Refidim: testcase voor Gods volk
1999-01-08
Een mens kan snel vergeten...- Jaargang 43
- nummer 1
Je bent net een dag uit geweest met elkaar, ’t was gezellig en ’s avonds lig je moe maar voldaan in bed. Je denkt nog even terug aan de voorbije dag, je dankt God ervoor en vervolgens val je in een heerlijke, diepe slaap. De volgende dag sta je op, niet helemaal fit, in de badkamer is er een puinhoop van gemaakt, aan tafel rolt er een kop thee om en opeens vallen er scheldwoorden. En je verzucht: ’t kan ook nooit ’ns gezellig wezen...!
Dat snelle vergeten is iets wat ons ook kan gebeuren in het leven met God.
De ene dag ben je geweldig onder de indruk van het evangelie: de Here Jezus heeft echt de dood en de zonde overwonnen. Maar dan opeens gebeurt er iets wat je niet begrijpt. De telefoon gaat en je krijgt opeens een verschrikkelijk bericht. Je snapt niet hoe zoiets kan gebeuren, terwijl God er toch is. En je wordt boos en opstandig.
Diep in je hart denk je: God, als het zó moet hoeft het van mij niet meer.
Zingt de HERE!
Zoiets gebeurde – maar dan op veel groter schaal – in de woestijn. De Israëlieten waren nog maar net bevrijd uit Egypte waar ze jarenlange onderdrukking hadden meegemaakt. Keihard werken als slaven, elke dag stenen bakken in de brandende zon, en als het niet snel genoeg ging een trap krijgen van de Egyptische kampbeulen.
Maar de HERE God greep in en bevrijdde z’n volk. Overladen met geschenken waren ze vertrokken. En de HERE zorgde voor ze, ook toen de Farao zich bedacht en een groot leger op hen afstuurde. Ze verdronken allemaal in de Schelfzee. Zingt de HERE, want Hij is hoog verheven; het paard en zijn ruiter stortte Hij in zee! (Exodus 15) Eindelijk veilig op weg naar het beloofde land, het land waar het leven goed is.
Maar toen kwamen ze zo’n twee en een halve maand later bij Refidim, een oase in de woestijn. Helaas, er was geen water. Het zal wel zo zijn geweest, dat er anderen waren die hun de toegang tot de bronnen ontzegden.
Geen water dus voor de kinderen, het vee en jezelf. Dan komt ’t erop aan. Blijf je vertrouwen op God of geef je ’t op? Staar je je blind op de uitzichtloze omstandigheden, of blijf je schuilen bij de HERE en roep je Hem te hulp?
De Israëlieten zien het niet meer zitten met de HERE. Ze gaan naar zijn knecht Mozes toe en reageren al hun frustraties, woede en ongeloof op hem af. Ze uiten dreigende taal: Zeg Mozes, mogen we even weten wat je bedoeling hiermee is? Jij moest ons toch zo nodig uit Egypte leiden, waarom eigenlijk? En dramatisch klinkt het uit hun mond: Was het je bedoeling om mij, mijn kinderen en mijn kudde van dorst om zouden komen?
De staf
Mozes schrikt zich wild, en hij zegt: maar mensen, jullie zijn bij mij aan het verkeerde adres! Als jullie kritiek hebben, moet je niet bij mij maar bij de HERE zijn. Tussen de regels door proef je dat hij zegt: beseffen jullie wel dat jullie verwijten eigenlijk tegen God gericht zijn? Maar dat slaat helemaal niet aan. Ze komen op Mozes af en dreigen hem te lynchen. En hij roept de HERE te hulp: Wat moet ik met dit volk doen? Nog even en ze stenigen me! Maar de HERE schiet hem te hulp: pak je staf waarmee je de Nijl geslagen hebt, en die je uitgestrekt hebt over de Schelfzee. De staf die zo duidelijk heeft laten zien, dat de HERE God zijn volk niet in de steek laat.
Neem een paar oudsten als vertegenwoordigers van het volk mee en sla dan op de rots. Dan zal Ik water geven, en dan kunnen ze het met eigen ogen zien dat Ik de HERE mijn volk niet verlost heb om ze in de woestijn te laten sterven.
En zo gebeurt het. Het water stroomt in overvloed uit de rots. Ze kunnen met eigen ogen zien, dat de HERE werkelijk in hun midden is. Dat ze ook in angstige en levens bedreigende situaties op Hem aankunnen. Refidim, het is de plaats waar de HERE zijn volk op de proef wilde stellen: vertrouwen jullie werkelijk helemaal op Mij, ook als het moeilijk wordt? Israël viel door de mand, het kon deze testcase niet aan. En het draaide de rollen om door de HERE op de proef te stellen, door Hem uit te dagen: bent U nu in ons midden of niet?
Meer dan de staf
Intussen is de geschiedenis verder gegaan. Middenin de geschiedenis heeft de HERE God nog veel meer laten zien, dat Hij werkelijk in het midden van zijn volk is. Hij stuurde zijn eigen Zoon, de Immanuël, God-met-ons.
Jezus: Hij zal ons redden, niet maar van de dorst maar van de zonden.
Door zichzelf te geven aan het kruis. In Hem heeft de HERE God zich helemaal leren kennen. Nog meer dan in de staf zien we Hem bij het kruis.
De verlossing uit de macht van Egypte was iets geweldigs, maar de bevrijding uit de macht van de zonden is niet te overtreffen. Dieper kon Hij zijn hart niet laten spreken.
Het ongeloof van Israël bij Refidim heeft de HERE diep gekwetst, zodat Hij ertoe kwam om Refidim andere namen te geven: Massa (=verzoeking) en Meriba (= twistgeding). En in de Bijbel kom je bij herhaling de oproep tegen om zich niet zo op te stellen als bij Massa en Meriba (vgl. Ps. 95 en Hebr. 3). De HERE is werkelijk in ons midden, ook als je op Hem moet wachten en er haast toe komt te denken dat Hij je in de steek gelaten heeft. Hij is werkelijk te vertrouwen.
Ook in 1999!