De eerste reactie en de tweede reactie
1998-07-10
Op bepaalde dingen kun je soms een eerste reactie hebben en een tweede reactie. Voorbeeld: Je komt iemand tegen en je raakt in gesprek. Je denkt: Wat een aardig persoon! Maar als je die iemand vaker meemaakt dan kan het gebeuren dat je hem of haar helemaal niet meer zo aardig vindt. Andersom kan ook: Je vindt iemand helemaal niet aardig maar als je een poosje met hem omgaat valt hij alles mee!- Jaargang 42
- nummer 14
Een eerste reactie en een tweede reactie. Waarom zit daar verschil tussen? Omdat je meer te weten bent gekomen. Iemand kan zich bij de eerste ontmoeting heel aardig voordoen – dat is niet zo moeilijk – maar aardig blijven..! Mensen vallen vaak tegen.
De eerste reactie van Job
Het eerste hoofdstuk van het boek Job is heel dramatisch. Een wereld van verschil tussen het eerste en het laatste vers. Iemand, die schatrijk is en bovendien een gelukkig gezinsleven heeft en die ook de Here God liefheeft. Dat alles tegelijk kom je zelden tegen. Job heeft een ontroerende zorg voor zijn kinderen. Hij laat hen voor een groot deel vrij maar na een feest brengt hij voor elk van hen een offer.
Want hij beseft dat zijn kinderen kwetsbaar zijn en dat ze wel eens uit de band zouden kunnen springen. Een biddende vader. En dan, op een dag, stort dat allemaal in elkaar, letterlijk. Rovers, blikseminslag en een storm die al zijn kinderen doodt. Wat een onvoorstelbare ellende. Het lijkt wel of de duivel er mee speelt. Nou, dat is ook zo. De Satan beweert tegenover God dat Job makkelijk praten heeft. Met zoveel welvaart is het makkelijk om de Here te dienen. Het is trouwens de vraag of dat waar is, want het kan ook heel anders. Vaak is het zo dat welvaart de mensen verder van God afbrengt.
’Nood leert bidden’. Dat zegt het spreekwoord. Nou is niet ieder spreekwoord altijd waar, want nood, grote nood kan mensen ook van God vervreemden. Nood kan ook leren vloeken. Maar – welvaart kan je in slaap laten sukkelen terwijl je denkt: ik red het wel. Bij Job was het zo dat hij èn rijk was èn de Here liefhad. Een gezegende combinatie. Maar waar gaat het hart van Job nu het meest naar uit? Naar zijn bezit, naar zijn kinderen of werkelijk naar God? Kort door de bocht kun je zeggen: dat zal pas duidelijk worden als hij alles kwijt is. Zo kort door de bocht gebeurt het ook. Alles kwijt: bezit, welvaart, kinderen. In één dag aan de bedelstaf en kinderloos. Daar is Job niet onverschillig onder. Hij scheert zijn haar af als teken van rouw, hij scheurt zijn mantel als teken van rouw, maar hij zegt: Toen ik ter wereld kwam had ik niets en als ik sterven zal kan ik niets meenemen. De Here heeft gegeven, de Here heeft genomen, de naam des Heren zij geloofd.
Wat een reactie! Ja, wat voor een reactie is dat eigenlijk.
Is dat de reactie van iemand, die zo verdoofd is dat hij niet meer weet wat hij zegt? Moeten wij ook zo reageren als ons iets verschrikkelijks overkomt? Of is deze reactie van Job te vroeg? Is zo’n uitspraak iets waarvoor je moet vechten? Als het verhaal bij hoofdstuk 1 zou ophouden, wat voor beeld krijg je dan? Van een geloofsheld of van een kouwe kikker? Maar goed – het blijft niet bij hoofdstuk 1, er komen er nog veertig.
In hoofdstuk 2 gebeurt ook nog het nodige. Job is ook nog melaats geworden (of zoiets). En dan... dan in hoofdstuk 3 opent Job zijn mond en vervloekt zijn geboortedag!
