Afstemmen op Gods klok
1997-02-07
Jezus is te gast bij Simon de melaatse (Matth. 26:6-13). Hij is daar onder vrienden die een maaltijd voor Hem hebben aangericht (Joh. 12:2,3). Jezus wist dat Hij binnen een week zou sterven (en hoe!). Toch isoleert Hij zich niet.- Jaargang 41
- nummer 3
Veel mensen zouden in zulke omstandigheden zeggen: eten interesseert me niet meer. Ze zouden het niet kunnen verdragen dat er aan tafel gepraat werd over de kwaliteit van de boontjes en van het vlees. Jezus onttrekt zich daar niet aan. Omdat er voor Hem geen tegenstelling bestaat tussen het doen van Gods wil (lijden en sterven) en eten (vgl. het Onze Vader), loopt Hij in deze situatie niet van tafel weg. Dan giet Maria een kruikje met kostbare zalfolie over Hem uit. De waarde ervan bedroeg 300 schellingen. Een dagloner zou met zijn gezin 300 dagen van dat bedrag kunnen leven. Geen wonder dat er bij de discipelen verontwaardigde reacties loskomen. Wat een verkwisting, zeiden ze. En dan te bedenken dat er zoveel armen zijn in dit land!
Ook wij zouden vermoedelijk zo gereageerd hebben: het is onverantwoord zoveel geld over de balk te gooien, terwijl in de derde wereld massa's kinderen sterven van de honger. De discipelen kunnen daarbij ook nog gedacht hebben aan Jezus' opdracht aan de rijke jongeling (Matth. 19:21).
Toch vergisten de discipelen zich, omdat ze niet tot zich lieten doordringen hoe laat het was op Christus' klok. Wie dat niet in rekening brengt, weet niet meer waar de prioriteiten liggen. Dat is ook nu nog zo. Wie zich niet realiseert dat hij in de laatste dagen leeft. kiest zijn prioriteiten verkeerd (zie Luc. 12:42-46: Jak. 5:3) Ons leven behoort afgestemd te zijn op Gods klok (1 Petr. 4:7v: 2 Petr. 3:11).