Goedheilig.
1999-11-26
Het zal al gauw weer vijfentwintig jaar geleden zijn dat dominee Veefkind in Krommenie een preek hield over een Sinterklaasversje.- Jaargang 43
- nummer 24
Ik meen dat het was; Hij komt, hij komt, die lieve goede Sint... Ik was toen een jaar of veertien en ondanks het feit dat dat nu niet bepaald de leeftijd is waarop een mens over het algemeen het meest gemotiveerd preekbeluisteraar is, heb ik deze altijd onthouden.
Dominee Veefkind gaf in zijn verhaal de overeenkomsten en de verschillen aan tussen Sinterklaas en God. En het hierboven genoemde liedje zou, zo heb ik het tenminste onthouden, ook voor God gezongen kunnen worden.
Voor diegene die de tekst niet kennen komt het hier nog even; Hij komt, hij komt, die lieve goede Sint (=heilige!), mijn beste vriend, uw beste vriend, de vriend van ieder kind. Mijn hartje klopt, mijn hartje klopt zo blij, wat brengt hij u, wat brengt hij mij, wat brengt hij u en mij. Wie zoet was koek, wie stout was krijgt de roe.... Ik weet niet of het door die preek komt maar een live of via de beeldbuis bekeken intocht van Sinterklaas brengt mij altijd tot ontroering. Al die gespannen kinderkoppies, kleuters hoog bij hun vader op de schouders.
Met verlangen wordt er uitgekeken. Het is misschien niet helemaal Bijbels, maar voor mij symboliseert het de wederkomst. Dan zullen er wellicht trompetten zijn in plaats van de boerenblaaskapel en zingen we Hosanna in plaats van Sinterklaasje bonnebonnebonne.
Maar dat verlangen, dat reikhalzend uitkijken, die voelbare spanning, het vooruitzicht van het feest.... Die kindertjes op de kade hebben het soms zo vreselijk koud. Af en toe lijkt het wel of die stoomboot nooit ginds aan zal komen. Maar ze blijven wachten, de gemaakte tekeningen platgedrukt in hun verkleumde knuistjes.
Want al duurt het misschien lang, ze weten het zeker: Hij komt! Ieder jaar weer een bemoediging.
Guurtje Leguijt, Alphen aan den Rijn