Zondag in Lynden

2000-11-10
  • Jaargang 44
  • nummer 23
In het kader van Simmer 2000, de grote Friese reünie, zijn tienduizenden emigranten naar Friesland gekomen.
Het weerzien van familie en oude vrienden was natuurlijk fantastisch, maar pijnlijk was de ervaring als bleek dat gelovigen van hier en van ginds uit elkaar gegroeid waren.
De geëmigreerde broeders en zusters, met name als ze van gereformeerden huize zijn, hebben grote moeite met de ontwikkelingen in de kerken in Nederland. Ze ervaren het als schokkend, wanneer ze horen, dat her en der kerken worden gesloten en worden afgebroken of een totaal andere bestemming krijgen.

Datzelfde Simmer 2000 heeft ons de mogelijkheid gegeven tot woningruil met bezoekers uit de Verenigde Staten. En zo hadden we ruim een maand de gelegenheid het kerkelijk leven mee te maken in een typische emigrantenkerk. Je kunt beter spreken van emigrantenkerkèn, want ze waren er in menigte! We verbleven in Lynden, in de staat Washington, een plaats van ongeveer 8000 inwoners, circa tien mijl van de grens met Canada. (Brits Columbia).

Kerk geen randverschijnsel
De kerk is daar beslist geen randverschijnsel en het leek me wel aardig wat van onze ervaringen in Opbouw te vertellen. Juist omdat we van dezelfde kerkelijke familie zijn, is het goed kennis te nemen van de manier, waarop de Christian Reformed Churches (CRC’s), en ook verwante denominaties, anno 2000 gemeente van Christus proberen te zijn. Met deze kerken onderhouden we contacten en dit jaar bezochten afgevaardigden van onze kerken de synode van de CRC.
Een van hen heeft hiervan in Opbouw verslag gedaan.

Nederlands stempel
Nu wat Lynden betreft, het dorp heeft een uitgesproken Nederlands stempel. ‘ Dutch’ is er zeer in. En als je vertelt uit Nederland te komen, zit je even later bij hen op de koffie. Via internet had ik me van tevoren al op de hoogte gesteld van de kerkelijke kaart van Lynden: een zogenaamd ‘Church Web’ vermeldde de kerken van Lynden in alfabetische volgorde.
Er rolden zes pagina’s uit mijn printer!!
Een opsomming: Er zijn daar zeven CRC’s, zeg maar de kerken ontstaan uit door de gereformeerde emigranten gestichte gemeenten. (In dit gebied was dat vanaf 1890). Dan de twee Reformed Churches, wij zouden hier zeggen Nederlands Hervormde, in elk geval kerken, die al vòòr de komst van de Nederlanders bestonden.
Verder nog vijf, die zich ook ‘ Reformed’ noemen; het zijn vaak groepen die de CRC hebben verlaten omdat ze bezwaren hadden tegen bepaalde ontwikkelingen in deze kerken.
Er zijn ook nog drie Baptistenkerken, een Lutherse kerk en een R.K. kerk. Verder worden genoemd Methodisten, Nazarenen en Pinkstergemeenten.
Resteren nog de zogenaamde vrije kerken. En dat in een gemeente van 8000 inwoners!
U begrijpt, we hebben niet al deze kerkgenootschappen met een bezoek kunnen vereren. Van wat we wél beleefden op ons ‘ kerkenpad’ doen we hier verslag.

