ADVENT
1998-02-20
In 1 Thess. 4:15vv wordt gesproken over de komst van de Heer. Paulus gebruikt daar het woord parousia (in het Latijn: adventus). Dat woord werd in die tijd gebruikt voor de feestelijke. glorieuze intocht van een keizer of koning in een bepaalde provincie of stad. In het Nieuwe Testament wordt dit woord nooit gebruikt in verband met de geboorte van Christus.- Jaargang 42
- nummer 4
Die kun je immers geen triomfantelijke intocht noemen. Het gangbare gebruik van het woord advent in verband met de geboorte van Christus staat dus haaks op het bijbelse spraakgebruik. Ook ons spreken over de eerste en tweede komst van Christus of over zijn wederkomst wordt niet gedekt door het bijbelse spraakgebruik. Volgens het Nieuwe Testament is er maar één komst van Christus: zijn feestelijke, glorierijke intocht als Koning. En die moet nog komen.
Voordat de keizer zijn intocht hield. kreeg de stad een opknapbeurt. zodat alles piekfijn in orde was bij zijn advent. Zo moeten ook wij werken aan de heiliging van ons hart en ons leven om onze Koning bij zijn intocht te kunnen ontvangen zoals het behoort (1 Thess. 3:13). In Thessalonica waren ze bang dat de overleden gemeenteleden pas zouden opstaan als de intocht van de Koning al had plaatsgevonden en dat zij dus niets van datfeestelijke gebeuren zouden meemaken.
De nieuwtestamentische gelovigen zagen in de komst van Christus niet iets schrikwekkends.
maar iets feestelijks. Ze zagen er zonder angst met verlangen naar uit. Die angst is later opgekomen en speelt ook nu nog een grote rol. Dat laatste kan verschillende oorzaken hebben.
zoals: geen ernst maken met de heiliging van ons leven of een gebrek aan vertrouwen op de belofte van de vergeving der zonden. Wat ook de oorzaak is. we zijn dan ver afgegroeid van het Nieuwe Testament.
Ook de gestorvenen zullen erbij zijn.
zegt Paulus. Want als onze Koning op het punt staat te komen en de heraut (de aartsengel) zijn intocht aankondigt. zullen de doden die in Christus gestorven zijn.
eerst opstaan en dan pas zullen de nog levenden samen met de opgestane gelovigen de Heer tegemoet gevoerd worden in de lucht om Hem in te halen. Zo ging het ook bij de intocht van een keizer. Bij de aankondiging van zijn komst door een heraut stroomde de stad leeg.
de keizer tegemoet. Niet om daar ergens buiten de stad bij hem te blijven. maar om hem in te halen. In vers 17 (de Heer tegemoet) gebruikt Paulus dan ook een woord dat heel specifiek de betekenis heeft van: iemand tegemoet gaan om hem in te halen. Zo mogen we straks onze Koning inhalen.
feestelijk en uitbundig. En dan zullen we altoos met de Here wezen. niet ergens in de hemel. maar hier op de vernieuwde aarde. waarop de hemel dan zal zijn neergedaald. Want Hij maakt bij ons zijn woning.