Een knuffel of een pak slaag?

1997-01-24
  • Jaargang 41
  • nummer 2
Rechtzaken worden tegenwoordig in de pers breed uitgemeten.
Soms zitten de media zó bovenop het nieuws, dat het lijkt alsof zij de bevoegdheid hebben om de strafmaat te bepalen.

Dat de publieke opinie een rol speelt in de bepaling van de zwaarte van de straf is op zichzelf niet vreemd. In de ene cultuur kijkt men nu eenmaal anders tegen een misdrijf aan dan in de andere cultuur. Ook kan de strafmaat in de loop van de tijd veranderen.
Het feit dat de media zó'n grote invloed hebben op de publieke opinie lijkt echter een nieuwe en ongewenste ontwikkeling. Zo zien we dat mensen door de pers en de publieke opinie al veroordeeld zijn, voordat justitie tot een onafhankelijk oordeel kon komen.

To hug or to slug?
Volgens de Amerikaanse psychiater Dr. S.C. Mitchell speelt de diskussie over de strafmaat in het Amerikaanse publieke opinie een grote rol. Voor- en tegenstanders van zware straffen kun je vatten onder de noemer: 'to hug or to slug?' Oftewel: een knuffel of een pak slaag?
Het betoog van Dr. Mitchell was een complete verrassing tijdens een internationaal congres over ernstige agressie bij verstandelijk gehandicapten (Amsterdam, november 1996). Na allerlei sprekers met een sociologisch of psychologisch getint betoog betrad een spreker het podium, die meteen van wal stak met de geschiedenis van Jona. In die geschiedenis zien we, aldus Mitchell, de twee elementen terug: de straffende Jona en de vergevende God. Jona wilde straffen, maar God nam - bij wijze van sprekenmensen en vee in Ninevé op schoot.
God laat zien dat er zelfs voor het volk van Ninevé genade is. Het is een boodschap die de profeet allerminst bevalt.

Van genezing tot louter straf
In de Amerikaanse geschiedenis zie je, aldus Mitchell, een golfbeweging in het denken over de bedoeling van straf. Hij noemde met instemming zijn voorvaderen, de Quakers, die veel invloed hadden op de Amerikaanse samenleving. Zij wilden misdadigers tijdelijk buiten de maatschappij plaatsen, maar dan niet als straf. Hun motto: geef de dader van het onrecht een plek waar hij zijn daden kan overdenken; hij krijgt er de tijd om te zoeken naar nieuwe oplossingen in zijn leven. Men verwachtte van deze afzondering een helend effect. Later werden de accenten in de Amerikaanse samenleving anders gelegd: het kwaad moest gewroken worden!
Daarmee verdween het genezende effect van de straf steeds meer naar de achtergrond. Het gevolg was, aldus Mitchell, dat er ook steeds meer gevangenissen gebouwd werden. Wie uit de gevangenis ontslagen werd, kwam er later vaak terug, omdat hij geen nieuwe oplossingen geleerd had.
De gevangenen werden de draaideurpatiënten van justitie.

TV-rechtspraak
Mitchell toonde zich weinig optimistisch over de huidige Amerikaanse samenleving. Het televisie-kijkend publiek reageert op bijna hysterisch op het geweld in de samenleving. Vanuit de TV-stoel groeit het idee: wij zijn goed en zij zijn slecht. De opinie neigt naar steeds zwaardere straffen, mede om eigen schuld en schaamte te onderdrukken. Men vindt dan ook altijd wel een zondebok: illegale vreemdelingen, zwarte mensen, drugsverslaafden, soms ook homo's. Het risico bestaat dat wie de beste papieren en de beste PR heeft, daarmee ook de meeste kans heeft om een veroordeling te ontlopen. In dit verband noemde Mitchell de zaak Simpson symptomatisch voor het Amerikaanse rechtsbestel. Maandenlang verschenen de rechtzaken fife op televisie. De vraag dringt zich op in hoeverre Simpson daarmee meer kans had om gevangenisstraf te ontlopen dan een immigrant in een New Yorks' getto.

Verstandelijk gehandicapten in de gevangenis
Wat heeft het voorgaande nu met verstandelijk gehandicapten te maken?
Uit onderzoek blijkt dat enige tijd geleden 10% tot 40% (afhankelijk van de staat) van de gevangenisbevolking in de USA verstandelijk gehandicapt was. Natuurlijk moeten we hierbij niet denken aan diepzwakzinnigen, maar aan licht verstandelijk gehandicapten.
Deze mensen hebben het vaak moeilijk in de samenleving; ze moeten op hun tenen lopen om het vol te houden.
Als je dan ook nog in een getto woont, in een gebroken gezin opgroeit en lid bent van een minderheidsgroep is het perspectief nog minder rooskleurig.
Vaak is niet bekend hoe en waar men hulp kan vragen. Bovendien is er fors bezuinigd op de zorg, waardoor veel verstandelijk gehandicapten en psychiatrische patiënten op straat zwerven.
Ze worden gemakkelijk 'misbruikt' ten behoeve van criminele activiteiten (bijv. het ophalen en wegbrengen van drugs). Vaak hebben deze verstandelijk gehandicapten over zichzelf vaak al het beeld opgebouwd dat alles toch mislukt: ze komen dus ook nauwelijks voor zichzelf op. Een man die ter dood was veroordeeld had zelfs nog nooit een advocaat persoonlijk gesproken...
Overigens is inmiddels het aantal verstandelijk gehandicapten in de Amerikaanse gevangenissen, dankzij een betere 'screening', sterk gedaald.

Straffen of iets leren?
Het strafmodel heeft, aldus Mitchell, in de geschiedenis bewezen dat het minder goed werkt dan een rehabilitatiemodel.
In het laatste geval leer je iemand om zich anders te gaan gedragen; je biedt hem of haar alternatieven aan (een goed voorbeeld van zo'n model zijn de programma's die De Hoop in Dordrecht aanbiedt). Helaas blijken veel justitiële programma's in de USA papieren programma's te zijn.
Het geld is er niet en dus is de houding: zo goedkoop mogelijk opsluiten.
Zo creëer je dus justitiële draaideur patiënten: een paar jaar gevangenis, een jaar vrij, weer een paar jaar in gevangenis.
Gelukkig kon Mitchell ook een zeer effectief programma noemen, waarbij slechts een gering aantal mensen opnieuw in de gevangenis terecht kwam. Het kán dus wel (en het is ook nog uiteindelijk goedkoper).

Criminaliteit als signaal
In Nederland is de situatie heel anders dan in de USA. Tijdens het congres kreeg ook een medewerker van een TBS-kliniek het woord. In zo’n kliniek worden mensen opgenomen, die ter beschikking zijn gesteld van de regering (TBS). Deze medewerker, die vroeger in de zorg voor verstandelijk gehandicapten werkte, kwam daar een aantal ex-cliënten tegen. Hij vroeg zich af waarom deze mensen uiteindelijk een dermate zwaar misdrijf hadden gepleegd, dat ze TBS kregen. Het bleek dat veel (Iicht-) verstandelijk gehandicapten een aantal jaren in de samenleving hadden gefunctioneerd.
Wel was er steeds sprake geweest van kleine vergrijpen. Hij interpreteerde deze signalen als een schreeuw om hulp. Alleen: die schreeuw was niet opgepakt. Justitie liet de mensen steeds weer binnen 24 uur vrij. Uiteindelijk liep de zaak dan volkomen uit de hand en kon men het misdrijf niet meer negeren. Dan volgde een TBS-maatregel. Overigens werd ook gesignaleerd dat veel mensen uit deze groep al op jonge leeftijd vaak problemen gaven (o.a. vandalisme), maar dat de signalen niet voldoende waren onderkend, noch door de ouders, noch door het onderwijs. In dat verband was een bijdrage in het Nederlands Dagblad over de opvang van allochtone jongeren typerend. De moraal was: als we nu niets doen, zijn het straks gewetenloze jongeren op wie we iedere grip zijn kwijtgeraakt1.
Wie de verhalen uit Nederland en uit de USA naast elkaar zet, komt tot de conclusie dat het kwaad wel degelijk begrensd moet worden. Als kleine vergrijpen als een signaal om hulp worden gezien, mogen ze niet genegeerd worden. Bovendien is ingrijpen alleen al vanuit de positie van het slachtoffer gezien zeer gewenst. Het is dus niet zo dat het kwaad niet begrensd moet worden: daar zijn noch dader noch slachtoffer bij gebaat.

Vergeving, straf en behandeling
Terug naar Dr. Mitchell. Hij vindt ook dat crimineel gedrag een roep om hulp is en ook dat de samenleving beschermd moet worden. Maar dan altijd: in een bredere context. "Met alleen zwaardere straffen los je de kwestie van de vele miljoenen handwapens en moorden in de VS niet op", aldus Mitchell. "Wanneer we kijken naar ontsporingen in het menselijk gedrag, zie je daarbij steeds weer de driedeling: zonde, misdaad en (geestes-)ziekte. De antwoorden op deze 3 elementen zijn: vergeving, straf en behandeling. Wie zoekt naar een vorm om vastgelopen mensen verder te helpen, zal deze 3 gebieden moeten bekijken. Wie alleen maar aan therapieën denkt, komt niet verder; wie denkt dat je met steeds zwaardere straffen de samenleving helpt, zal ook geen stap verder komen," aldus Mitchell. "Een straf of een therapie is altijd onvolledig wanneer we de zonde buiten beschouwing laten. Alleen als je de 3 elementen in hun samenhang bekijkt kom je tot een maatschappelijk en geestelijk gezond antwoord. Straf, therapie en vergeving horen bij elkaar.
Erkenning van schuld en het zien van de mogelijkheid tot vergeving vormen de sleutel om uit veel maatschappelijke dilemma's te komen. Vergevenzijn en een genadig antwoord krijgen: dat is waar de mens naar verlangt. Daar gaat een genezende werking vanuit."

Heeft Mitchell gelijk?
Het betoog van dr. Mitchell maakte op mij een diepe indruk. Toch wil ik nog enkele kanttekeningen plaatsen. In de eerste plaats de rol van de vergeving.
Wie geen slachtoffer is, heeft immers gemakkelijk praten. Hoe moeten we dat vergeven-zijn zien? Soms wordt er in christelijke kring te gemakkelijk een appèl gedaan op de vergevingsgezindheid.
We vragen dan aan een incest-slachtoffer om de dader bij voorbaat al vergeven. Als religieus thema deel ik echter het uitgangspunt van dr. Mitchell: wie weet dat hem zijn zonden vergeven zijn, kan daardoor een nieuwe start maken.
Het is daarnaast van belang dat we het betoog van dr. Mitchell plaatsen in de context van de positie van verstandelijk gehandicapten in de USA. Het zijn vaak kansloze burgers. Dat is een heel ander verhaal dan dat van mensen die willens en wetens de ander financiëel, lichamelijk of psychisch benadelen. Deze mensen verdienen een duidelijk antwoord op hun gedrag.
Er blijft nog een vraag knagen: hoe gaan we zelf om met mensen voor wie geen plek is in de samenleving? Ooit publiceerde 'Opbouw' een interview met een lid van één van onze kerken die wekelijks gevangenen in de Scheveningse strafgevangenis opzocht2. In dat vraaggesprek kwam een grote mate van christelijke bewogenheid naar voren met de mens áchter het masker van geweld en onrecht. Te vaak wordt er alleen maar gepleit voor zwaardere straffen, zonder daarbij met christelijke bewogenheid te denken aan de gevangenen. "Ik constateer een zeer hoog verband tussen de behandeling van dieren, de toepassing van de doodstraf en de behandeling van gehandicapten," zegt Temple Grandin3. Met andere woorden: de manier waarop we in de samenleving met gevangenen, asielzoekers, gehandicapten en bejaarden omgaan staat niet los van elkaar.....

Wat is onze bestemming?
Tot slot nog twee anekdotes. In een vraaggesprek met een jonge vrouw die vaak 's avonds laat door een 'drugsbuurt' naar huis moest antwoordde ze op de vraag of ze dan boos of bang wordt: "Soms wel. Maar dan realiseer ik me weer dat God ook van hen houdt. Hij heeft er verdriet van dat ze zo zijn gaan leven. Dat was niet Zijn bedoeling."
Dan een gedeelte uit een preek. Toen iedereen verontwaardigd was over 'de zaak Dutroux' vroeg een predikant: "Hebt u wel eens voor Dutroux gebeden?
Wat hij gedaan heeft is meer dan verschrikkelijk. Maar realiseert u zich dat het ook heel erg is dat deze man niet tot zijn bestemming is gekomen?
God wilde niet dat een mens zó zou verworden. Dat is vreselijk, dat deze man God niet heeft leren kennen."
Misschien geven beide voorbeelden aanleiding om niet alleen aan zwaardere straffen te denken. Meestal hebben daders van misdrijven méér nodig....

Noten:
1 Esther de Hek: Als je nu niets doet, worden het tieners zonder mededogen. In: Nederlands Dagblad, 2 januari 1997
2 Achter gesloten deuren. In: 'Opbouw', 1992/26
3 In: Oliver Sacks, Een antropoloog op Mars. blz. 309

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief