Lieve vader,
2000-11-24
U bent al negen jaar dood. In het ziekenhuis sprak ik u het laatst. Nou ja, spreken... U hoorde muziek die ik niet hoorde. 'Jawel er is muziek,' zei u, 'luister maar.' Ik luisterde maar hoorde weer niets. Ja de geluiden van het ziekenhuis.- Jaargang 44
- nummer 24
'Vooruit, meezingen. Je kent dat lied toch. Ere zij God in de hoge.' Ik probeerde het. 't Klonk nergens naar. Ik schaamde me ook nog in dat ziekenhuis. Een kerstlied zingen in juni, wat raar. Maar u zong, en ik moest wel meedoen. Het was prachtig volgens u.
Vrede op aarde, in de mensen een welbehagen.
We hoorden er allemaal bij, zouden er allemaal komen. God had immers in de mensen een welbehagen.-
Ach vader.
De nieuwe hemel en de nieuwe aarde.
Dat was het laatste wat u hoorde voorlezen en met die belofte bent u ingeslapen.
In die werkelijkheid wordt u morgen wakker. 'Ingegaan in de vreugde van zijn Heer.-.' schreven wij op de rouwbrief.
Ik mis u. Er zijn veel dingen waar ik nu wel eens met u over zou willen praten.
Bijvoorbeeld of Gods genade zich inderdaad uitstrekt over heel uw nageslacht, waarvan u zei dat ze er allemaal bij horen, er allemaal komen. Ik weet zeker dat u geen aanhanger was van de leer van de 'algemene verzoening.' Kerkmuren waren voor u ook heel wezenlijk. Viel dat dan allemaal weg in het licht van de eeuwigheid? Werd u zo overstelpt door Gods liefde voor verloren mensen dat u het waagde aan te nemen dat zelfs voor diegenen die wij als verloren beschouwen, redding is? Wij typeerden uw leven met een woord van Paulus: ' Want uit genade zijt gij behouden, en dat niet uit uzelf, het is een gave Gods. Een gave Gods. Is dat het geheim, de sleutel? U hebt veel gelezen, maar nooit C.S.Lewis, die de eerste 33 jaar van zijn leven overtuigd atheïst was. In zijn laatste Narnia boek staan de bedrogen volgelingen van Tash voor Aslan, de Leeuw die een Lam is.
'Zoon ge zijt welkom,' zegt de Leeuw.
'Helaas, Heer, ik ben geen zoon van u maar de dienaar van Tash.' Hij antwoordde: 'Kind, alles wat ge voor Tash gedaan hebt, reken ik of ge het voor mij had gedaan...' Een gave Gods. Genade op het allerlaatste moment?
Ytje Veefkind, Amersfoort