Oranje boven
1999-05-28
Met een kleinkind in de wandelwagen loop ik op Koninginnedag om half tien ’s morgens naar Hoogland, waar onze jongste bij ’s lands grootste grutter wat bijbeunt. Op de terugweg raken we tussen de feestvierende Hooglandse schooljeugd. Kleindochter staat opgewonden in de wagen vanwege de kleurige ballonnen, die om tien uur, na een korte toespraak door de burgemeester de lucht in zullen gaan. Ik zie me dus genoodzaakt om het schouwspel bij te wonen, want gewoon doorrijden stuit op heftig protest van juffertje bijdehand.- Jaargang 43
- nummer 11
Terwijl we staan te wachten, tijdens de toespraak van onze burgemeesteres, die ook Hoogland onder haar bestuur rekent, herinner ik mij wat de vorige dag over haar in een groot landelijk dagblad stond. Dat was niet mis, in positieve zin.
’..zij (..) is nu vijf jaar burgemeester van Amersfoort, en als het aan de Utrechters ligt, wordt ze straks eerste burger van die stad. Ze is enthousiast en trouw, opereert zakelijk en strategisch, met een goed oog voor ontwikkelingen, is zeer ambitieus, maar niet ten koste van anderen. In de wieg gelegd voor openbaar bestuur. De stad groeide tijdens haar burgemeesterschap van tachtig naar honderdtwintigduizend inwoners.
De groeistuipen, zoals het vastlopen van het verkeer, wist ze op te vangen.
Ze heeft Amersfoort op de kaart gezet. De inwoners zijn na vijf jaar onder deze burgemeester weer trots op hun stad.’ Zomaar even een paar grepen uit de lovende dingen die over haar geschreven werden. Onze burgemeester...een vróuw. Een vrouw met zeer grote capaciteiten, dat staat buiten kijf. Ik ken haar niet persoonlijk, maar waarom zou ik er aan twijfelen? Vrouwen op een hoge en verantwoordelijke post, omdat ze er eenvoudig de gaven voor hebben.
In de wereld al bijna de gewoonste zaak vàn de wereld, in de kerk nog bij lange na niet. De voors en tegens zijn niet van de lucht, en persoonlijk denk ik ook niet dat we er ooit uitkomen.
Maar denkend aan onze burgemeester, schoot mij dat beeld van het licht onder de korenmaat te binnen. Wat is eigenlijk belangrijker, het licht, of de korenmaat waar het onder verborgen zou worden? De talenten, of het gat waarin ze begraven zijn? Ik denk maar even hardop.
Inmiddels zeilen de ballonnen al in de lucht en steken schitterend af tegen de strakblauwe hemel van Koninginnedag.
Ik mag weer verder lopen terwijl het vrolijk gesnater voor me geen moment ophoudt: de wind drijft de ballonnen voor ons uit, geel, rood, groen, blauw...één, twee, drie...tot twaalf komt ze. Dan maar weer opnieuw...eindeloos.
Waar een kind al niet blij om kan zijn! Bij ons huis hangt de vlag met wimpel uit.
’Oranje boven hè?’ schettert het stemmetje uit de wandelwagen de vanmorgen opgedane kennis (toen opa de wimpel aan de vlag haakte). ’Ja schat, oranje boven, dat heb je goed onthouden.’ De dag van de koningin. Het hoogste ambt in ons land is door God op de schouders van een vrouw gelegd.
Ytje Veefkind-Eenkhoorn, Amersfoort