Tegenstrijdigheid?

1997-02-21
  • Jaargang 41
  • nummer 4
"En zie, nu reis ik, gebonden door de Geest, naar Jeruzalem..."
Hand. 20:22
"Dezen (de discipelen) zeiden Paulus door de Geest, dat hij zich niet naar Jeruzalem moest inschepen"
Hand. 21:4

Bij het lezen van de Bijbel stuiten wevoortdurend op moeilijke teksten en ook op moeilijke combinaties van teksten. Zo'n moeilijke combinatie hebben we hier voor ons. Daarmee moet je dan allereerst voor jezelf in het reine zien te komen. Daarna kun je proberen andere lezers al tastend te helpen met wat je meent gevonden te hebben.
Daarbijmaak je dan al gauw een soort rondreis langs diverse gegevens in de Bijbel. Dat kan ons van nut zijn bij het lezen.


In de beide teksten hierboven komt de moeilijkheid duidelijk voor ons te staan.
In de eerste tekst is Paulus aan het woord. Heel sterk zegt hij daar tot de oudsten van Efeze, dat de Heilige Geest hem alle vrijheid ontnomen heeft (gebonden) een andere weg te kiezen dan de reis naar Jeruzalem, wat hem daar ook te wachten staat! In de tweede tekst zijn de discipelen in Tyrus aan het woord, die Paulus door de Geest (!!) - als profeten dus! - de reis naar Jeruzalem sterk ontraden en dat is dan nog zacht uitgedrukt! De ene Geest in beide teksten. Wat moeten wij daarmee?

Tyrus' profeten naast Agabus
Wat we in 21:4 als een boodschap-aan-één-stuk aantreffen vinden we verderop (21: 10-12) merkwaardigerwijze in tweeën gesplitst. In dat laatste gedeelte horen we hoe Agabus op zeer beeldende wijze profeteert wat Paulus in Jeruzalem overkomen zal: het gebonden worden van Paulus door de Joden en zijn uitlevering aan de heidenen!
Dan sluit Agabus zijn mond.
Het zijn Paulus' metgezellen en de broeders ter plaatse, die het tweede deel voor hun rekening nemen: de sterke aansporing om niet naar Jeruzalem te reizen. Inderdaad, een uitsplitsing van wat we in 21:4 als eenheid aantreffen. Die eigenaardigheid kan ons verder brengen. De Heilige Geest heeft zowel de broeders in Tyrus alsook Agabus laten zien wat Paulus in Jeruzalem overkomen zou. Dat was alles "door de Geest" (21:4). Daarna treedt er een verschil aan de dag. Agabus overtreft de broeders te Tyrus in nederigheid en eerbied doordat hij zijn mond sluit aan het einde van het gezicht dat hij ontvangen heeft. De broeders in Tyrus gaan evenwel verder.
Zij menen de bedoeling van de Geest begrepen te hebben en geven die mét de eigenlijke profetie door! Dat ligt zeer voor de hand. Het is eigenlijk vanzelfsprekend. Maar de eerbied en de nederigheid van Agabus leiden Paulus en de gemeente op een betere weg! Agabus laat ons - om een beeld te gebruiken - de Bijbel lezen, de discipelen van Tyrus laten ons een parafrase lezen waarin naast de tekst heel wat eigen uitleg is verwerkt!

Voorde hand liggend!
Het past ons niet de staf te breken over de discipelen van Tyrus! Wat zij deden - we zeiden het al - ligt zeer voor de hand. Denk eens aan een voorval uit de geschiedenis van David.
Als David via Abjathar en de door Abjathar meegenomen efod heeft vernomen, dat Saul zeker met kwade bedoelingen naar Kehila zal komen en dat de burgers van Kehila David stellig aan Saul zullen overleveren, verlaat David ijlings Kehila om Saul te ontgaan.
Dat had de Here niet letterlijk zo gezegd. Het was Davids eigen conclusie.
Maar daar was kennelijk niets mis mee! (Zie 1 Sam. 23:9-13.) De broeders in Tyrus hebben kennelijk net als David geredeneerd. De Geest waarschuwt ons en door ons Paulus! Laat een gewaarschuwd man ook nu voor twee tellen! Eigenlijk waren deze discipelen/profeten de eerste en prille aanhangers van de toch niet onbedenkelijke regel, die in de latere theologie zijn plaats zou gaan innemen: Wat je met een goede gevolgtrekking uit Gods Woord kunt afleiden is ook zelf Gods Woord! Niet onlogisch! Maar... wanneer is de gevolgtrekking goed?

Een voorbeeld uit oude tijd
Kwam dat wel eens voor, dat een profeet de eigenlijke boodschap van de Here aanvulde met een eigen conclusie of uitwerking? Prof. C. van Gelderen wijst in zijn zeer lezenswaardige verklaring van de Boeken der Koningen op de profetie van Elisa in 2 Koningen 3:16-19. De verbonden legers van de koningen van Israël, Juda en Edom dreigen om te komen van dorst in de woestijn. De vijand Moab zal hiervan profiteren. Men komt bij de profeet Elisa om hulp. De profeet spoort hen aan greppels te graven, die door de Here Zelf met water zullen worden gevuld, zodat het volk kan drinken.
Maar dan gaat Elisa verder! Hij beveelt toepassing van de 'tactiek der verschroeide aarde' op Moab, waarbij hij ook het vellen van alle goede bomen noemt (19) - in strijd met de bepaling van Deut. 20:19-20!! Van Gelderen ziet dit als een door de profeet zelf met de eigenlijke boodschap verweven uitwerking en aanvulling, ingegeven door toorn tegen de erfvijand van Israël. Daarbij zal Elisa stellig gedacht hebben, dat zijn boodschap als 'goede gevolgtrekking' uit Gods boodschap was op te vatten, waarbij hij evenwel het concrete gebod van de Here vergat! De koningen volgen Elisa's voorschrift. Hieraan verbindt Van Gelderen de toorn van de Here, die over Israël kwam en die schijnbaar uit de lucht kwam vallen (27). Als Paulus zegt, dat de geesten van de profeten aan de profeten onderworpen zijn, heeft dat kennelijk een zeer wijde strekking (1 Kor. 14:32). Zelfbeheersing! Zelf-binding!

Beoordeling!
Handelingen 21 is mede te zien als een toelichting op - en een verklaring van - Paulus' voorschrift, dat de profetieën 'beoordeeld' behoren te worden (1 Kor. 14:29). De Here heeft niet gewild, dat zijn discipelen en zijn gemeenten zich met huid en haar aan elke profetische boodschap zouden uitleveren.
De in Hand. 21 genoemde boodschappen vroegen van Paulus een eigen oordeel, gegrond op wat hijzelf omtrent het plan van Christus had mogen verstaan. Daarbij maakten de discipelen in Tyrus het hem onbedoeld erg moeilijk, terwijl de bescheiden en eerbiedige Agabus hem de nodige ruimte liet!

Tenslotte...
Het was, zoals uit het slot van dit gedeelte (Hand. 21:13-14) blijkt, niet de bedoeling van de Heilige Geest, dat Paulus van zijn reis naar Jeruzalem zou afzien! Maar wat was dan wél de bedoeling? Daarover zal ik kort zijn.
Temeer omdat ik het over die bedoeling al eens eerder in ons blad heb gehad. De gevangenneming van Paulus zal voor de gemeenten een geweldige schok zijn. Paulus was een goed instrument van Christus en van het komende Koninkrijk (Hand. 9:15). Hoe zal het verder moeten, als dat instrument uitgeschakeld wordt? Is het de Here dan toch uit de hand gelopen?
Komt de grote stagnatie dan toch? Dan denken we aan Joh. 16:4. De Here heeft daar gezegd, dat verbanning uit de synagoge zijn discipelen zal treffen en dat zij zelfs gedood zullen worden.
En dan komt het: "Maar deze dingen heb ik tot u gesproken, opdat, wanneer hun uur komt, gij u moogt herinneren, dat Ik ze u gezegd heb". Men zou in die uiterste nood zo licht kunnen denken, dat de zaak des Heren het in deze wereld toch moet afleggen! Maar dan komt de herinnering aan de woorden van de Here ons troosten: Hij heeft het wel geweten! Het gaat niet buiten Hem om! Het is Hem niet uit de hand gelopen!
En zo wil de Here door de profetische boodschappen de wanhoop wegnemen, die Paulus' gevangenneming zo gemakkelijk over de gemeenten zou kunnen brengen. Ze hebben dus een soortgelijke functie als het gezicht en de boodschap van Stefanus vlak voor het uitbreken van de grote vervolging in Jeruzalem (Hand. 7:54-8:3). Een machtige boodschap: Wees niet bang.
De Here heeft het wel geweten! Het is Hem niet uit de hand gelopen! Hij is er bij! Hij staat daar aan Gods rechterhand!
We begonnen met de vraag: Is er sprake van een tegenstrijdigheid?
Wat kan zo'n eenvoudige vraag ons merkwaardig ver wegvoeren!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief