Voeten wassen
2010-03-05
Als de lijdenstijd en de verkiezingstijd samenvallen, kan dat een verwarrend beeld opleveren. Iedereen kent wel het verhaal van de voetwassing. De notie om de ander te dienen is bij veel mensen toch nog wel, hoe latent ook, aanwezig. Maar in de verkiezingstijd draait het toch vooral om macht. Niet om de minste te zijn maar om de baas te worden en in plaats van voeten worden er oren gewassen. En vaak niet zachtzinnig. Een voorbeeld daarvan is het TV programma ‘gehaktdag’ - naar mijn beleving een nogal gênante vertoning.- Jaargang 54
- nummer 5
Meestal realiseren we ons niet dat ongeveer de helft van het Johannesevangelie gaat over slechts een paar dagen. Hele bijzondere en geconcentreerde dagen. Wat Jezus zegt en doet in die laatste dagen, die laatste uren, krijgt een bijzonder reliëf omdat het gebeurt en het gezegd wordt in de schaduw van het kruis. Dat geeft het een bijzondere geladenheid. Die wordt nog sterker als we beseffen dat de leerlingen eigenlijk niet weten wat er gaat gebeuren en de betekenis niet doorgronden. Het lijkt wat dat betreft wel op een middeleeuws ‘wagenspel’, waar het toneel verdeeld was over twee verdiepingen. De toeschouwers zagen wat er op de bovenste verdieping gebeurde, maar de karakters beneden op het toneel hadden daar geen weet van. Het is voor ons onmogelijk om de evangeliën te lezen zonder de kennis van nu, maar het is ook goed om te proberen je in te denken in de situatie van toen.
De belangrijkste
De spanning wordt nog groter als je het Lucasevangelie er naast legt. We lezen daar (22:14) dat Jezus zegt: ‘Ik heb er hevig naar verlangd dit pesachmaal met jullie te eten voordat de tijd van mijn lijden aanbreekt.’
Daar kun je iets bij voorstellen: de laatste gezamenlijke maaltijd, de laatste pesachmaaltijd en Jezus zal toch wel van tevoren bedacht hebben om juist bij die gelegenheid het teken in te stellen van wat wij het ‘Heilig Avondmaal’ noemen. ‘Geladenheid’, ik noem het woord nog maar eens. Dat de leerlingen dat niet oppikken blijkt wel uit hun gespreksonderwerp. Dat vinden we ook in het Lucasevangelie (22:24): ‘Toen ontstond er onder hen onenigheid over de vraag wie van hen de belangrijkste was’. Het ging dan wel niet over verkiezingen maar wel over de vraag naar de macht. We kunnen daarbij bedenken dat Jezus kort tevoren nog als een vorst was binnengehaald in Jeruzalem.Ook een soort verkiezingsoverwinning. Het enthousiasme voor Jezus was zo groot dat de autoriteiten niet durfden in te grijpen. Zouden de discipelen al bezig geweest zijn om de ministersposten in het nieuwe koninkrijk te verdelen?
De kleinste
Tegen deze achtergrond staat het teken van de voetwassing. Uit het verhaal kunnen we wel afleiden dat op de plaats van samenkomst geen bediende aanwezig was om de voeten van de gasten te wassen, maar de spullen daarvoor waren wel aanwezig. Maar ja, geen van de toekomstige ministers voelde zich geroepen tot dit niet zo frisse karweitje. En dan zien we gebeuren dat Jezus zelf de waskom en het voorschoot ter hand neemt. Niemand protesteert, uit schaamte, denk ik. Maar als Petrus aan de beurt is trekt die zijn voeten terug: Dit is toch te gek: Jezus die voeten wast! Maar ook Petrus moet eraan geloven.
In de praktijk
Geeft Jezus hier een teken van hoe het er in het koninkrijk van God aan toe moet gaan? Zeker, het hoort in het rijtje van uitspraken: ‘Want wie de kleinste onder jullie allen is, die is werkelijk groot en: acht in alle bescheidenheid de ander belangrijker dan uzelf.’
Dat zijn de wetten van het koninkrijk, waarin de ‘normale’ waarden zijn omgedraaid: ‘Het is beter te geven dan te ontvangen' en 'Wie zijn leven probeert te behouden zal het verliezen, maar wie zijn leven verliest omwille van mij, die zal het behouden.’
Allemaal uitspraken die lang niet gemakkelijk zijn toe te passen in je leven, maar ze moeten niet alleen maar wandteksten worden. Ook elkaar de voeten wassen, elkaar dienen, is sneller beleden dan beleefd. Want wie eenmaal de waskom ter hand heeft genomen loopt de kans dat hij er niet meer vanaf komt. We moeten ook niet naïef omgaan met zulke teksten want soms kan het té letterlijk nemen verhinderen dat we er iets mee doen. De andere wang toekeren? Ik heb het nog maar zelden zó in praktijk zien brengen, maar als we er voorlopig maar van leerden dat we niet direct altijd lik op stuk hoeven te geven. Als ik aan debatten denk, ook in kerkelijke kringen, waar niets te bespeuren is van het ‘een ander belangrijker achten dan jezelf’ maar waar heet van de naald op elkaar wordt gereageerd.
Diepere betekenis
Met de voetwassing geeft Jezus niet alleen maar een lesje in ethiek. Hij heeft met dit gebaar een teken gegeven. Een teken van wat hij op het punt stond te gaan doen. Vandaar dat Petrus, die zijn voeten terugtrekt er ook aan moet geloven. Petrus kon natuurlijk ook wel met vuile voeten bij Jezus horen, maar hij kon niet zonder datgene wat dit teken betekende: de reiniging van zijn zonden. Als we spreken over ‘het offer van Christus’ dan krijgen we al snel een beeld van de hogepriester. Dat heeft iets verhevens. Maar Jezus laat zien op welke manier hij hogepriester gaat zijn: als een slaaf, kruipend over de grond. En het zou nog erger worden: als een slaaf langzaam stervend aan een martelpaal.
Dat is de diepere betekenis van dit teken. Ik weet dan ook niet of het zinvol is om dit teken als een soort sacrament te herhalen.
Hoewel
‘Jullie moeten ook elkaars voeten wassen’, zegt Jezus. Naast de diepere betekenis heeft het ook wel degelijk een voorbeeldfunctie. ‘Laat onder u die gezindheid heersen die Christus Jezus had: Hij nam de gestalte van een slaaf aan.’
Alle mensen die geroepen worden tot een positie van invloed (bijvoorbeeld door verkiezingen) moeten bereid zijn om te dienen. Het woord ‘minister’ betekent: ‘dienaar’.
Nou ja, op dat niveau dienen lijkt veel mensen wel wat, maar Jezus geeft als teken een onfris karweitje: voeten wassen. Als wij elkaar dienen moeten we ook bereid zijn om geconfronteerd te worden met de minder smakelijke dingen van de ander. En dat niet om triomfantelijk te roepen: ‘Kijk hier eens wat een viezerik!’, nee – we moeten het schort voordoen en de ander helpen. Petrus had er geen bezwaar tegen om zijn hoofd te laten wassen – dat is nog een beetje chic, maar de voeten!
Maar wie daar niet van gediend is en wie geen dienaar wil zijn....
Ds. Han Horsman is emeritus predikant van de NGK Zwolle (2).