Herkenning
Als we na een vlucht van negeneneenhalf uur in Vancouver landen worden we opgewacht door de mensen met wie we ons huis en onze auto zullen ruilen. Ditmaal zijn we wat minder geïnformeerd dan in vorige jaren, een foto hebben we niet, maar zij hebben er wel één van ons. Al snel loopt er een man op ons toe en is het eerste contact gelegd. Zijn voorouders blijken uit Twente te komen en zijn vrouw is geboren in Schouwerzijl, ze spreekt ook nog wat Nederlands. Ze zijn lid van de CRC en dat was eigenlijk geen verrassing. We herkennen elkaar ook in geestelijke zin, kortom het "klikt". Als ze een dag later zelf vertrekken laten ze een lijst met adressen achter van mensen, met wie we contact kunnen opnemen, als we wat willen weten. Het lijstje oogt heel Nederlands! Ze gaan er blijkbaar vanuit, dat we de eerstvolgende zondag naar ‘hun’ kerk zullen gaan en dat deden we dan ook maar. Nu zijn er maar liefst zeven CRC’s in Lynden.
We hoorden al vrij snel mensen onder elkaar opmerkingen maken in de trant van: Wij gaan naar ’first’, maar mijn zoon naar ‘third’ of onze buren gaan naar ‘Immanuel’. First, dat ontdekten we al snel, was de eerste geïnstitueerde CRC in Lynden. De oudste dus en dus ook de meest ‘Hollandse’.
De gemeente vierde net in de tijd dat we er waren haar 100-jarig bestaan.
De tweede CRC was niet alleen ontstaan omdat het eerste kerkgebouw te klein werd, maar ook vanwege een conflict over de taal. De ouderen vonden, dat de taal in de kerk toch het Nederlands moest blijven. Dat was vertrouwd. Iemand vertelde me, dat er toentertijd een brochure verscheen, waarin serieus de vraag werd gesteld of de Engelse taal ons niet vervreemdde van het ware gereformeerde geloof!
Ooit hoorde ik van een man, die zijn familie in Canada had bezocht en gevraagd naar zijn ervaringen in de CRC’s ten antwoord gaf: Het was wel mooi en ze doen daar wel hun best, maar er is toch maar één God van Nederland!

Zeep
U begrijpt het al, in de eerste CRC werd nog tot in 1953 per zondag één keer in het Hollands gepreekt. Dit in tegenstelling tot de tweede en de derde kerk van deze denominatie. De familie, met wie wij ruilden, behoorde tot de ‘Sonlight Community CRC’. Op het gehoor af gingen onze gedachten uit naar een bepaald soort zeep uit een ver verleden, maar het bleek niet om de ‘sun’, maar om de ‘son’ te gaan. Als motto hanteerde men ‘Het licht van Jezus brengen in de levens van mensen’. Ook deze gemeente heeft een gids, met daarin de gegevens van de gemeenteleden en hun foto. We zien zo al, dat er veel Nederlandse namen in staan, maar toch niet uitsluitend. Er zijn ook namen, die duiden op een Scandinavische afkomst, er zijn Spaans klinkende namen en ook namen uit Rusland, Korea en Mexico. De predikant is ds Koeman, een man, die zijn ‘roots’ had in het Groningerland, al was hijzelf er niet geboren.

Go, go Bethel!
Op zaterdagmiddag gaan we even kijken, waar we de volgende dag moeten zijn. Het blijkt een zeer modern gebouw, omgeven door een immense parkeerplaats. Want een kerk zonder parkeerplaats is in Amerika ondenkbaar, aangezien de meeste, zo niet alle kerkgangers niet ‘opgaan’, maar ‘rijden naar’. Rondom de kerk een serie sportaccommodaties.
Als wij rond lopen is er een baseball toernooi aan de gang tussen diverse kerkelijke teams. Een apart gebeuren. Ik zie teams getooid, nee, niet met sponsornamen, maar met aanduidingen als First Baptist Church en Immanuel en Church of God en Bethel CRC, Jesus Fans enz. enz.
Je hoort kreten als Go,go Bethel en Come on Immanuel. Afgezien van het feit, dat baseball toch nogal wat geheimen voor me heeft, is het wel even wennen. Maar goed we weten in elk geval, waar we de volgende dag moeten zijn. Er worden twee morgendiensten gehouden en één avonddienst, al was de laatste niet altijd een dienst in de gebruikelijke zin van het woord.

Combo
Als we er de volgende dag arriveren, worden we begroet door de ‘greeters’, de drempeldienst zouden wij zeggen. Daarna wordt ons gevraagd, wie we zijn en waar we willen zitten.
Weer anderen, de zogenaamde ‘ushers’, brengen ons naar een plaats in de comfortabele, keurig beklede kerkbanken. Het is een modern, functioneel gebouw. Voorin is een podium, met de preekstoel en de avondmaalstafel.
Er is geen orgel, wél een vleugel. Op het podium een combo en een zanggroep. Men begint de dienst en - dat hadden we wel vaker meegemaakt - met een lofprijzingsgedeelte, waarbij achter elkaar een aantal bekende liederen wordt gezongen.
Soms is er een zangleider, in andere kerken, waar men daarover niet beschikt, maakten we ook wel mee, dat een gemeentelid een aantal door hem of haar gekozen liederen opgaf en daarbij soms vertelde waarom een bepaald lied iets voor hem/ haar betekende. Er werd enthousiast gezongen, door sommigen met ‘opgeheven handen’, door anderen met het songbook in de hand. Iedereen op zijn manier, al moet ik er toch aan wennen, wanneer ik mensen zie ‘praisen’ met hun handen in hun zakken; het lijkt me niet de meest voor de hand liggende houding. Overigens werd alles op heel grote wanden geprojekteerd, ook de schriftlezingen, de catechismus of de geloofsbelijdenis.