De tweede reactie van Job
Dan stromen de woorden eruit en alle ellende en verdriet krijgen stem. Job loopt helemaal leeg, hoofdstukken lang. Is dat nou dezelfde Job? De eerste reactie en de tweede reactie!
En natuurlijk: de eerste reactie was niet verkeerd! Daarin greep Job misschien wel hoger dan hij reiken kon.
En natuurlijk: de tweede reactie van Job is heel begrijpelijk, hoewel het niet betekent dat we Job daarin moeten navolgen. Misschien kunnen we het zo zeggen: De eerste reactie van Job is goed. Hij heeft intuïtief beseft dat het zo was: De Here heeft gegeven, de Here heeft genomen, de naam des Heren zij geloofd. Maar dat moet ook in zijn hart terechtkomen. We kunnen soms hele goede en mooie dingen zeggen. Over hoe we dingen willen doen. We kunnen dingen beloven, ons dingen voornemen. Je kunt getuigen van je geloof en wat dat in je leven betekent. En je kunt het allemaal menen uit de grond van je hart. Maar de praktijk valt vaak niet mee. Bij tegenslag verdampen vaak goede voornemens en verheven gedachten. Zoals de vrome Job bittere verwijten maakt tegenover God. De eerste reactie en de tweede reactie.
De reactie op Jezus van de kant van het thuisfront
In Lucas 4 komen we nog zo’n geval van eerste en tweede reactie tegen. Jezus predikt in zijn eigen dorp. Jezus is beroemd aan het worden en dat straalt af op het dorp waar Hij is opgegroeid. Als Hij op de sabbat thuis is wordt Hij in de synagoge uitgenodigd om uit de schriften te lezen en daar iets over te zeggen. Het wordt een woord van hoop. Over vrijheid en heling. Jezus betrekt dat op zichzelf en Hij zegt dat die profetie in Hem is vervuld. Iedereen is tevreden. Prima preek! zo hoor je het niet vaak!
De eerste reactie. Maar als ze verder luisteren wordt het minder leuk. Jezus gaat een confrontatie aan. Het lijkt wel of Hij ruzie zoekt. Het publiek in de synagoge verwacht het een en ander.
Jezus heeft vele wondertekenen gedaan, wat zou Hij dan wel niet doen in zijn vaderstad! Jezus kreeg wel applaus, maar het verkeerde applaus. De mensen luisteren niet naar wat Jezus zegt, maar ze willen horen wat ze zelf fijn vinden. Selectief luisteren, het is van alle tijden. Als je alleen hoort wat je wilt horen dan raakt het Woord van God je niet. Dat Woord kan dwars door je heen snijden. Jezus is in Nazareth niet bemoedigend maar verontrustend. En dan komt de tweede reactie: „Dat pikken we niet. We laten ons niet wegzetten!” Er volgt zelfs een aanslag op het leven van Jezus. De tweede reactie is ook hier totaal verschillend van de eerste.
Jezus noemt in zijn preek in Nazareth twee mensen als voorbeeld. Die twee mensen hadden ook een eerste en een tweede reactie. De weduwe van Sarfath zei: Een koek voor u bakken?
Ik heb nog maar één handje meel en dat is voor mij en mijn kind. Maar haar tweede reactie was dat ze het toch deed en met wat voor gevolgen. De eerste reactie van Naäman was: Zevenmaal kopje onder in die vieze Jordaan? Ik weet wel wat beters. Toch deed hij het en met wat voor gevolgen!
Als wij luisteren naar het Woord van God. Willen we dan echt luisteren. Of vullen we al van te voren in wat we willen horen. Of zeggen we voor onze beurt hele grote woorden, die wel waar zijn maar die we niet kunnen waarmaken als de nood aan de man komt. Laat ons hart open zijn naar God toe.
Zijn Geest wil in ons hart werken opdat onze reactie op het Woord en op dat wat ons overkomt vruchtbaar zal zijn voor het Koninkrijk.