Meer dan een luisterend oor....

2000-11-24
  • Jaargang 44
  • nummer 24
De STAGG is een bekende afkorting binnen de Nederlands Gereformeerde kerken.
Bijna alle plaatselijke kerken dragen financieel bij aan de hulpverlening die de Stichting voor Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg biedt. Wie in Houten op zoek gaat naar een markant hoofdkantoor van deze Stichting zal zo’n gebouw niet aantreffen. Het huisadres van de STAGG bevindt zich tussen de kantoren op een bedrijventerrein in Houten. Men bezit niet eens een eigen kantoorpand, er wordt een deel van het kantoor van een schoonmaakbedrijf gehuurd. Misschien is dit sobere onderkomen typerend voor het karakter van de STAGG. Er wordt meer werk in betrekkelijke stilte verricht dan dat er aan de weg wordt getimmerd….

Op een grijze woensdagmorgen ontmoeten twee bestuursleden, twee medewerkers en de ‘Opbouw’-verslaggever elkaar in één van de ruimten waar ook de gesprekken met cliënten plaats vinden. Het is een eenvoudige ruimte met een zithoek en een vergadertafel.
Namens de STAGG zijn de psychologen drs. Herman van Riessen en drs. Ineke Tack-Corbijn aanwezig, namens het bestuur van de STAGG de voorzitter, drs.
Leo Eland en de secretaris, Andries Mak.

Om te beginnen: wat is de kerkelijk achtergrond van de cliënten die bij de STAGG aankloppen?
Ineke Tack: ‘Opvallend is het hoge aantal cliënten uit de Nederlands Gereformeerde kerken: in 1999 was dat ruim 80%. Ruim de helft kwam bij de STAGG terecht via familie en vrienden, een kleiner deel via pastor of ambtsdrager of op eigen initiatief, bijvoorbeeld via een folder.’ De Nederlands Gereformeerde kerken zijn een klein kerkgenootschap. Op mijn vraag of het niet ‘eng’ is om bekenden in de wachtkamer tegen te komen wordt geantwoord dat dit een uitzondering is. Als het gebeurt blijkt dat de cliënten dit niet zo’n bezwaar vinden, er ontstaan soms zelfs geanimeerde gesprekken in de wachtruimte.
Niet uit te sluiten valt echter dat leden van de Nederlands Gereformeerde kerken toch om deze reden een andere hulpverlener kiezen.

Met welk type klachten komen mensen bij de STAGG terecht?
Ruim een kwart van de cliënten noemt als reden voor aanmelding: interpersoonlijke klachten, wat wil zeggen dat iemand ernstige problemen ervaart in de omgang met anderen.
Ook klachten na een vervelende ervaring en stemmingsklachten worden relatief vaak genoemd, evenals angsten en spanningen. Niet alle klachten kunnen door de medewerkers van de STAGG zelf behandeld worden. De STAGG heeft geen crisisdienst en vaak is de geografische afstand tussen de cliënten en de hulpverleners te groot om acuut een crisissituatie te begeleiden. Als er dus sprake is van een ernstige depressie met gevaar voor suïcide of van psychosen is een vorm van acute hulp dichter bij huis noodzakelijk. Ook verslavingsproblematiek kan niet afdoende door de STAGG begeleid worden. Tot nu toe werden er door de STAGG ook geen jonge kinderen behandeld, wel werd er aan ouderbegeleiding gedaan.
Inmiddels is er een nieuwe medewerker aangesteld die ook ervaring heeft in de behandeling van kinderen.

Er is een overlap tussen het pastoraat en de hulpverlening door de STAGG. Hoe is de samenwerking tussen predikanten of andere ambtsdragers en de STAGG?
Herman van Riessen: ‘Er zijn predikanten die nooit verwijzen. Dit kan te maken hebben met het idee dat men psychische problemen ook zelf als predikant moet kunnen hanteren. Soms heeft men onvoldoende kennis over het werk van de STAGG of men heeft een negatieve ervaring opgedaan (bijvoorbeeld op basis van andere verwachtingen: er werd gedacht dat dankzij de hulpverlening van de STAGG een relatie weer vlot getrokken kon worden, maar het huwelijk werd toch ontbonden). Andere predikanten werken daarentegen vaak samen met de STAGG. Ik heb de indruk dat de STAGG zich inmiddels wel een plek heeft verworven in onze kerken, ons werk is gewoner geworden, je hoeft niet meer zo ‘stiekem’ naar de STAGG.’ Daarnaast kan worden opgemerkt dat de STAGG als laagdrempelig wordt ervaren: de sfeer van een kleine organisatie en het feit dat mensen zélf contact kunnen opnemen speelt daarbij een rol.
Ook buiten onze kerken is het trouwens veel gewoner geworden dat mensen contact zoeken met een christen-
hulpverlener.

Hoe zit het dan eigenlijk met de privacy?
Bellen de therapeut en de pastor elkaar regelmatig op?
De beide therapeuten geven heel nadrukkelijk aan dat er nooit zonder de duidelijke toestemming van de cliënt contact wordt opgenomen met derden. Omgekeerd: als een predikant opbelt over een gemeentelid wordt er eerst gevraagd of de cliënt wel weet dat de STAGG wordt benaderd.
Wel wordt de loop van de behandeling met de collega’s doorgesproken.
Het besprokene blijft dus absoluut binnen de 4 muren van de vergaderruimte.
De gegevens van de cliënt zijn dus veilig bij de medewerkers van de STAGG. Ook het bestuur weet absoluut niet wie de cliënten zijn.
Soms komen familieleden van elkaar bij de STAGG terecht. Om een voorbeeld te noemen: twee zussen komen in zo’n situatie niet bij dezelfde therapeut terecht. Het is zelfs zo dat de hulpverlener van de ene zus niet bij de cliëntbespreking van de andere zus aanwezig is. De therapeut kan dus niet denken of zeggen: ‘Je zus kijkt daar heel anders naar….’ Gelukkig is de STAGG net groot genoeg om naar verschillende personen te kunnen verwijzen.

Als de christelijke gemeente goed functioneert, heb je dan de STAGG nog nodig?
De christelijke gemeente heeft een belangrijke functie in de ‘mantelzorg’.
Broeders en zusters kunnen aan mensen die te maken hebben met psychische problemen een vangnet bieden.
Soms wordt dit (uiteraard opnieuw alleen met toestemming van de cliënt) door de STAGG gestimuleerd: dan worden er enkele gemeenteleden, een ambtsdrager of vrienden uitgenodigd bij een gesprek. Herman van Riessen: ‘Er zouden weer biechtvaders moeten zijn! Mensen met wie je kunt praten zonder dat je direct adviezen krijgt.’ De STAGG heeft –naast de christelijke gemeente- een soort achtervang-functie als het gesprek in de gemeente niet loopt of te complex is. De medewerkers van de STAGG zijn gespecialiseerd en de gesprekken zijn op een bepaalde manier anoniem; je kunt als cliënt alles naar voren brengen zonder dat je meteen het gevoel hebt dat je je moet verantwoorden.

Er zijn in Nederland verschillende vormen van therapie. De ene therapeut werkt gedragstherapeutisch, hij probeert het gedrag van cliënten door het doen van oefeningen te veranderen, de ander werkt vooral aan het inzicht waarom je als cliënt zo denkt en handelt en zo zijn er meer vormen te bedenken. Werken de medewerkers van de STAGG vanuit één bepaald model?
Ineke Tack: ‘De insteek van de STAGG is systeemtherapeutisch. Dat wil zeggen dat we niet alleen naar de cliënt kijken, maar ook naar zijn omgeving.
Daarnaast hebben alle therapeuten hun eigen invalshoek op basis van hun eigen opleiding. Welke therapeut de cliënt krijgt toegewezen hangt dus ook af van welke werkwijze past bij de vragen van die cliënt. Daarnaast kan de cliënt overigens zelf ook een voorkeur aangeven, bijvoorbeeld man of vrouw, hoewel we die uitgesproken voorkeur niet zo vaak tegen komen.’

Is zo’n eerste gesprek ‘eng’?
De meeste mensen blijken wel op te zien tegen het eerste gesprek. Aan de andere kant zijn ze er vaak ook wel aan toe om een start met de therapie te maken. Als iemand een partner heeft wordt er gevraagd of deze in elk geval de eerste keer ook mee komt.

Opvallend in het jaarverslag is dat 2/3 van de cliënten vrouw is. Heeft dat een bepaalde reden?
Deze verhouding blijkt niet alleen binnen de STAGG te bestaan, maar in het hele veld. Als mogelijke verklaringen noemen de beide therapeuten het feit dat vrouwen zich minder schamen en vanuit de opvoeding ook meer gewend zijn om hulp te vragen.
Het lijkt er op dat mannen het eerder een krenkende ervaring vinden als ze hun eigen problemen niet op kunnen lossen.

Hoe lang duurt de gemiddelde therapie?
Hoe lang de behandeling duurt hangt van het type problematiek af. Soms heeft iemand te maken met heel duidelijk omschreven problemen, in een andere situatie moet er gezocht worden naar de oorzaak van de psychische klachten. De indruk is dat de therapieën tegenwoordig iets minder lang duren dan in de eerste jaren van de STAGG. Dit heeft o.a. te maken met de toegenomen deskundigheid, de kwaliteitseisen, de efficiëntere werkwijze. Eén derde van de behandelingen is binnen 10 gesprekken afgerond.

Bestaan er specifieke Nederlands Gereformeerde problemen?
Het enige specifieke probleem dat soms in therapieën naar voren komt is de kerkscheuring. Soms hebben mensen in hun leven 2 maal een scheuring meegemaakt die ook nog eens dwars door school, vriendenkring en familie heen ging.
In breder opzicht lopen christelijke cliënten in het algemeen nogal eens tegen spanningen in de christelijke gemeente aan. Daarnaast kunnen kerkelijke veranderingen een rol spelen.
Iemand voelt zich niet meer thuis in zijn gemeente, bijvoorbeeld ‘omdat het allemaal zo evangelisch wordt’, of omdat de persoon moeite heeft met het gebedspastoraat.

Nu we het over het gebed hebben…. sommige mensen vinden het vreemd dat er tijdens de therapie bij de STAGG niet gebeden wordt….
Dat er niet gebeden wordt tijdens de therapie wil allerminst zeggen dat de medewerkers van de STAGG het gebed niet belangrijk vinden. ‘We veronderstellen dat dat gebeurt in de gezinnen en in de gemeente. En wij bidden als therapeuten voor ons werk.’ Juist in de therapie wil je het ‘moeten’ loslaten. Het bidden is een intieme handeling, waar je iets van jezelf bloot geeft. In zo’n kwetsbare situatie kunnen verkeerde woorden belemmerend werken. Een laatste argument is dat sommige mensen het gebed juist in moeilijke omstandigheden zien als een soort bezweringsformule, alsof God er alleen bij kan zijn als je gebeden hebt. Het gebed is heel wezenlijk voor het werk van de STAGG, maar dat komt niet tijdens de therapeutische gesprekken tot uiting door daadwerkelijk te bidden.

Waarom gaan mensen naar de STAGG en niet naar een RIAGG? Heeft de STAGG meerwaarde?
Het geloof is bij veel RIAGG’s een tijd lang taboe geweest. Als cliënten begonnen over hun geloofsproblemen kwam er nogal eens een reactie in de trant van: ‘laat u dat geloof maar rusten en laten we het over de echte problemen hebben’, of ‘uw problemen komen juist voort uit uw geloof’. Hoewel het christelijk geloof niet altijd expliciet benoemd wordt, wordt het bij de STAGG altijd verondersteld: mensen hebben familie, ze hebben meestal op een christelijke school gezeten en ze zijn lid van een kerk. Dat hoort er gewoon bij. En juist het feit dat het geloof er gewoon bij hoort kan een gevoel van veiligheid geven, dat wordt je hier heus niet afgepakt. Dat is een verschil met een RIAGG: daar hangt het er maar van af wie je als therapeut treft. Naarmate mensen meer ‘binnenstebuiten’ worden gekeerd wordt ook de identiteit belangrijker in de therapie. Voor iemand die van zijn angst voor de tandarts wil worden afgeholpen speelt tijdens de therapie de identiteit van de hulpverlener een veel minder grote rol dan voor een persoon die met grote persoonlijke problemen worstelt.

Hoe weet je of een therapie afgelopen is?
De cliënten weten het vaak zelf wel als ze aan de afronding toe zijn. Ze hebben het gevoel dat het zo goed gaat dat ze weer verder kunnen.

Komen de cliënten later weer terug?
Dat gebeurt wel, maar dat hoeft niet te betekenen dat de vorige therapie ‘mislukt’ is. Het kan ook zijn dat iemand in de vorige therapie een stap verder is gekomen en dat hij nu aan de volgende stap toe is. Sommige mensen hebben het nodig dat ze in verschillende levensfasen een stukje extra ondersteuning krijgen.

Sommige mensen verwachten van een christen-therapeut duidelijke antwoorden: dit mag niet en dat mag wel. Geven de therapeuten van de STAGG zulke stellige antwoorden?
In tegenstelling tot een predikant of ambtsdrager zullen de medewerkers van de STAGG zich tijdens de therapie niet uitspreken over ethische zaken.
Ze zeggen tijdens de gesprekken niet of een echtscheiding een goede of foute keuze is. Wel vragen ze door.
Waarom denkt u dat, hebt u dáár aan gedacht, hoe denkt u dat….. Mensen hebben de neiging om niet zelf te kiezen, maar het oordeel aan de ander over te laten. Als je dan antwoorden geeft maak je hen afhankelijk.
Ineke Tack: ‘Het gaat er om dat mensen hun eigen christelijke verantwoordelijkheid vorm kunnen geven.’ Ook hebben mensen soms te hoge verwachtingen van de therapie. Als er van alles mis is gegaan kan de STAGG niet het vertrouwen van de partners in elkaar herstellen. De therapeuten kunnen helpen om de struikelblokken uit de weg te ruimen.