Begroeting
Als dit lofprijzingsgedeelte voorbij is.
verschijnt de predikant op het podium.
Na zijn welkom is het de gewoonte, dat de kerkgangers elkaar groeten.
Dit door de mensen, die voor, naast of achter je zitten een hand te geven en een paar woorden toe te voegen. De collecte verliep als bij ons, alleen wordt er soms wat extra informatie gegeven over het doel. Overigens is het wel jammer, dat er verder in de dienst weinig meer gezongen wordt. Als de preek is aangehoord, volgt er meestal een heel kort gebed en een lied en voordat je het weet sta je buiten.

De preek had als thema: Maak jezelf nuttig. Plavei een pad voor anderen.
Dit n.a.v. de brief aan Filemon. De predikant houdt er een zeer levendige preektrant op na, geeft veel voorbeelden en spreekt soms ook mensen in de kerk aan, die daarop reageren.
Overigens had ik wel de indruk, dat dit niet geheel onvoorbereid gebeurde.
Er vond ook nog een volwassendoop plaats. Een jonge man van ongeveer 25 jaar werd eerst aan de gemeente voorgesteld, daarna gaf hij een kort getuigenis. Hierna werd hij gedoopt, d.w.z. echt ondergedompeld in een geïmproviseerd doopbassin.
Aan het slot van de dienst zongen we een bewerking van psalm 121: ‘Ik hef mijn ogen op naar de bergen’. Tijdens het zingen gaat het grote gordijn achter het podium open en zien we de besneeuwde top van de Mount Baker in al zijn pracht.
Erg indrukwekkend, al weet ik best, dat er heel veel zondagen zullen zijn, waarop deze berg onzichtbaar is.

Praisedienst
Na de dienst koffiedrinken; mensen schieten je aan, vragen hoe je hier komt, uit welk deel van Nederland je komt, tot welke kerk je daar hoort enz. Dat laatste was trouwens niet altijd zo eenvoudig. Er wordt ook zonder omwegen gevraagd, of je vanavond weer komt. Wél, dat doen we graag. Er is die avond een praisedienst en dus zijn we om half zeven weer present.
Er is een ‘women’s worship team’ en ondanks de hitte is ook ‘s avonds de kerk flink bezet. Er wordt goed gezongen door jong en oud. Voor ons zit een ouder echtpaar met een Friese achtergrond, dat volop meedoet, ze zijn verschillende andere kerken voorbij gereden, vanuit hun huis aan de Canadeese grens, want hier genieten ze van. In de CRC in het dorp, waar ze wonen, kan zo iets niet, daarom kerken ze in Lynden en hebben daar vrede mee.

Nederlands gereformeerd?
Als we later op de avond moe en ‘uitgepraised’ naar huis rijden, valt ons oog op een klein sober kerkgebouw met een nog simpeler bordje ervoor.
Het is de ‘Netherlands Reformed Church’. Wat krijgen we nou? Hebben fanatieke buitenverbanders in de jaren zeventig toch stiekem hier in een uithoek van Amerika een ‘eigen vestiging’ het licht doen zien? Hadden we hier dus eigenlijk vandaag moeten zijn? Als we anderen later op de hoogte brengen van onze ontdekking, wordt ons al gauw duidelijk, dat je niet maar zo op een naam moet afgaan. ‘Alleen jullie vakantietenue had al voor problemen gezorgd’, wordt ons duidelijk gemaakt. Een zondag later zien we dezelfde kerk vlak voor het begin van de dienst. Het is inderdaad veel stemmig zwart of grijs, de vrouwen en meisjes gaan met ‘gedekten hoofde’. En al zouden we, ondanks onze kleding toch naar binnen hebben kunnen gaan, dan nog heb ik het idee, dat we ons zeer vreemde eenden in de bijt gevoeld zouden hebben.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief