede palliatieve zorg voor mensen in de terminale levensfase zal zowel lichamelijke, psychische, sociale als geestelijke zorg omvatten. Bij voorkeur als het medisch technisch mogelijk is in een daarvoor geschikte en vertrouwde omgeving en dat is meestal thuis. Tijdens de werkbezoeken heeft de Minister toegezegd haar beleidsvoornemens met betrekking tot verbetering van de palliatieve zorg voor mensen in de terminale levensfase aan de Tweede Kamer in een nota aan te bieden. Van de organisaties die bij het werkbezoek aanwezig waren, heeft ondergetekende toegezegd zich te willen oriënteren over handeling van deskundigen en organisaties op het terrein van palliatieve zorg. Dit heeft geresulteerd in de oprichting van het Netwerk Palliatieve zorg Terminale patiënten Nederland (N.P.T.N.) Op 16 april 1996 heeft het N.P.T.N. zich officieel gepresenteerd met het aanbieden van het beleidsplan. Vijftig organisaties maken thans deel uit van het N.P.T.N. waaronder academische ziekenhuizen, verpleeghuizen, hospices, thuiszorgorganisaties, en integrale kankercentra, patiëntenbelangenorganisaties en vrijwilligersorganisaties voor terminale thuiszorg.
Op 18 april j.1. heeft de Minister haar beleidsnota aan de Tweede Kamer aangeboden en eind juni is daarover gesproken.
Kernpunten uit de beleidsnota palliatieve zorg.
- Palliatieve zorg in de laatste levensfase, ondersteunt en begeleidt de patiënt en diens naasten bij de voorbereiding op het sterven.
- Zorg uit het zogenaamde basispakket, waaronder verzorging tijdens de terminale levensfase is voor iedereen beschikbaar.
- Ondanks de aanwezigheid van' goede gezondheidszorg in ons land, zijn er met name rond de zorg in de terminale levensfase nog onderdelen die verbetering behoeven.
- Palliatieve zorg vraagt om het fysiek aanwezig zijn van geëigende plaatsen waar mensen rustig en menswaardig kunnen sterven.
- Op het gebied van deskundigheid ervaren patiënten nogal eens onvoldoende kennis van hulpverleners.
Het betreft vooral de psycho-sociale begeleiding. Medisch-technische· kennis, moet met name in de eerste lijn, nog verder ontwikkeld worden.
- In de opleidingen wordt thans te weinig aandacht besteed aan palliatieve zorg en vraagt om een stevige aanpak voor zowel de opleiding tot basisarts als specialist.
- Samenwerking, coördinatie en afstemming van de verworven kennis en vaardigheden zijn nog onvoldoende.
Verbetering daarvan zou tot een versnelde aanwas van palliatieve deskundigheid kunnen leiden.
- Mede tengevolge van deze knelpunten is in de afgelopen periode een ontwikkeling te konstateren geweest, waarbij particuliere initiatiefnerners ' tot oprichting van hospices overgingen.
Daar wordt zorg geboden die in .bestaande zorginstellingen vaak nog in onvoldoende mate kunnen worden aangeboden.
Tenslotte schrijft de Minister in haar beleidsnota "In ons land moet het besef groeien dat, wanneer geen curatie (Genezing) meer mogelijk is, er toch een intensieve vorm van zorg, gericht op het komende sterven, gegeven kan worden. Daarbij wil ik benadrukken dat er niet, zoals soms wordt beweerd, dat bij een toenemende palliatieve zorg er een recht evenredig verminderde vraag naar euthanasie zou zijn. Het is zeker zo dat somtijds een goede palliatieve zorg, en adequate pijnbestrijding en een eigen omgeving bij een zeer zwaar lijden, de grenzen voor het vragen om toepassing van euthanasie kunnen verleggen en de vraag soms zelf kunnen voorkomen.
In andere gevallen echter kan euthanasie het waardige sluitstuk zijn van goede palliatieve zorg in de laatste terminale fase." Tot zover de beleidsnota van Minister Borst. Op 27 juni heeft de Tweede Kamer overleg gevoerd met de Minister. Er is een zeer brede steun in de volksvertegenwoordiging voor verbetering van de palliatieve zorg in de terminale of laatste levensfase. Bijzonder dankbaar was ik met de bedenkingen die bijna alle kamerleden uiten over de relatie euthanasie en palliatieve zorg. De Minister heeft dan ook geantwoord: . "Bij nader indien is de formulering dat euthanasie kan worden beschouwd als sluitstuk van de palliatieve zorg minder gelukkig, omdat ten onrechte de indruk wordt gewekt dat euthanasie een onderdeel is van palliatieve zorg. Eigenlijk zou een verzoek om euthanasie niet moeten worden gehonoreerd als er niet eerst goede palliatieve zorg is geboden. Naast stervensbegeleiding is ook begeleiding van de achterblijvenden van groot belang." De politieke lobby heeft gewerkt en we zijn nu in samenwerking met het Ministerie van V.W.S. op konstruktieve wijze aan het werk. Een bijzondere stimulans is zeker voor het geheel ook geweest de vijf werkbezoeken die onze Koningin in dit kader heeft afgelegd.
Dat was ook duidelijk merkbaar in de laatst gehouden kersttoespraak van Koningin Beatrix.
Tot besluit enkele passages uit haar kersttoespraak 1996. "In onze samenleving, die het sterven lijkt te willen ontkennen of ontvluchten, is leven met de dood een zware opgave. Soms moet wie achterblijft zelfs opkomen voor het recht op verdriet."
"Christenen leven in het perspektief van de opstanding van de doden. Kerstmis is het feest van de geboorte, het begin, de eerste adem in een leven dat wordt afgesloten met de laatste ademtocht. Maar de dood van Jezus is niet het laatste woord. Christenen geloven in zijn verrijzenis en vinden daarin hoop op eeuwig leven. Jezus' leven en lijden worden gezien in het licht van Gods liefde. Daarop is de overtuiging gevestigd dat elk mensenleven eeuwigheidswaarde heeft."
"Beseft wordt dat sterven geen ziekte is, maar een afscheid nemen, waarbij juist het leven hee indringend wordt beleefd en emoties intens worden ervaren. Het is de naderende dood die het leven des te kostbaarder maakt. n Moedige en bemoedigende woorden van onze vorstin.