een leuk verhaaltje?
1999-12-10
Ik hoor het bezoekers kersvers uit Nederland, voor de zoveelste maal alweer zeggen: wat `n leuk taaltje is dat Afrikaans toch! Dan zeg ik altijd maar: even wachten alstublieft! Hebt U trouwens wel verstaan wat die Afrikaanse meneer of mevrouw zo-even zei? Nee, ik heb er niets van verstaan maar het klinkt als kinderlijk Hollands. Nou, brabbel dan wat kinderlijks terug in Nederlands. Maar dat lukt helemaal niet want dezelfde woorden in Nederlands en Afrikaans blijken dikwijls heel andere betekenissen te hebben. Het woordje `amper` is één van die vele uitglijders.- Jaargang 43
- nummer 25
In Opbouw betekent het ternauwernood, op het nippertje, maar in het Afrikaans zegt het "net niet". Het maakt nogal een verschil of je in het Nederlands of in het Afrikaans "amper" door je examen bent gekomen. Juist omdat beide talen zo herkenbaar dicht bij elkaar liggen, heb je na een jaar of 40 soms nog moeite om te zeggen wat is wat. Noem het ook geen dialect alstublieft. Een dialect kan zonder de moedertaal niet op eigen benen staan maar Afrikaans blijft in stand wanneer U in Nederland Uw taal al voor Engels zult hebben ingeruild.Wist U trouwens dat het Afrikaans door bijna zes miljoen mensen hier gesproken wordt als huistaal? Dat is 15% van de bevolking van ruim 40 miljoen.
Daarbij blijft Engels als huistaal ver achter(8% van het totaal). Afrikaans een uitsluitend blanke taal dacht U?
Ook al mis! Er zijn minstens zoveel gekleurden als blanken die het als huistaal spreken.
Hebt U al gehoord van Kleurlingen-Afrikaans, van Kaapse Maleiers-Afrikaans, van Griekwa-Afrikaans, van Manakwalanders-Afrikaans?
Het laatste komt trouwens weer uit de mond van blanken.
We kennen trouwens ook duizenden zwarten die uitsluitend Afrikaans spreken.
Het zijn de nazaten van het zogenaamde "mak volk"
die nogal elitair zullen verklaren geen zwarte taal te kunnen spreken. Om maar niet meer te noemen. Dat U wat weerzin in U voelt opkomen bij het woord "Afrikaans", voel ik als ex-Nederlander meteen wel aan.
Het is immers de taal van de Afrikaner-nationalisten die het apartheidsbeleid ontwierpen en uitvoerden. Ik heb er zelf door moeten gaan toen wij na aanvankelijk enthousiasme in 1967 met mijn ouders het vermaarde Voortrekker-museum in Pretoria bezochten. De schok die mij wakker liet schrikken! Dit is geen museum maar een tempel. Hier wordt niet de geschiedenis van een volk verteld maar van de Afrikaners als Israel, Gods volk. Het is een enorme platen-Bijbel om een Afrikaner-stamgod! Hier herken ik mijn God niet. Eerst later begon ik mijn eigen ontzetting beter te analyseren.
Want hier werd mijn eigen verleden van vóór de Tweede Wereldoorlog op de School met de Bijbel weer opgerakeld: "God, Nederland, Oranje. Een drievoudig snoer wordt niet licht verbroken".
Ik was op hetzelfde spoor opgevoed. Toen merkte ik dat d‡t snoer gelukkig door en na de Tweede Wereldoorlog in mijn leven verbroken was. Ik denk dat het in Nederland gewoon zoekgeraakt is. Maar hier trof ik een zelfde snoer weer aan, maar verdikt tot een enorme kabel. Ik kan nooit die afschuwelijke verkiezingsleuze van de laat zestiger jaren vergeten:"glo in jou God, glo in jou volk, glo in jou toekoms".
Gelukkig dat die kabel ook hier wel bijna overal, een enkele politieke splinterpartij daargelaten, voorgoed verpulverd is. Te betreuren is alleen dat het politici waren en geen profeten die het Afrikaans uit zijn godsdienstige koker haalden.
Maar we kunnen nu weer onbevangen Afrikaans spreken.
En het wordt gesproken van de Karoo waarmee er schapen geweid worden tot in Phelindaba waarmee er atomen worden gesplitst. En zowel in de Karoo als in Phelindaba klinkt Gods woord erin door. Bijvoorbeeld in de parafrasering van I Kor 13 over de liefde van de Griekwa-dichter Adam: (met hardop zeggen komt U er wel uit) Al sal ek tale van mense en ingelse praat, maar ek het die liefde geloop ruil vir die haat, an het ek net `n raaslike paraffienblik(petroleumblik) gekom raak.
Al was ek so slim lat(dat) ek nuwe goeterse kan maak, maar ek het die Jirre(Here) se liefde buite in die son gelaat lÍ, dan is ek niks, hoor wat ek hier vandag vir jou sê. Al gee ek my hele bokke weg, net om die eer te hê, dan sal al hierdie dinge my nou nog niks gepetaal(betaald) het nie as ek nie die liefde uit die jimmel(hemel) kan geloop haal het nie.Die regte liefde die se bek is nooit dik nie, jy sien hom nie skinder (roddelen) en jy hoor hom nie klik nie, hy skrywe die kwaad nie in boeketjies op nie.
J.Vonkeman Richmond, Zuid-Afrika