Het lijkt me een zwaar beroep: de hele dag luisteren naar de problemen van anderen. Hoe houden de medewerkers van de STAGG dat werk vol?
Zowel Ineke Tack als Herman van Riessen geven aan dat ze ook energie putten uit hun werk. Natuurlijk is het zwaar om ieder uur weer klaar te zijn voor een nieuwe cliënt, maar…. ‘het is inspannend, maar niet echt belastend.’ Een gezonde dosis humor kan daarbij een handje helpen. Een valkuil voor veel hulpverleners en ambtsdragers is dat ze zich verantwoordelijk voelen voor de oplossing. ‘Straks gaat het mis omdat ik iets verkeerd heb gezegd.’ Als je zó denkt raak je overbelast.
Er moet sprake zijn van een evenwicht tussen bewogenheid en afstand. Tijdens de teambesprekingen helpen de therapeuten elkaar om dat evenwicht te bewaren.

We hebben gesproken over conflicten in de kerken. Doet de STAGG daar ook iets mee?
Inderdaad is de rol van de STAGG wat aan het verschuiven. Vroeger gaf men vooral gerichte cursussen, nu wordt o.a. meer aandacht besteed aan het hanteren van conflicten binnen de gemeente. De toerusting van gemeenten en gemeenteleden vormt een apart deel van het werk van de STAGG (zie voor dit onderwerp ook de afzonderlijke bijdragen in dit nummer van ‘Opbouw’). Overigens: de medewerkers van de STAGG zijn van harte bereid om in de plaatselijke kerken iets uit te leggen over hun werk of om bepaalde thema’s te bespreken.

Hoe zit het met de toekomst van de STAGG. Overal verdwijnen kleine instellingen.
Gaat de STAGG ook ten onder aan een fusiegolf? Een vraag voor de bestuursleden….
De beide bestuursleden noemen met dankbaarheid de STAGG een ‘bijzondere club’: klein, stabiel, met weinig conflicten. Qua deskundigheid kan de STAGG wedijveren met veel grotere instellingen, terwijl men het voordeel heeft van een kleinschalige instelling zonder veel bureaucratische rompslomp.
Eigenlijk is de STAGG een soort landelijke groepspraktijk. Een voordeel is dat je vaak de therapeut rechtstreeks aan de lijn krijgt, een nadeel kan zijn dat je het soms even met het antwoordapparaat moet doen.
In het afgelopen jaar zijn er opnieuw verkennende contacten geweest met Eleos en De Driehoek, die beiden vanuit een reformatorische en vrijgemaakt- gereformeerde achterban hulp verlenen. ‘Samenwerking op een aantal vlakken zou goed zijn, maar samenwerken is niet noodzakelijk om te kunnen overleven.’

Hoe zit het met de financiële positie van de STAGG?
Het is goed om te benadrukken dat de STAGG voor het overgrote deel afhankelijk is van de financiële steun van de kerken. Toen hij afscheid nam als voorzitter van de STAGG stelde mr. L. Verheij dat niet primair het profijtbeginsel mag gelden (wat heeft onze kerk er aan?), maar het solidariteitsbeginsel: we hebben als kerken verantwoordelijkheid voor elkaar. Soms wordt er door een plaatselijke gemeente gezegd dat geen gemeentelid ooit naar de STAGG gaat.
Heb je er dan niets aan? Het zou trouwens best zo kunnen zijn dat er meerdere gemeenteleden wél hulp van de STAGG ontvangen, zonder dat dat in de gemeente bekend is…. Alleen kan de STAGG, vanwege het beroepsgeheim, niet met dat argument komen…..

Zijn er plannen voor de toekomst?
Die zijn er zeker. De STAGG is betrokken bij het ‘Meldpunt Seksueel Misbruik in pastorale relaties’. Er zijn contacten met het Lindeboom-Instituut rond ‘zorg-expertise’. Er zijn plannen om in samenwerking met de TSB aankomende en beginnende predikanten te ondersteunen. Er is een klachtenregeling, onlangs werd een vertrouwenspersoon aangesteld.
Daarnaast wordt er gewerkt aan de herziening van het beleidsplan. Het (door de overheid voorgeschreven) kwaliteitsbeleid wordt verder vorm gegeven. Tegelijkertijd is het in dit vak van dag tot dag leven.
Dat lijkt mij een mooi besluit van het vraaggesprek. Een kleine christelijke instelling, waar men aan de toekomst denkt en tóch bij de dag leeft…. Een instelling waar in de afgelopen jaren veel mensen uit onze kerken en daarbuiten een gehoor hebben gevonden voor hun problemen én verder op weg zijn geholpen. De STAGG biedt meer dan een luisterend oor….

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief